Handen af van de abortuswet

Stichting Schreeuw om Leven demonstreerde in 2009 met plastic modellen van ongeboren kinderen van tien weken tegen abortus. Beeld anp
Stichting Schreeuw om Leven demonstreerde in 2009 met plastic modellen van ongeboren kinderen van tien weken tegen abortus.Beeld anp

'Ieder uur sterft een vrouw vanwege de bruidsschat,' kopte deze krant afgelopen zaterdag in een verontrustende recensie over het leed van vrouwen wereldwijd. 'Iedere minuut worden vijf foetussen geaborteerd omdat het meisjes zijn'. Het boek 'De oorlog tegen vrouwen' van de Britse journalisten Sue Lloyd-Roberts kan geen opwekkende kost zijn. Maar met dat laatste argument dreigt ze haar zaak gevaarlijk te overschreeuwen. Onbedoeld bevestigt ze wat tegenstanders van abortus al sinds jaar en dag roepen: dat vruchtafdrijving een vorm van moord is.

Ger Groot

Het bewijst ook hoe hachelijk het denken over abortus is - en hoe gemakkelijk vrouwvriendelijkheid daarin kan omslaan in ongewild anti-feminisme. Nog altijd hebben we geen antwoord op de vraag wat een foetus nu eigenlijk precies is. 'Een kind in wording', zullen ouders in blijde verwachting zeggen. 'Een kluitje menselijke cellen', zegt de vrouw die ongewenst zwanger is geraakt en daar zo snel mogelijk vanaf wil.

Ze hebben allebei gelijk en jarenlange pogingen om die twee met elkaar te verzoenen hebben nauwelijks tot iets geleid. Alle voorstellen om na zo-en-zoveel weken een scherpe grens te trekken waarna een vrucht pas echt een mens mag heten zijn uiteindelijk tamelijk willekeurig gebleken. Wordingsprocessen laten zich alleen maar beschrijven als achtereenvolgende stadia en niet in hun verglijden zelf. Dus bevinden we ons onvermijdelijk op glad ijs wanneer we daarover willen nadenken.

De taal brengt tot uitdrukking wat dingen zíjn - en dus doen onze wetten, die in taal zijn uitgedrukt, dat ook. Een mens mag je niet doden, een klontje cellen is ons tamelijk onverschillig. Op de beweeglijke tussenfase waarin dat laatste op weg is naar het eerste krijgen we logisch geen vat. We willen duidelijke definities, scherpe afbakeningen - en alles wat daarin in wording is verdwijnt dan onder de radar. Er blijft slechts één alternatief over: het een of het ander.

Compromis
Niemand is met de Nederlandse abortuswetgeving helemaal tevreden. Dat ze zulke duidelijke sporen toont van een compromis komt niet alleen doordat ze moest worden uit-onderhandeld door politieke partijen met heel verschillende opvattingen. Maar vooral doordat de zaak zelf zich zo slecht leent voor de scheiding tussen ja en nee waar de wet om vraagt. Knutselwerk was daarvan het gevolg en het ziet er niet naar uit dat dat ooit anders zal worden.

Aan dat houtje-touwtje compromis en de praktijk die daaruit van lieverlee is gegroeid morrel je dus maar beter niet. De discussie die sommige christelijke partijen daarover dit najaar willen aanjagen lijkt me dan ook een slecht idee. Voor je het weet ben je terug in de politieke verdeeldheid waarin partijen elkaar nooit zullen ontmoeten omdat ons denken nu eenmaal geen coherent antwoord toestaat.

Want beide partijen hebben hun ontegenzeglijke gelijk. Abortus ís een vorm van moord en een vrouw ís baas in haar eigen buik. Een wet krijg je tussen beide alleen maar gefrommeld wanneer je ze alle twee een béétje erkent. En vervolgens niet te veel nadenkt, want ook met incongruenties kunnen we over het algemeen slecht overweg. Dus interpreteren we de werkelijkheid liefst zo dat ze overeenkomt met wat we wenselijk achten.

Zelfbeschikkingsrecht
Een paar jaar geleden ontdekte een groot internationaal onderzoek dat een substantieel deel van de vrouwen die abortus hadden ondergaan daarmee achteraf flink met zichzelf in de clinch geraakt zei te zijn. Het persbericht dat over het onderzoek de wereld in werd gezonden zweeg daarover; en ook de daaropvolgende discussie stond geheel in het teken van het verbijsterend percentage vrouwen dat daarin verklaarde ooit slachtoffer te zijn geweest van seksueel geweld. Het eerste paste niet in de vrijheid-blijheid gedachte van probleemloze zelfbeschikking, het tweede - als aanklacht - maar al te goed. En dus bleef de abortus-bevinding onopgemerkt in de cijferberg van het rapport.

Zoiets zou koren op de molen zijn van het anti-abortuskamp - dat van zijn kant het vrouwelijke zelfbeschikkingsrecht dan weer vaak wat lichthartig opneemt. De kloof tussen die twee komt niet allereerst voort uit onwil, vooringenomenheid of kwade zin, zoals wederzijds nogal eens wordt gedacht. Uiteindelijk berust hij in de ongrijpbare aard van de werkelijkheid zelf, en de beperking van ons denken dat daarop vat probeert te krijgen. Dat deed er dan ook maar het beste aan het eigen gelijk niet van de dagen te schreeuwen - en te berusten in het wetgevend gefröbel waarin de politiek het minste van alle kwaden heeft gezocht.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden