’Hand van Steen’ sloopt Murray

Fernando Gonzalez op Roland Garros 2009 (Trouw) Beeld
Fernando Gonzalez op Roland Garros 2009 (Trouw)

Met de als derde geplaatste Brit Andy Murray verdween op Roland Garros wederom een favoriet voor de titel. De Chileen Fernando Gonzalez zette hem met fabelachtig tennis de voet dwars.

Andy Murray deed geen poging zijn bewondering af te vlakken. In de kwartfinale van Roland Garros stuitte hij op een tegenstander op wie geen maat stond. De machtige forehand van Fernando Gonzalez kreeg hem op de knieën (6-3 3-6 6-0 6-4). Zelfs in topvorm had de Brit hem een antwoord schuldig moeten blijven.

„Soms moet je je erbij neerleggen dat iemand te goed voor je is”, vertelde Murray. Met ontzag keek hij hoe Gonzalez ballen vanuit elke positie omtoverde in een winner. „Zelfs als ik zijn backhand bestookte vond hij vliegensvlug een manier zijn forehand te gebruiken. Daar doe je simpelweg niets tegen.”

De Chileen kwam met een reputatie naar Parijs. In zijn vaderland gaat hij door het leven als ’Mano de Piedra’ (’Hand van Steen’). Gonzalez deelt de geuzennaam met de Panamese ex-bokser Roberto Durán. Het verhaal gaat dat één aanvaring met zijn rechtervuist voldoende was om tegenstanders versuft op het canvas te laten vallen.

Geconfronteerd met de analogie haalde Gonzalez zijn schouders op. Een tennispartij duurt veel langer dan een gevecht in de ring. Om iemand knock-out te krijgen had hij een karrenvracht aan klappen nodig. Hij vond zijn gespierde bijnaam eigenlijk onprettig klinken. „Noem me maar Fenya, een afkorting van Fernando."

Zijn bescheiden houding kwam niet onverwacht. De 28-jarige Zuid-Amerikaan heeft relativeren tot een kunstvorm verheven. Hij haalt geraffineerd de scherpe kantjes af van het heldenepos dat journalisten in Chili rondom hem schrijven. Als de complimenten hem te veel worden, schildert hij een beeld van een broze, onhandige man.

„Ik word ouder”, verzuchtte hij vorige week. „Het kost me steeds meer moeite om me aan te passen aan nieuwe omstandigheden. Ik kwam door een blessure later in Parijs dan gebruikelijk. Dat merkte ik. Na mijn eerste partij worstelde ik nog met de naweeën van een jetlag. Trainen doe ik steeds minder, maar wel met een hogere intensiteit.”

Zijn uitleg over de kwetsuur was aandoenlijk. „Hou het op een mysterie”, zei hij, voordat hij van wal stak. Gonzalez zette vorige maand in Rome handtekeningen, toen fans aan de andere kant van de baan hem wenkten. Met een sprintje rende hij hun kant op, totdat zijn enkel dubbel klapte. „In de kleedkamer merkte ik hoeveel pijn het deed.”

Murray trof geen klunzige bejaarde aan de andere kant van het net. Met zijn baard van drie dagen en brede schouderpartij boezemde Gonzalez ontzag in. Zijn spel liep vanaf de eerste game gesmeerd. Hij vloog van links naar rechts over de baan en liet geen kans onbenut. Diens perfectie dreef Murray, na Federer de hoogst geplaatste speler op Parijs, tot wanhoop.

Het geheim van zijn niveau schuilde volgens Gonzalez, die in Parijs nooit verder kwam dan de kwartfinale, in zijn relaxte benadering van de sport. Zijn coach Martin Rodriguez steunt hem hierin. Als de Chileen geen zin heeft, laat hij na een half uurtje een techniektraining voor wat die is. Ter compensatie jogt hij dan een tijdje op de loopband die in zijn woonkamer staat.

„Ik geniet van rennen”, vertelde Gonzalez. „Veel meer dan ik vroeger deed. Toen vond ik het spelen van lange rally’s een crime. Nu ben ik geduldiger. Dat krijg je vanzelf als je ouder wordt. Ik speel veel conservatiever, op het puriteinse af. Mijn harde forehand gebruik ik alleen als het moet.”

Tegen Murray kwam het voordeel hiervan tot uiting. Gonzalez, in 2007 finalist op de US Open, combineerde pure slagkracht met finesse. Op een zwiepende forehand volgde net zo makkelijk een dropshot of een lob. Het gevoel in diens rechterpols ontregelde de Brit volledig. Telkens redde de Zuid-Amerikaan zich met een toverbal uit een hachelijke situatie.

Uit op een vernedering was hij niet. Gonzalez en Murray mogen elkaar graag. Tijdens het toernooi sparden ze tweemaal samen. Het onderlinge respect bleef na afloop intact. Zelfs zijn overmacht in de derde set (6-0) bagatelliseerde hij. „Zo’n score tegen Andy?”, stelde de nummer twaalf van de wereld retorisch. „In een potje tafeltennis zou dat nog onrealistisch lijken. Hij maakte gewoon te veel fouten. Meer niet.”

Gonzalez treft in de halve eindstrijd Robin Söderling. De Zweed, verantwoordelijk voor de uitschakeling van Rafael Nadal, rekende in drie sets af met de Rus Nicolai Davidenko (6-1 6-3 6-1).

(Trouw) Beeld REUTERS
(Trouw)Beeld REUTERS
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden