Handgranaten en intimidatie bij verkiezingsstrijd in Bihac

BIHAC - De achtjarige Sedina Kajtezovic kijkt de onbekende bezoekers vanuit haar ziekenhuisbed zwijgend aan. Ze is nog maar net van de intensive care gekomen. Direct levensgevaar lijkt te zijn geweken, maar het is de vraag of ze ooit weer zal lopen. Sedina heeft een paar dagen geleden zwaar heupletsel opgelopen als gevolg van een ontploffende handgranaat, die door een raam in haar slaapkamer werd gegooid.

In het huis van de familie Kajtezovic in Gornja Luka, 45 kilometer ten noorden van Bihac, krijgen we van Sedina's 22 jaar oude broer Samir te horen wat er op die bewuste zaterdag 10 augustus is gebeurd.

In het naburige Velika Kladusa hadden aanhangers van de SDA (de Partij voor democratische actie, van president Alia Izetbegovic) met het oog op de verkiezingen van 14 september een bijeenkomst gehouden. Een aantal bezoekers, vooral gedemobiliseerde militairen van het nauw met de SDA verweven Vijfde korps van het Bosnische leger, was zich te buiten gegaan aan bier en andere alcoholhoudende dranken. Na afloop van de bijeenkomst waren om half zeven 's avonds twee auto's met vijf aangeschoten, vlaggen zwaaiende partijgangers opgedoken in Gornja Luka, een dorp dat wordt bewoond door volgelingen van Fikret Abdic, een onafhankelijke plaatselijke kandidaat bij de verkiezingen. Abdic is een omstreden figuur, niet alleen in de ogen van de SDA: tijdens de gevechten om de moslim-enclave rond Bihac koos hij de zijde van de Servische belegeraars. De in het Kroatische Rijeka woonachtige Abdic wordt nu door de regering in Sarajevo gezocht wegens oorlogsmisdaden.

Bij het huis van Sulejman Kajtezovic, die door de week als gastarbeider in Oostenrijk werkt en bekend staat als Abdic-aanhanger, begonnen de SDA-ers met lege bierblikjes te gooien. “Schamen jullie je niet?” vroeg zoon Samir. De zaak liep snel uit de hand, waarbij Kajtezovic en z'n vrouw op een gegeven ogenblik met hooivorken op de auto's insloegen. De gealarmeerde politie suste de verhitte gemoederen en verzekerde de familie Kajtezovic dat ze rustig konden gaan slapen.

Explosie

Dat bleek een verkeerde inschatting. Even voor middernacht werd de familie wakker door glasgerinkel en een enorme knal. Een handgranaat ontplofte in de slaapkamer op de eerste verdieping waar Sulejmans drie dochters slapen. Hasibe vertelt: “Ik zag de granaat door het raam naar binnen komen, toen was er een lichtflits en een enorme knal, en ik zag mijn zusje Sedina door de explosie omhooggetild worden. . . Daarna was er alleen nog maar gegil en het geluid van rennende voetstappen rond het huis. De kamer was vol rook. Mijn vader probeerde de slaapkamerdeur open te maken. Overal was bloed. . .”

Samir vertelt dat ze 's nachts geen oog meer dichtdoen. Hondengeblaf houdt de nog altijd in shock verkerende familie wakker. Hoewel de namen van de daders van de aanslag bekend zijn - een keer had Samir in een langharige voorbijganger één van de bierblikjes-gooiers herkend - heeft de politie nog niemand gearresteerd.

We zijn de eerste journalisten die in Gornja Luka komen kijken. Misschien is het gebrek aan belangstelling van de pers voor het drama te verklaren uit twijfel: is hier echt meer aan de hand geweest dan een zwaar uit de hand gelopen burenruzie met tragische afloop?

Al weken gaat de verkiezingsstrijd rond Bihac gepaard met veel geweld. De SDA van president Izetbegovic biedt oppositiepartijen nauwelijks de gelegenheid campagne te voeren. Dat alle aanplakbiljetten behalve die van de regerende partij routinematig worden afgescheurd is nog een relatief milde strijdmethode; er is sprake van regelrechte terreur wanneer huizen van oppositieleiders 's nachts met handgranaten worden bestookt. Enige tijd geleden is opposant en ex-premier Haris Silajdzic, die met zijn Partij voor Bosnië-Hercegovina een multi-etnische toekomst nastreeft in Cazin (de tweede stad van het gebied), door SDA-aanhangers met een loden pijp bewerkt.

Etnische factoren - elders in Bosnië van doorslaggevend belang - lijken hier nauwelijks een rol te spelen. Het noordwesten is etnisch homogener dan de rest van Bosnië, maar de tegenstellingen tussen moslims onderling zijn hier even groot als in andere streken de tegenstelling tussen Bosnische moslims en Kroaten of Serviërs. Vóór of tégen het SDA, daar gaat het rond Bihac om. Oppositiepartijen die het SDA zouden kunnen afhouden van een overweldigende zege worden op z'n best gezien als hinderlijke storingsfactor, vaker als clubs van landverraders.

Dat geldt zeker voor de aanhangers van de afvallige moslimleider Fikret Abdic, die zich verkiesbaar heeft gesteld voor de gemeenteraad. De voormalige zakenman, politicus en krijgsheer Abdic - door zijn tienduizenden volgelingen liefkozend 'Babo' (vadertje) genoemd - maakte vroeger in zijn eentje de dienst uit in het gebied ten noorden van Bihac. Het door hem geleide Agrokomerc-concern verzekerde hem en zijn aanhangers van een goede boterham. Dat Abdic eind jaren zeventig wegens wat al te scherp zakendoen enige tijd in de gevangenis had moeten doorbrengen maakte hem bij zijn aanhang alleen maar populairder.

Toen in Bosnië de burgeroorlog uitbrak bleef Abdic handel drijven met de Serviërs en Kroaten. Tegelijkertijd organiseerde hij een privé-legertje. In september 1993 brak hij met de regering in Sarajevo, sloot vrede met de Servische belegeraars van de Bihac-enclave en vocht met hen tegen het in Bihac gestationeerde Vijfde korps van het door moslims gedomineerde Bosnische regeringsleger.

Kippenhokken

Een jaar later slaagde het Vijfde korps onder generaal Dudakovic erin de moslimrebellen uit de enclave te verjagen. Abdic vluchtte met 30 000 aanhangers de Bosnisch-Kroatische grens over naar zijn bondgenoten, de Krajina-Serviërs. Zelf verbleef hij in een hotel, zijn volgelingen moesten in kippenhokken zien te overleven. Abdic gaf de moed niet op en een paar maanden later slaagde zijn legertje er zowaar in het gebied rond Velika Kladusa te heroveren op het Vijfde korps. Abdic keerde in triomf terug uit ballingschap, maar toen het Kroatische leger vorig jaar augustus de Krajina op de Serviërs heroverde moest hij andermaal zijn biezen pakken. Sindsdien vertoeft Abdic in zijn huis aan de Kroatische kust.

Een deel van zijn aanhang is teruggekeerd naar hun oorsponkelijke woonplaatsen, nu weer onder het bewind van de regering in Sarajevo. Duizenden verblijven nog in ellendige omstandigheden in een inmiddels gesloten verklaard vluchtelingenkamp in Kroatië.

Samir Kajtizovic heeft deze ontwikkelingen van nabij meegemaakt zonder er veel van te begrijpen. Zijn oudere broer had aanvankelijk deel uitgemaakt van het Vijfde korps, was op aanraden van zijn moeder overgelopen naar Abdic en vervolgens aan het front gesneuveld. “Het Vijfde korps heeft mijn broer vermoord”, zegt Samir. “Daarom ben ik bij de Abdic-militie gegaan.”

Abdic-aanhangers zijn niet populair bij de plaatselijke politie, die voor een belangrijk deel bestaat uit ex-militairen van het Vijfde korps. Het wordt zelfs niet uitgesloten dat de recente aanslagen met handgranaten het werk zijn van de politie - tenslotte zijn zíj de enigen die na elf uur nog op straat mogen zijn.

Stemmen

Als we in Cazin aangaan bij het plaatselijke hoofdkwartier van de International Police Task Force (IPTF, de VN-organisatie van politiemensen van over de hele wereld die toezicht houden op de plaatselijke politie in Bosnië) blijkt dat men geheel op de hoogte is van de aanslag op de familie Kajtezovic. We slagen erin de details die Samir en Hasibe ons hebben verteld bevestigd te krijgen. Maar verder durft geen van de Russische, Jordanese, Ghanese, Maleisische of Nederlandse politiemensen iets tegen de pers te zeggen. Een ogenschijnlijk uit 'Hill Street Blues' weggelopen, op de Balkan verdwaalde, Amerikaanse politieofficier lijkt te popelen om ons te woord te staan maar zoekt tevergeefs naar een functionaris die de vereiste toestemming kan geven. De Poolse commandant van het bureau komt de bezoekers een hand geven, maar zodra hij hoort dat we journalist zijn maakt hij zich uit de voeten. Niets mag de goede betrekkingen van de IPTF met de plaatselijke politie verstoren.

Samir betwijfelt of de verkiezingen iets voor hem zullen veranderen. “Maar ik ga in elk geval stemmen”, zegt hij. “Voor vrede, voor een veilig bestaan. Op welke partij weet ik nog niet. Niet op de SDA, want dat is de partij van het Vijfde legerkorps dat mijn broer heeft vermoord. Misschien op de partij van Abdic. Heel Gornja Luka was voor Abdic. Nu heeft niemand hier in het dorp werk, want alle baantjes gaan naar SDA-leden. Na de verkiezingen wordt het misschien beter. Als Abdic terugkomt . . .”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden