Haat tegen Vietnamees leidt tot plunderingen en moord

De in het Westen vaak bejubelde oppositieleider Rainsy ontkent aan te zetten tot racisme

PHNOM PENH, CAMBODJA - Chanthy vreesde op 3 januari voor haar leven. Een woedende menigte drong die dag het koffiehuis binnen waar zij werkt. "Yuon! Yuon!" riepen de mannen. "We maken je dood!" De 28-jarige serveerster viel op haar knieën. "Ik ben Cambodjaanse", smeekte ze. "Laat me alsjeblieft leven." Een van de mannen keek haar kort aan en antwoordde: "Goed, jij mag blijven leven, maar de Vietnamezen gaan eraan."

Chanthy en haar Vietnamese collega, die via het dak ontsnapte en door de Cambodjanen laagdunkend 'yuon' wordt genoemd, overleefden de aanval. Maar toen de Vietnamese eigenaresse Daan Ti Hanh twee dagen later terugkeerde in Phnom Penh, stond alleen het gebouw nog overeind. De complete inboedel was gestolen, vernield of verbrand. Ook twee andere Vietnamese bedrijven werden diezelfde dag bestormd door een plunderende menigte. Autoriteiten en critici wijzen naar dezelfde persoon als aanstichter: de in het Westen vaak bejubelde oppositieleider Sam Rainsy.

"Rainsy heeft echt een verantwoordelijkheid in het geweld", zegt Ou Virak. De president van het Cambodian Center for Human Rights waarschuwde vorig jaar al dat de speeches van de oppositieleider aanzetten tot racisme en geweld. Rainsy keerde afgelopen zomer na vier jaar zelfgekozen ballingschap terug naar Cambodja en beschuldigt de Vietnamezen er onder meer van illegaal de grens over te steken, banen in te pikken en land af te pakken. De in binnen- en buitenland vaak als redder van Cambodja beschouwde Rainsy vertelt zijn aanhangers bovendien dat, als hij aan de macht komt, hij ervoor zal zorgen dat de Vietnamezen het land uitgaan.

"De Vietnamezen zijn de zondebok van de oppositie", zegt Virak. "In plaats van dat we erkennen dat er politieke problemen zijn tussen Cambodja en Vietnam en er een debat over voeren, geven we de Vietnamezen overal de schuld van."

Een maand na de plunderingen, die plaatsvonden toen enkele straten verderop een staking van textielarbeiders uitmondde in rellen met vijf doden en tientallen gewonden, gebeurde waar de mensenrechtenactivist al maanden voor vreesde. Een Vietnamees werd doodgeslagen door een groep Cambodjanen toen hij betrokken raakte bij een verkeersongeluk. De man woonde al sinds zijn geboorte in Cambodja. "Doordat we de Vietnamezen demoniseren, doen we alsof ze geen mensen meer zijn", legt Virak uit. "Daardoor ontstaat ruimte voor geweld, en zelfs voor moord."

Virak's publieke strijd tegen racisme en tegen Sam Rainsy's politieke standpunten is niet zonder gevolgen. Oppositieaanhangers beschuldigen hem ervan voor Vietnam te werken en sturen hem doodsbedreigingen. Viraks Facebookpagina liep de afgelopen maanden vol met hatelijke opmerkingen. "Ik kom op voor de rechten van de minderheden, maar men doet alsof ik een Vietnamese spion ben of aan de leiband loop van de overheid", zegt hij. "De bedreigingen zijn zo serieus dat ik me niet zonder gevaar voor eigen leven in een menigte kan mengen. Als er een demonstratie is, zijn ze op zoek naar me."

Sam Rainsy zelf ontkent aan te zetten tot racisme. De oppositieleider claimt dat zijn woorden verkeerd worden begrepen en dat zijn partij niets tegen Vietnamezen heeft, maar opkomt voor Cambodja's belangen en zich verzet tegen de nauwe band die de regering heeft met Vietnam. In een reactie op de moord op de Vietnamese man riep de oppositieleider op 'ieders leven te respecteren, ongeacht diens etniciteit of nationaliteit'.

Daan Ti Hanh hoopt dat Rainsy's woorden bewaarheid worden. De eigenaresse van het koffiehuis kan nog steeds moeilijk bevatten wat er is gebeurd. "Er was voor 40.000 dollar schade", vertelt ze. "Zelfs onze kleren zijn kapotgescheurd en ons bestek is meegenomen."

Inmiddels heeft ze het café weer op orde. Drie gloednieuwe televisies staan loeihard, Cambodjaanse mannen drinken ijskoffie. "Veel van onze klanten komen hier al jaren", zegt Ti Hanh. "Ze houden van ons, waarom zouden we dan weggaan uit Cambodja?"

Jarenlange bezetting
Cambodja heeft al jaren een moeilijke relatie met Vietnam. Nadat Vietnam in januari 1979 via een invasie het moorddadige Rode Khmer-regime verdreef, hield het Cambodja tot eind 1989 bezet. In deze periode vestigden grote groepen Vietnamezen zich illegaal in Cambodja en werd de inmiddels bijna dertig jaar regerende premier Hun Sen geïnstalleerd. Doordat de pro-Vietnamese Hun Sen nog altijd nauwe banden onderhoudt met Vietnam, zijn tegenstanders van de premier ervan overtuigd dat Hanoi nog immer aan de touwtjes trekt. De anti-Vietnamgevoelens worden verder aangewakkerd door de betrokkenheid van Vietnamese bedrijven bij landonteigeningen en ontbossing in Cambodja.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden