Haar tafel kon niet vol genoeg zijn

Tineke Lof 1927-2014

Haar dorp werd haar al gauw te klein en ze vertrok. Het onbekende bleef haar altijd boeien.

Als ze de tafel dekte, dan zette ze altijd een bord extra klaar. Want je wist maar nooit wie er nog kwam aanwaaien. Wat haar betreft kon het gezelschap niet groot genoeg zijn. Behalve haar man en acht kinderen schoven er altijd wel mensen aan. Dan fleurde ze op en genoot ze van de discussies, die ze met luide stem onderbrak: "En nu gaan we eten, de soep wordt koud".

Veel werk maakte ze niet van het eten, het moest in een half uur, hooguit drie kwartier klaar zijn. Alleen het toetje, daar gaf ze als snoepkous wat meer aandacht aan.

Van thuis was Tineke van der Kooij gewend te zorgen voor een hele meute. Op boerderij en kaasmakerij 'Duivenvlugt' bij het Zuid-Hollandse dorp Maasland kwamen veel mensen over de vloer. Zij kreeg als tweede meisje al jong huishoudelijke taken in het gezin van elf kinderen. Het gezin had nog groter kunnen zijn als er niet twee kinderen waren overleden in de crisisjaren. Tineke en vier andere kinderen liepen tuberculose op. Daar hield ze alleen wat kortademigheid aan over.

Toen ze twaalf jaar oud was, zag ze in de verte Rotterdam branden na het Duitse bombardement. Dat was het begin van een spannende en soms angstige tijd. Haar ouders boden onderdak aan Joden en aan boerenknechten die niet naar Duitsland wilden. Tineke had als taak iedereen van eten te voorzien.

Van haar moeder leerde ze patroontekenen, zodat ze van oude kleren nieuwe jurkjes voor haar zusjes kon maken. Ze had er aardigheid in en volgde een opleiding voor coupeuse. Ook bij ooms en tantes ging ze kleren verstellen. Haar komst was een feest, want dan kwamen er nieuwe kleren.

Dorpse wereld

Na de oorlog werd het dorpse wereldje haar al gauw te klein. Terwijl de ene na de andere zus trouwde, bleef zij achter op de boerderij. Dat wilde haar vader zo houden, maar met steun van haar moeder wist ze uiteindelijk toestemming te krijgen om een opleiding tot gezinsverzorgster te volgen aan een nieuwe, gereformeerde instelling in Amsterdam. Ze was toen een jaar of 23.

Als gezinsverzorgster leerde ze een grote verscheidenheid aan mensen kennen. Ze werkte bij deftige mensen in Den Haag en bij vissers in Scheveningen.

Die verschillen tussen mensen bleven haar boeien. Ze hield van het 'vreemde' en ze vond het bekrompen als mensen daar moeite mee hadden.

Eén gezin in Den Haag zou haar leven drastisch veranderen. Een moeder met vier zonen, in leeftijd variërend van vijf tot vijftien, was net overleden aan kanker toen Tineke voor zes weken in huis kwam. Een jaar later, in 1957, trouwde ze als 29-jarige met de acht jaar oudere weduwnaar, Dirk Lof. Ook hij was van boerenafkomst, maar hij had door mogen leren en zou later registeraccountant worden.

Ze verhuisden naar Zwolle, waar hij de financiële leiding kreeg bij elektriciteitsbedrijf de IJsselcentrale. Voor de vier jongens was het een enorme stap. Niet alleen hadden ze een nieuwe moeder, die maar veertien jaar ouder was dan de oudste zoon, ook moesten ze het stadse Den Haag verlaten voor een provincieplaats.

Luiers

Binnen vijf jaar kregen Dirk en Tineke nog drie zoons en een meisje, terwijl de oudste drie het huis uit gingen om te studeren. Als de jongens in het weekeinde thuiskwamen, waste zij hun hemden samen met de luiers van de jongste. Het echtpaar slaagde erin van het gezin één geheel te maken.

Kordaat regelde Tineke het huishouden, zoals ze thuis en in haar opleiding had geleerd. In het begin was ze calvinistisch streng en kwamen de acht kinderen weleens individuele aandacht te kort. Maar geleidelijk werd ze soepeler in haar regels.

Tineke had haar tafel vol. Maar er konden er nog meer bij. Toen ze in 1968 een statig huis met vijf grote slaapkamers aan de Veerallee in Zwolle konden betrekken, was iedereen welkom. Een nicht uit Canada, een student die nergens een kamer had kunnen vinden en zelfs een vluchtelingenpaar uit Eritrea vonden bij Tineke en Dirk onderdak.

Met die vluchtelingen kon ze aanvankelijk geen woord wisselen. Hij was een voetballer die in de oorlog met Ethiopië een arm had verloren. Met zijn vrouw zocht hij tijdelijk onderdak. Ze bleven enkele maanden.

Nieuwe werelden

Met vakantie gingen ze graag kamperen, altijd met een tent. Al begin jaren zestig trokken ze naar het buitenland, vooral Zuid-Europa. In de jaren zeventig gingen ze op familiebezoek in Canada. Nieuwe werelden bleven haar boeien.

Tineke was net 40 toen ze grootmoeder werd. Ze was 55 toen ze alleen kwam te staan. Dirk overleed in 1982, en ook haar jongste kind ging als studente op kamers wonen. Tineke moest haar leven opnieuw inrichten.

In de Zwolse wijk Aa-landen Noord vond ze een kleiner huis, dat nog altijd groot genoeg was voor logerende kinderen.

Ze stortte zich op vrijwilligerswerk, ze ging Frans leren, boeken lezen en veel reizen - naar familie in Australië en Canada en naar twee van haar kinderen die tijdelijk in Afrika woonden.

Haar netwerk aan contacten werd nog groter toen ze leerde mailen. Kort geleden ging ze ook skypen en kocht ze een iPad. Ze ging met haar tijd mee.

Tineke bleef gezond, alleen had ze de laatste tijd de steun van een rollator. Verder leek er niets met haar aan de hand. Ze kocht begonia's voor een fleurig balkon in de zomer, en belde zoals gebruikelijk uitgebreid met familie. De volgende dag viel haar hart stil.

Catharina Lof-van der Kooij werd geboren op 27 juli 1927 in Maasland, Zuid-Holland. Ze stierf op 24 april 2014 in Zwolle.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden