'Handvest bevat weinig nieuws'

Kritische Iraniërs weinig enthousiast over het burgerrechtenhandvest dat onlangs naar buiten is gebracht

TEHERAN - "Niet revolutionair maar beter dan niets." Zo typeert mensenrechtenactiviste Shahla Mohammedi de opzet van een burgerrechtenhandvest waarin de rechten van de burgers in Iran staan.

Het is voor het eerst sinds de islamitische revolutie in 1979 dat de rechten van de Iraanse burger systematisch op schrift zijn gesteld in het vorige maand gepresenteerde handvest. Maar niet iedereen is enthousiast.

De tekst van twintig pagina's is gebaseerd op Iraanse wetgeving op het gebied van mensen- en burgerrechten met enkele aanvullingen uit de wetgeving van andere landen. Het handvest verwerpt discriminatie op basis van ras, religie of geslacht, en propageert het recht op een eerlijk proces, vrijheid van vereniging en vrijheid van politieke partijen en minderheidsgroeperingen. Na een inspraakperiode van twee maanden zal het parlement erover stemmen.

Mohammedi had gehoopt op een opener, universeel handvest dat niet ingekaderd is door religie en culturele waarden. Die werken volgens haar beperkend. "Voor mij gaat het lang niet ver genoeg", zegt ze. "De Iraanse grondwet erkent bijvoorbeeld persvrijheid, maar alleen wanneer die niet ingaat tegen islamitische waarden. En ik ben bang dat belangrijke aanvullingen op het document straks toch door het parlement weggestemd zullen worden."

"Maar", zegt ze ook, "het is goed dat er zwart op wit wordt vastgesteld wat nu eigenlijk de rechten zijn van de burgers in dit land. Een groot probleem nu is immers het gebrek aan transparantie: wat mag wel en wat niet? Mensen hebben behoefte aan duidelijkheid."

Het was niet toevallig dat het voorlopige handvest rond president Rohani's honderdste regeringsdag naar buiten werd gebracht. Het moet laten zien dat Rohani zijn verkiezingsbeloften voor verbetering van de mensenrechten en inspraak voor burgers waarmaakt. Er klinkt immers steeds meer kritiek dat Teheran dan wel een nucleair akkoord met het Westen heeft weten te sluiten, maar dat de mensenrechtensituatie totaal niet is verbeterd.

Op het moment dat de regering zat te onderhandelen in Genève, werd er in Teheran een jonge man publiekelijk opgehangen. En het aantal executies is volgens Amnesty International zelfs verhoogd. De laatste anderhalf jaar zouden er 724 executies hebben plaatsgevonden, waarvan tientallen sinds Rohani's aantreden in augustus.

Ook staan de oppositieleiders Mehdi Karoebi, Mir Hossein Moesavi en diens vrouw Zahra Rahnavard al meer dan duizend dagen onder huisarrest. De roep om hun vrijlating klinkt steeds luider, zoals ook onlangs weer door honderden studenten in een volgepakt amfitheater van de Shahid Beheshti universiteit tijdens de Dag van de Student.

Rohani zegt nog steeds in zijn speeches dat de regering zich inspant voor hun vrijlating, maar dat het volk geduld moet hebben. Conservatieve elementen houden vrijlating tegen. Zo zei de ultra-conservatieve geestelijke Ahmad Jannati in een preek na het vrijdaggebed: "De oppositieleiders hebben grote maatschappelijke onrust veroorzaakt. Ze mogen blij zijn dat ze de doodstraf niet hebben gekregen."

In een opiniestuk in de Washington Post kraakte de Iraanse advocate en Nobelprijswinnares Sjirin Ebadi onlangs Rohani's inspanningen: "Een klein aantal politieke gevangenen is vlak voor de nucleaire onderhandeling als symbolisch gebaar vrijgelaten maar er zitten er nog veel vast, meestal in erbarmelijke omstandigheden."

Ebadi was ook kritisch over het handvest dat volgens haar weinig juridische implicaties zal hebben en eigenlijk slechts een aantal bestaande wetsartikelen opsomt.

Elham Aminzade, woordvoerster van het Iraanse ministerie van buitenlandse zaken, noemt de kritiek van Ebadi 'niet accuraat, niet objectief en onrealistisch'. "Het document geeft een duidelijk beeld van de rechten van burgers. Het opent de deur voor mensen om kennis te nemen van hun politieke, juridische, economische, culturele en sociale rechten."

Maar Ebadi staat niet alleen in haar kritiek dat het handvest feitelijk weinig nieuws bevat, en zelfs de weg naar verbeteringen afsluit. Zo vermeldt de tekst dat 'er geen sprake kan zijn van nieuwe rechten die niet in de Grondwet worden genoemd'. Daarmee is het handvest volgens critici slechts een bewustmaker van bestaande rechten, met als enige toegevoegde waarde dat de overheid er bij toekomstig beleid misschien iets meer rekening mee houdt.

Ziba Najdal, hoofd van een researchcentrum voor vrouwen en kinderen, vindt het sowieso nuttiger om beperkende culturele gebruiken en denkbeelden te veranderen dan wetten. "Je kunt bijvoorbeeld prachtige arbeidsrechten toekennen aan vrouwen. Maar als de mentaliteit is dat een vrouw niet hoort te werken, heb je daar weinig aan."

Over het handvest zegt zij: "Het is haastig geschreven omdat het klaar moest zijn voor de honderdste regeringsdag van de president. Dat heeft ertoe geleid dat sociale problemen niet goed zijn bestudeerd."

Nog steeds censuur
Ondanks Rohani's belofte om een eind te maken aan de censuur is daar nog steeds sprake van. Zo werd op 28 oktober de hervormingsgezinde krant Bahar gesloten, na publicatie van een artikel dat volgens het ministerie van cultuur en islamitische leiding een vervormd beeld gaf van de islam. Asghar Gharavi, de journalist die het artikel had geschreven, werd gearresteerd.

Ook arresteerde de Iraanse moraliteitspolitie deze maand de zeer populaire Iraanse 'underground-rapper' Amir Tataloe omdat hij zou samenwerken met illegale buitenlandse satellietzenders. Daarnaast werden in de provincie Kerman zeven medewerkers van Naranji, een website voor technische gadgets, gearresteerd. De reden hiervoor is niet duidelijk, maar zou te maken kunnen hebben met het blogger-verleden van sommige medewerkers.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden