'Had ik maar in Zuid-Afrika gevoetbald toen ik begin 20 was'

Een carrière in Zuid-Afrika is voor Nederlandse voetballers ongebruikelijk. Maar Alje Schut en Kees Kwakman hebben het er naar hun zin. 'Als je een tijdje naar een land als dit gaat, word je volwassen.'

Of Alje Schut (34, ex-FC Utrecht) melk in zijn koffie wil. "Echte Nederlandse koffiemelk", lacht Volendammer Kees Kwakman (31). Hebben zijn schoonouders meegenomen. Die zijn op bezoek in Zuid-Afrika. De twee zitten op Kwakmans terras, dat uitkijkt over zijn weelderige achtertuin in Sandown, een luxe wijk van Johannesburg. De twee voetballers wonen bij elkaar om de hoek.

Schut is bezig aan zijn derde seizoen bij Mamelodi Sundowns uit Pretoria, waarmee hij vorig seizoen als aanvoerder kampioen werd. Kwakman kwam vorig jaar naar Bidvest Wits uit Johannesburg.

De overstap naar Zuid-Afrika is ongebruikelijk. Kwakman en Schut zijn dit jaar de enige Nederlandse spelers op het hoogste Zuid-Afrikaanse niveau. "Ik heb ook wel getwijfeld", geeft Kwakman toe. "Ik hoorde verhalen over criminaliteit in dit land. Ik tekende daarom voor slechts één jaar. Maar nu ik hier woon, zeg ik: ik had wel voor vier jaar willen tekenen."

Want het niveau is best hoog. "Met Sundowns zouden we goed meekunnen in de eredivisie", verzekert Schut. "Op veel vlakken zijn spelers hier beter dan in Nederland. Ze zijn fysiek sterker en sneller. Mijn eerste wedstrijden schrok ik me dood: veel spitsen hier lopen de honderd meter onder de elf seconden. Alleen op tactisch vlak is het soms gênant. En de basistechniek, het aannemen en inspelen, laat te wensen over."

Dat komt doordat er geen goede jeugdopleiding bestaat. Zonde volgens Schut, maar niet gek. "Mensen worstelen hier vaak met grote problemen. Talenten moeten soms al jong geld verdienen voor hun arme gezinnen. Trainen komt dan op de tweede plek. Een speler uit mijn team leefde tot zijn dertiende op straat."

Kwakman valt hem bij: "Wij hebben een talent van 17 jaar. Zijn beide ouders zijn overleden en hij heeft geen voogd. Dus kan hij pas een contract tekenen als hij 18 wordt."

Schut werd door trainer Johan Neeskens naar Pretoria gehaald. "Ik wilde na dertien jaar FC Utrecht ver weg, avontuur, geen Duitsland of België", zegt hij. Dat Neeskens drie maanden na zijn komst werd ontslagen, was een teleurstelling. Maar ook de Zuid-Afrikaanse opvolger bleek een schot in de roos. Bovendien bevalt het leven in Zuid-Afrika prima. "Het is absoluut geen derdewereldland", zegt hij. "Neeskens zei al: 'Denk niet dat je in een lemen hutje moet wonen.' Zuid-Afrika is op veel plekken juist luxe en modern, de verschillen zijn alleen enorm groot. En als je geen gekke dingen doet, valt het met de criminaliteit best mee. Mij is nog nooit iets vervelends overkomen."

De sfeer rond voetbal is in Zuid-Afrika bovendien ongekend positief, zegt Kwakman. Hooliganisme bestaat er niet. "Fans van verschillende clubs zitten gewoon door elkaar op de tribune. Supporters zijn niet tegen elkaar, maar dansen de hele wedstrijd samen. Er is zo weinig negativiteit."

En ook fijn: hij wordt op straat zelden herkend. Schut beaamt dat. "Zeker als je in een blanke omgeving bent, kun je helemaal jezelf zijn. Heerlijk. Niemand die op je let." Voetbal is in Zuid-Afrika bij uitstek een zwarte sport. "Townships ga ik daarom wel liever in met petje en zonnebril op", lacht hij. "Maar zelfs daar is iedereen respectvol en enthousiast, ongeacht of zij voor mijn club zijn of niet."

Leerzaam is zelfs voor de twee veteranen de Zuid-Afrikaanse wedstrijdmentaliteit. "Ik zou willen dat ik hier had gespeeld toen ik begin twintig was", zegt Kwakman. "Dat was goed voor me geweest. Iedereen speelt hier écht om te winnen."

Zuid-Afrikanen voetballen nog echt om het geld, legt Schut uit. Veel donkere spelers hebben een hele familie te onderhouden en kunnen dus elke winstpremie goed gebruiken. "Op de training zijn ze soms laks, maar zodra het fluitje gaat, klapt iedereen er vol in."

Natuurlijk is het aanpassen, zowel binnen als buiten de lijnen. "Aan doordekken hebben ze hier een hekel", geeft Schut als voorbeeld. "Je moet jezelf een andere voetbalvisie aanmeten." En in het dagelijks leven is de voor-wat-hoort-wat-mentaliteit soms storend. Maar dan helpt het wel weer voetballer te zijn. "Ik neem altijd wat petjes van de club mee als ik iets moet regelen", grijnst hij. "Daarmee kom je in dit land overal."

Toch gaat hij na dit seizoen terug naar Nederland. Vanwege zijn kinderen. Maar hij zou elke voetballer een Zuid-Afrikaans avontuur aanraden. "Als je een tijdje naar een land als dit gaat, word je volwassen. Het is persoonlijke levensverrijking."

En of Kwakman langer blijft? "Ik voel me hier goed", zegt hij. "Maar mijn gezin mist Nederland wel, dus we zullen zien." Hij zet intussen zijn mes in een stuk ontbijtkoek. "Echte Nederlandse, Alje, proeven?"

undefined

Alje Schut en Kees Kwakman

Alje Schut (1981) doorliep de jeugdopleiding van Feyenoord. Hij speelde daarna dertien jaar voor FC Utrecht, voordat hij naar Mamelodi Sundowns in Zuid-Afrika vertrok.

Kees Kwakman (1983) komt uit de jeugdopleiding van FC Volendam. Daarna volgden RBC Roosendaal, NAC Breda, FC Augsburg in Duitsland, FC Groningen, opnieuw NAC, en nu dus Bidvest Wits.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden