Had je het ook zo warm vannacht?

WIM BOEVINK

Naar de stad begeef ik me, om de hitte te zien. De hitte is natuurlijk overal, maar in de stad is hij het meest present.

Daar staat hij tussen de huizen, hangt aan gevels met al hun ramen open als tongen uit een hondebek, kleeft aan asfalt en brandt zich in het plastic van terrasstoelen.

De Spaanse pluim.

Zuidwestelijke stroming.

The wind is in from Africa, last night I couldn't sleep, zong Joni Mitchell op haar fameuze album 'Blue'.

Afrika, Spanje, de hitte is hier.

En hij is in de mensen gekropen.

Ze gaan licht gekleed, veel shorts, vrouwendijen, mannenkuiten, ertussen een knie, voeten in slippers, overal tenen.

Ze praten over het weer.

Over de warmte. Dat het al september is. Dat ze de warmte zat zijn.

"Had je het ook zo warm vannacht? Ja, ik sliep in het topje."

Flard van gesprek op terras.

Over records, gretig opgetekend door weermannen en weervrouwen. Op weerkaarten staren we naar een vuurrood Nederland.

De hitte zit in de mensen.

Ze zijn aangebrand, lees maar na bij Ephimenco, eerder deze week.

Ik zie ze in de stad, ze bewegen trager dan anders, loom als de bries die af en toe genadig door de stegen blaast.

Ze hebben kleur, ook de witte mensen. Hun gezichten staan vermoeid, ze hebben weinig geslapen, net als Joni, ze kregen de warmte niet hun huizen uitgeduwd. Het zomert door. De septemberwarmte heeft al iets onfatsoenlijks. Een logé die te lang blijft.

We werken weer, de vakantie ligt achter ons, toen het regende. Nu wacht de hitte ons op, als we terugkeren uit onze kantoren, bedrijven en scholen en lacht ons uit.

We genieten hem niet, hij bezet ons.

De roos bloeit weer, potplanten schieten in de knop, de braam spuwt bijna zwarte vruchten, fluwelig als framboos. Spinnen glanzen in zonnestralen.

Ik kijk naar het groen van de bomen, de bomen die nog groen zijn, maar het is een oud en dof groen geworden.

Moet de cyclus verschuiven, naar drie seizoenen, een lente, een zomer, een herfst?

Vieren we een uitzonderlijke hittegolf in september of moeten we het naderend einde van de winter herdenken?

Drie hete dagen in september, en langs alle polen storten ijswanden loodrecht in zee; op Taiwan en China rolt een monsterstorm aan en voor Den Haag CS staat een snoeihete trein stil, vol naar koelte snakkende passagiers.

Drie zulke dagen en de apocalyps is niet ver.

We zoeken in de namiddag de koelte van een plas, de hele samenleving ligt er, in al zijn delen, Erdogan, Gülen, op het droge, stoppelige gras, of op het door mensenhand opgeworpen strand.

Er is geen schaduw.

We zitten onder een blauwe koepel en in de drens van de A2.

De enige strandtent met de naam Beachhouse Key West is dagen volgeboekt met reserveringen. Naar het strand toe heeft de strandtent zich afgesloten. Bij de enige open ingang aan de achterzijde staat een medewerker bezoekers te controleren.

Oases zijn schaars.

Nog één keer dertig graden.

Nog één dag onder de Spaanse pluim.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden