GYMNASIA

“In twee maanden tijd hadden we al 1300 leden. Het was 1980, Van Kemenade ging over het onderwijs, professor Hemelrijk had alarm geslagen over de toestand van het Grieks sinds de Mammoetwet en er moest iets gebeuren. Elk gymnasium had actieve ouders en ook had je de landelijke ouderraad, maar er was behoefte aan een club die iets verder van de scholen af stond.”

Toen Van Hoorn nog student was, in 1942, hing de series lectionum aan zijn kamerdeur: een groot papier waarop in het Latijn stond welke hoogleraar welke vakken gaf. Toen was Latijn min of meer nodig.

Van Hoorn: “Het was heel erg gebruikelijk om te denken aan het gymnasium als je later wilde studeren. Alleen wie naar Delft wilde, ging naar de HBS. Als je rechten ging studeren had je Latijn nodig, als je theologie deed, en bij alle talen. Voor medici was het niet nodig, wel handig.”

Maar waar is het nou voor nodig?

Van Hoorn: “Er is haast niks echt nodig in het leven, maar het is prettig. Het gymnasium is de breedste opleiding die er is. Van de meest exacte vakken tot de meest taal-achtige vakken zoals Latijn en Grieks. Grammaticaal word je ook vreselijk getraind. In mijn tijd waren Grieks en Latijn voor alfa's en bèta's verplicht, vijf of zes uur per vak per week. De bèta's vertaalden Livius en Homerus. De alfa's kregen daar Tacitus, Herodotus en Plato bij.

U heeft nooit gedacht: maar dat kóst me een tijd?

“U bent niet de enige die dat denkt. Maar er zijn ook mensen die een paar jaar na hun schooltijd denken: 'tjonge, had ik maar gymnasium kunnen doen'. Kijk, 'nuttig', dat vind ik een rotwoord. Het gaat niet om nut. Het gaat om een aspect van vorming. Neem wiskunde - je hebt een hele hoop wiskunde gedaan waarvan je het nut niet direct kunt inzien, maar onderweg ontwikkelde je wel een bepaalde denktrant. Ik schrijf niemand voor dat-ie naar het gymnasium moet. Als iemand wil, moet dat recht van bestaan hebben.”

Maar wie ontkent dat?

Van Hoorn: “Hohohoho! Steekt u uw licht eens op bij het ministerie van Onderwijs. Daar wordt zowat alles gedaan om het gymnasiale onderwijs te belemmeren. Het is misschien iets minder sterk dan het is geweest, maar Van Kemenade wilde het echt wegvagen. Ook Deetman wilde het gymnasium wegvagen, met z'n voortgezet basisonderwijs. Toen is gelukkig het WRR-rapport over de basisvorming gekomen dat zei: laten we het niet hebben over 'scholen' maar over 'wat je moet weten'. Maar dat legde alles zo vast dat er haast niets meer bij kon. Toen kwam gelukkig het begrip 'vrije ruimte',waardoor er toch weer plaats was voor klassieke talen. Zodat die vakken ook in de basisvorming kunnen.

Het is onzin om te beweren dat het gymnasium zich in een relatief luxueuze, onbedreigde positie bevindt?

Van Hoorn: “O ja, dat is echte onzin. Alleen is de aanval nooit rechtstreeks. Hij gaat altijd via omwegen. In de begintijd, vóór de Vrienden van het gymnasium bestond, ging het erom dat de schoolgebouwen verouderd waren. Een nieuw gebouw zou zo duur zijn, dan moest je wel fuseren met een andere school. Of: dan gaat er een rector weg en dan stelt iemand de vraag of er wel een eigen rector voor het gymnasium moet komen: waarom ga je niet fuseren. Er is vaak niet rechtuit gezegd: we gaan het gymnasium opheffen. Wel bij de Mammoetwet, toen de opheffingsnorm is verhoogd. En dat had ook wel iets terechts want die norm lag heel laag. Er zijn toen 45 piepkleine gymnasia verdwenen. Deventer, Sneek, Assen - kleinere plaatsen. Die hebben een lyceum gekregen, of men zei: we willen in onze plaats een beroepsopleiding hebben. Die kon dan op voorwaarde dat het gymnasium werd afgeschaft. Dat soort koehandel was het. Heel vervelend.”

“Ik heb in die jaren wel met mensen als Van Veen gepraat. Dan merkte je: die hadden geen gevoel voor het onderwijs, die hadden gevoel voor het geld. Politiek gezien had je een budget, dat moest verdedigd worden, en wat er in het onderwijs werd gedaan dat zou ze een zorg zijn.

Van Kemenade wilde zowat alles afschaffen en er een soort staatsideologie voor in de plaats stellen, die je misschien socialistisch kunt noemen, maar die in elk geval uniform was en heel duidelijk geïnspireerd op Rusland. Met absolute verwaarlozing van de cultuur. Dat ging maar van één doel uit: de mensen uit maatschappelijk zwakke klasse naar boven te krijgen. En daar is niks tégen. Maar de methode is niet goed. Je moet niet gaan uniformeren op een manier waarbij iedereen wel een diploma krijgt, maar waarbij dat diploma niks meer voorstelt.''

Wat heeft u er, als fysicus bij Shell, in uw werkende leven nou aan gehad dat u gymnasiast geweest bent?

Van Hoorn: “Dat is heel moeilijk te zeggen. Je bent gewend geweest om op een breed front dingen te leren en daardoor heb ik het gevoel dat ik een heel breed spectrum van belangstelling heb. Zowel de talen als geschiedenis - ik wil graag in detail weten 'wat heeft die uitgevreten'.”

Maar dat is meer een kwestie van algemeen, breed geïnteresseerd zijn. Elke goede school activeert dat.

“Ja, maar ik denk dat het in een gymnasiale sfeer meer geactiveerd wordt. Omdat de sfeer, de stemming niet gericht is op het direct nuttige. Iets kan daar interessant zijn en alleen al daarom aandacht verdienen. Niet omdat je er een betere positie door kunt krijgen in de maatschappij, of omdat je er makkelijker een tentamen door kunt halen.”

Dus van een gymnasium-opleiding word je een leuker mens?

Van Hoorn: “Voor jezelf in elk geval wel. Hoewel, het is wel grappig dat de buitenwereld toch iets aan je merkt en dan zegt: een typische gymnasiast. Dan vraag je weleens: wat bedoel je daar nou mee? Dan zeggen ze: je hebt een andere manier om over de dingen te praten, je hebt kennelijk dingen opgestoken die anderen niet hebben. Zeg ik terug: ja maar dat komt doordat ik een boek koop of een encyclopedie opsla als ik ergens in geinteresseerd ben. Er staat hier een encyclopedie en die staat er niet omdat het zulke mooie bandjes zijn.”

Werkt uw redenering niet ook als een schaamlap? Gymnasia zijn uitermate blanke, uitermate middenklasse-scholen waar maar heel weinig doordringt van wat er buiten, in de samenleving het geval is.

Van Hoorn: “Dat kan zo zijn. Maar dat hangt af van de locatie van de school. Maar die is heel verschillend. Blank en niet-blank is in Amsterdam een heel groot probleem. Dat hangt niet samen met wat die school wil, maar met het feit dat het aanbod van niet-blank niet past bij het aanbod van de school. De samenstelling van de bevolking op een gymnasium hangt af van factoren die niets met onderwijs te maken hebben. Kinderen hebben voldoende contacten via hun sport, via verenigingen.”

Op de hockeyvereniging zitten ook nauwelijks allochtone kinderen.

Van Hoorn: “Voor een bepaald gedeelte zal dat gelden, maar dat dat een must is betwijfel ik. Of laat ik zeggen: dat geldt voor alle VWO-scholen. Veel hangt ook af van het lerarencorps. Als het goed is worden er ook wel excursies gemaakt, naar beroepsscholen.”

“Weet u wat Marcus Bakker zei? 'Ze gaan met z'n allen door een poort, en voorbij de poort verspreidt het zich allemaal'. Ik denk dat hij daar gelijk in had. Maar dat gebeurt ook vanuit de groep zelf. De leerlingen die niet zo goed kunnen leren willen niet bij die knappe jongens en meisjes horen. Die willen met hun eigen maatjes. Dat scheidt zich. Maar dat moet niet kunstmatig en geforceerd.”

U vindt een scholengemeenschap geforceerd?

“Nou, bij een heel brede schoolbevolking, van vbo tot gymnasium, daar voelen leerlingen zich onderling niet goed thuis. En ik betwijfel of je daar weï leert hoe de andere kinderen leven. Ik zou er niks tegen hebben om voor dat vraagstuk op een gymnasium op een of andere manier meer aandacht te vragen. Ik zou zeggen: doe dat.”

“Het merkwaardige is: terwijl men had gedacht dat de gymnasia zouden verdwijnen, groeien ze. Dat is een duidelijk signaal dat mensen niet geloven in die schaalvergroting. Want mensen die PvdA stemmen sturen hun kinderen naar het zelfstandige gymnasium, als het effe kan. Dus eh (schatert) ja het is werkelijk komisch hoor, zelfs Van Kemenade... die discrepantie, daar moet je weleens om lachen.”

Deed staatssecretaris Netelenbos het de laatste vier jaar beter?

“Ze begrijpt er niets van, dat is het punt. Ze begrijpt van een gymnasiumopleiding niks. Ze denkt dat dat betekent dat je vreemde woordjes goed kunt schrijven, om maar wat te noemen. Dat heeft ze zelf niet in de gaten, maar dat komt tot uitdrukking in het verhaal dat ze vertelde over haar dochtertje, dat op een scholengemeenschap de gymnasium-stroom deed. Toen had het meisje gezegd: 'dat is toch wel handig', want ze wilde medicijnen gaan studeren.

Dat verhaal vertelde Netelenbos. (stiklachend) Ja kijk, het is natuurlijk wel zo, maar daar gaat het natuurlijk helemaal niet om. Met dat verhaal bewijst ze dat ze geen gymnasiast is.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden