Haarscheurtjes in het gezicht van De Ongenaakbare

Alain Delon als antiekhandelaar Monsieur Klein. (Trouw)

’Mr. Klein is de mooiste rol die ik ooit gespeeld heb’, vond Alain Delon. Hij noemde de film ’mijn kindje, de film van Joe en mij’. In een interview met Ab van Ieperen, opgenomen in de bundel ’Filmster is een vak’, licht de acteur, halverwege jaren zeventig terugblikkend op de eerste fase van zijn carrière, zijn voorkeur voor de film wat slapjes toe: „Het was voor mij een totaal ongebruikelijke rol met emoties die ik nooit gekend heb”.

Zulke vage uitspraken doen acteurs wel vaker, zeker wanneer ze hun nieuwste film promoten. Maar kan een acteur z’n eigen oeuvre analyseren? Als lezer snap je wel zo’n beetje wat hij zegt. In ’Mr. Klein’, die hij zelf produceerde, hoeft Delon niet de mooie man uit te hangen. Zijn schoonheid opende weliswaar deuren, later moest hij zich verweren tegen zijn pretty boy-imago. „Shirley MacLaine heeft na ’The Yellow Rolls-Royce’ gezegd dat ik het mooiste was wat ze gezien had sinds Liz Taylor, alleen wat langer en dunner () Wanneer je daarmee steeds geconfronteerd wordt, dan is het moeilijk je zelfrespect te bewaren.”

Als toeschouwer snap je nog beter wat Delon bedoelt. In ’Mr. Klein’ (1976) ontstaan kleine barsten in dat lege, vlakke gezicht van De Ongenaakbare. Delons portfolio bestaat vooral uit mannen die dóen: of ze nu gangster, politie-inspecteur, huurmoordenaar of idealistische dief zijn, ze hebben hun zaakjes onder controle. Monsieur Klein daarentegen is slachtoffer. En dat levert een ander soort Delon op.

’Joe’, dat is Joseph Losey (1909-1984). De Amerikaanse regisseur die veel in Engeland en Frankrijk werkte, maakte een beklemmende, kafkaëske film over een Parijzenaar die in 1942 wordt aangezien voor een Joodse naamgenoot. In het begin onderhandelt Robert Klein nog met vileine luchtigheid over kunstwerken die een wanhopige Joodse man hem verkoopt. Maar even later valt er een Joods blaadje op de deurmat en moet hij zien te bewijzen dat hij níet Joods is. Klein verzeilt in een machteloosheid die leidt tot regelrechte paniek – iets wat je zelden in Delons ogen ziet. Overigens blijft het bij kleine barstjes hoor. Na één flinke woedeaanval hervat Monsieur Klein zich weer heel behoorlijk en ziet uiteindelijk zijn lot koel, beheerst tegemoet. Delon blijft natuurlijk Delon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden