Had God het net rustig, moet hij politici helpen

Wat kunnen denkers zeggen over het nieuws? Tweewekelijks spreekt Trouws filosofisch elftal zich uit. Vandaag: ’Oprechte christenen’ kiezen voor de SP, VVD-leider Rutte vertelt dat hij voor het slapen gaan bidt. Is er wat mis met het vermengen van godsdienst en politiek?

’Het staat politici vrij om hun inspiratie overal vandaan te halen’’, zegt René Gude, directeur van de Internationale School voor Wijsbegeerte. „Voor het Goede kunnen zij inspiratie putten uit de religies, voor het Schone uit de kunsten, en voor het Ware uit de wetenschappen.’’

Gude denkt dat politieke partijen als de SP naar religie grijpen om mensen enthousiast te maken. „Gospel en preek zijn gericht op een saamhorige sfeer, waarin met overtuiging een woord gesproken wordt waar de aanwezigen gezamenlijk achter staan. ’We weten wat goed is en we doen samen het goede’.”

Zo werkt dat: eensgezindheid maak je door het zingen van kerkliedjes. Gude vindt het best. „We hebben recht van vergadering. Zolang iedereen maar beseft dat een religieuze gemeenschap een andere betekenis heeft dan een politieke, is er geen probleem. Binnen de religieuze gemeenschap is er een gedeelde moraal en een absolute waarheid. Daar regeert de onwrikbare overtuiging met gelijkgezinden. Maar zodra je de kerk verlaat en het publieke domein betreedt, stuit je op andersdenkenden, en die vragen een andere benadering. Je kunt in de Tweede Kamer niet in een oratorium uitbarsten, in tongen spreken, klokken luiden en gospels zingen. Daar spreekt niet het hart, maar het verstand.’’

In het politieke domein, zegt Gude, is nooit sprake van slechts één overtuiging. „Daar moeten verschillende gemeenschappen het met elkaar uit zien te houden. Dus moet je meningsverschillen accepteren. Daar heb je weinig meer aan de geopenbaarde waarheid. Je zult met elkaar moeten onderhandelen, argumenteren en redeneren. Dat vereist een heel andere geestesgesteldheid en aanzienlijk meer geduld.’’

Gude ziet naast knusse ook onaangename kanten aan de terugkeer van de religie in de politiek. „Politici gaan steeds meer varen op het geloof en minder op de rede. Ze argumenteren minder en verketteren elkaar. Ik hoor vaak: ’Vertrouw op mij, want ik ben goed en ik heb meer daadkracht dan de slechte anderen’. Daar hoort bij dat je tegenstanders niet langer bestrijdt met argumenten, maar hen monddood maakt. Demoniseren is niets anders dan alles wat iemand zegt bij voorbaat voor onredelijk verklaren.’’

Gude: „Het gevaar van charisma en daadkracht is dat kiezers geen idee meer hebben waar het om draait. Ze stemmen op iemand die voor hen moet denken. De partijleider openbaart de waarheid, de gelovigen hebben daar ’een goed gevoel bij’. Dat is iets om in de gaten te houden. Al eerder hield een volk op met argumenteren en besloot democratisch een geboren leider te volgen. Dat blijft de achilleshiel: dat democratie met democratische middelen om zeep te helpen is.’’

De Grondwet, zegt Afshin Ellian, hoogleraar sociale cohesie, burgerschap en multiculturaliteit aan de Universiteit Leiden, verhindert met de scheiding van kerk en staat het sterk vermengen van politiek en religie. Politici die zich religieus laten inspireren, tasten die scheiding niet aan, want ze houdt enkel in dat staat en kerk zich niet met elkaar mogen bemoeien.

De Amsterdamse stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch wil, tegen moslimradicalisering, een ambtenaar aanstellen die een gematigde (Ellian: ’vegetarische’) islam moet verspreiden. Dat druist volgens Ellian in tegen de Grondwet. „De overheid hoort geen nieuwe religieuze stroming tot stand te brengen, ook niet als die veel prettiger is dan de bestaande. Anders wordt Nederland een Turkije, met een van staatswege voorgeschreven religie.’’

De oorsprong van de scheiding van kerk en staat, legt Ellian uit, is niet seculier, maar christelijk. Jezus zei: ’Geef aan de keizer wat van de keizer is, en geef aan God wat van God is’. Kerkvader Augustinus staat met zijn ’twee rijken’ in deze traditie. „De stad van God, waarin perfecte vrede, gerechtigheid en goedheid heerst, is anders dan de stad van de mens waar het allemaal niet zo perfect toegaat.’’

Ellian: „De macht wordt in ons politieke stelsel niet gelegitimeerd door te verwijzen naar God, maar door te verwijzen naar de volkssoevereiniteit. Niet Gods woord telt, maar de menselijke overtuigingen en argumenten. Rousseau schrijft dat het christendom de eenheid tussen de politieke en de theologische wereld verstoorde. Hij schrijft ook dat de profeet Mohammed die eenheid in de islam weer heeft hersteld. Dat had hij goed gezien.’’

Dat areligieuze partijen zich op het christendom gaan beroepen, vindt Ellian ’hoogst hypocriet en onwenselijk’. „De kern van het socialisme is dat de mens zich los moet maken van het hogere, de oorzaken voor het bestaan van een hel op aarde doorgronden en de hemel op aarde bewerkstelligen. Als socialist moet je dan niet opeens God gaan uitvinden om stemmen te trekken.’’

SP-lijstduwer Huub Oosterhuis zou wat ’radicaler’ moeten zijn, zegt Ellian – de priester-dichter zou ’het goede voorbeeld’ moeten geven en eens wat asielzoekers in huis opnemen. „Je kunt niet een beroep doen op de radicaliteit van het geloof, maar van anderen vragen het vuile werk voor je op te knappen.’’

Ellian heeft ’medelijden met God’. „Had hij hier eindelijk een vreedzaam bestaan, ver van alle politiek, wordt hij te voorschijn geroepen om atheïsten aan stemmen te helpen. Arme God. Ik vind het sneu.’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden