'Haal euthanasie uit het strafrecht'

Ziekenhuizen en artsen zijn huiverig voor euthanasie. Palliatieve sedatie is populairder, zo blijkt uit de cijfers. Toch gaat dat lang niet altijd goed, vertelt Ruud Schenk. Ook de NVVE hoort het wekelijks.

Dertien jaar na de invoering van de euthanasiewet moet het systeem grondig op de schop. Euthanasie moet uit het strafrecht en als normaal medisch handelen worden beschouwd.

Dat zegt Robert Schurink, sinds september directeur van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde, de NVVE. Hij wijst erop dat van de 15.000 jaarlijkse euthanasieverzoeken nog altijd twee derde wordt afgewezen; volgens hem lang niet altijd omdat artsen principiële bezwaren hebben, maar ook omdat ze terugdeinzen voor het juridische proces dat euthanasie met zich kan meebrengen.

Wanneer een arts zo'n verzoek wil inwilligen, moet hij te rade gaan bij een tweede arts en na afloop rapporteren aan de toetsingscommissie euthanasie. Als die vindt dat er 'onzorgvuldig' is gehandeld, gaat het dossier naar het Openbaar Ministerie, dat beoordeelt of ze een arts vervolgen.

"Dat systeem blijkt overbodig", zegt Schurink, "want het OM heeft in al die jaren nog nooit besloten om een arts te vervolgen. Toen deze wet is opgetuigd, dachten we: gaat dat wel goed? Nu blijkt dat artsen dit professioneel uitvoeren, is het tijd om hiermee op te houden."

Schurink is zich ervan bewust dat er in de Tweede Kamer weinig animo is om de zwaar bevochten euthanasiewet open te breken. Maar hij denkt te kunnen aanhaken bij de commissie van wijzen van Paul Schnabel, die binnenkort met een advies komt over het vraagstuk rond ouderen die hun leven voltooid achten en euthanasie willen. Hij verwacht dat er dan tóch een discussie zal losbarsten, dus waarom dan óók niet over dit punt, vindt hij. "Met het op leeftijd raken van een groep babyboomers is het tijd om de volgende stap te zetten. Dat zijn mensen die hier goed over hebben nagedacht en de eigen regie willen behouden. Die kun je niet in de kou laten staan."

Als voorbeeld noemt hij de praktijk in ziekenhuizen, waar per jaar duizenden patiënten overlijden tijdens palliatieve sedatie, een diepe slaap die het sterven niet mag versnellen, maar wel pijnloos moet maken. Dat er in ziekenhuizen jaarlijks maar 175 keer euthanasie wordt verleend, bewijst volgens hem dat artsen zo'n sedatietraject vrijwel standaard aanbieden. "Wat ik hoor, is dat ze lang vaag doen over euthanasie en uiteindelijk zeggen: 'Nu is het te laat'. Dat kun je niet maken."

De palliatieve route is volgens hem bovendien niet altijd even prettig. "Elke week worden wij vijf tot tien keer gebeld door mensen die zeggen dat hun vader of moeder tóch met veel pijn is overleden. Dan denk ik: zo zou het natuurlijk niet moeten."

Hoewel hij euthanasie gelijk wil trekken aan palliatieve zorg, blijft wat Schurink betreft het raadplegen van een tweede arts wel van belang. Maar de toetsingscommissie en het OM zijn volgens hem passé. In plaats daarvan wil hij terug naar de gemeentelijk lijkschouwer die op basis van een verklaring van een arts bepaalt of hij een zaak doorstuurt naar de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Artsen zullen dan een eerlijker afweging maken, verwacht hij.

Wat wil Schurink nog meer?

Naast euthanasie uit het strafrecht heeft de nieuwe NVVE-directeur nog een paar wensen. Zo wil hij dat artsen in de toekomst euthanasieverzoeken alleen nog beargumenteerd mogen afwijzen. Ook afwijzingen moeten wat hem betreft naar de toetsingscommissies, zo lang die nog bestaan. Artsen die een verzoek 'onterecht' afwijzen, hoeven wat hem betreft geen sancties te verwachten. Maar meer kennis over weigeringen kan volgens hem leiden tot betere voorlichting.

Verder wil hij graag een experiment met een 'laatstewilpil'. Anders dan in de oude plannen voor een pil van Drion ziet de NVVE hier voorlopig nog wel een rol voor artsen. Die zouden in een experiment met een groep ouderen moeten bepalen op basis van welke criteria iemand voor zo'n pil in aanmerking komt. Wanneer die duidelijk zijn, zouden artsen zich daarna kunnen terugtrekken, denkt Schurink. Wat hem betreft kunnen ook andere zorgverleners, zoals psychologen, dan inschatten of iemand zo'n laatstewilpil mag. Belangrijk daarbij is volgens hem dat deze pil niet beschikbaar komt als er sprake is van een suïcidale fase of mensen die in een 'emotionele periode' zitten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden