Interview

Groningse Kamerleden Sandra Beckerman (SP) en Stieneke van der Graaf (CU): 'Groningen is geplunderd'

Tweede Kamerleden uit het hoge noorden. In het blauw: Stieneke van der Graaf (ChristenUnie) en in rood: Sandra Beckerman (SP). Beeld Werry Crone

Hun politieke overtuigingen zijn heel verschillend, maar hun levens liepen lange tijd parallel. De ‘Groningse’ Tweede Kamerleden Sandra Beckerman (SP) en Stieneke van der Graaf (ChristenUnie) over hun liefde voor de provincie, het gasleed en de overstap naar Den Haag.

Pfiieee!! Sandra Beckerman fluit keihard op haar vingers. Stieneke van der Graaf kijkt met een ruk op, lacht als ze haar collega herkent, en zet snel haar fiets op slot. Hier, aan het Martinikerkhof in het monumentale onderkomen van de Provinciale Staten van Groningen hebben beide jonge Tweede Kamerleden tien jaar doorgebracht. En er zijn meer overeenkomsten in hun levens dan hun partijkeuze doet vermoeden. 

Beckerman (35) zit sinds vorig jaar voor de Socialistische Partij in de Tweede Kamer, Van der Graaf (33) nam haar plek in de ChristenUnie-fractie pas in toen Carola Schouten in het najaar minister werd. Beide vrouwen verhuisden na hun middelbare school voor de studie naar Groningen, waar ze nog steeds wonen. Beiden werden al heel snel politiek actief. Als Statenlid schopten ze het tot fractievoorzitter, waarbij ze in 2015 samen in een coalitie stapten met SP, CDA, D66, ChristenUnie en GroenLinks.

Hoe beland je als jonge student, net op kamers in een levendige studentenstad als Groningen, in de Provinciale Staten?

Een schaterende lach van Beckerman. “De Provinciale Staten wedijvert denk ik met het Waterschap om de titel minst sexy bestuurslaag. Ook al waren we niet de enige jongeren in de Staten, we vielen wel op. We zouden de boel weleens even opschudden. Ik weet nog dat je zo’n gidsje kreeg, met alle Statenleden erin. Het was net de Pearl-catalogus.”

Van der Graaf: “Ik had al snel het gevoel: er is meer dan de studentenwereld. Dus zocht ik de ChristenUnie op. Van huis uit heb ik politieke betrokkenheid en een sterk rechtvaardigheidsgevoel meegekregen. Mijn moeder werd in dezelfde periode in de Staten van Overijssel gekozen, dat was heel leuk, we wisselden vaak ervaringen uit over de jeugdzorg. Bij mijn aantreden heb ik gezegd: ‘Ik wil mijn verantwoordelijkheid nemen.’ Grote woorden voor iemand van 22 jaar, ik lach er nu hartelijk om, maar ik ervoer het oprecht zo. Ik wilde in mijn eigen omgeving, buurt en stad verschil maken. De Provinciale Staten klinken abstract, maar gaan over hele concrete zaken zoals bereikbaarheid van ziekenhuizen of werkgelegenheid.”

Beckerman: “Dat herken ik wel, ik kom ook uit een politiek nest, een echt verzuild PvdA-gezin, lid van de Vara en de vakbond. Wij zijn bijna even oud, jij bent dus ook opgegroeid in de zorgeloze jaren negentig na de val van de Muur. Ik begon mijn studie archeologie op 1 september 2001. Een dikke week later vlogen twee vliegtuigen het WTC in New York in. Voor mij vormden die aanslag en de reacties erop, de oorlogen in Afghanistan en later Irak een aansporing om politiek actief te worden, ik wilde niet boos en gefrustreerd thuiszitten.”

Iedereen kent Groningen nu vooral als de gasprovincie, met ingestorte huizen. Wat doet dat met jullie? Wat heeft Groningen meer te bieden?

Van der Graaf: “Vanaf het begin van mijn studietijd voelde ik me al een echte ambassadeur voor Groningen. Familie en kennissen nam ik mee de regio in. Japanners en Amerikanen komen in drommen af op de oude Groninger kerken met hun prachtige orgels, op de landschappen en mooie boerderijen, maar Nederlanders kennen het niet. Gevoelsmatig is het ver. Kom je hélemaal uit Groningen, vragen ze me nu in Den Haag. Als Statenlid heb ik de hele provincie doorkruist, ik deed onder meer ruimtelijke ordening. Mijn lievelingsplek is het Wad. Rond zonsondergang een visje eten bij Proeflokaal ’t Ailand in Lauwersoog op de dijk, heerlijk.”

Beckerman: “Ik zou niet één plek als favoriet kunnen kiezen. Groningen kent zoveel mooie landschappen, het Hogeland in het voorjaar, de Veenkoloniën. Het erfgoed is bijzonder. Aan de universiteit wordt veel en goed onderzoek gedaan. Al schrik ik soms van de banden met de gasindustrie. Te veel onderzoek is fossiel, want daar zit geld. Dat moet onafhankelijker en meer gericht op de toekomst van Groningen. Kijk ook eens naar Pekela, in plaats van naar landen ver weg.”

Van der Graaf: “Wij hebben de omslag hier meegemaakt, van gewone provincie naar ‘aardbevingsprovincie’. De beving in Huizinge in de zomer van 2012 was het kantelpunt, met de adviezen van het Staatstoezicht op de Mijnen die daarop volgden, om de gaswinning zo snel en zo veel mogelijk terug te schroeven. Maar in 2013 werd er meer gas gewonnen dan ooit, ongelooflijk hoe dat heeft kunnen gebeuren. Waar ik erg van geschrokken ben in die jaren, bij alle huisbezoeken die ik heb afgelegd, hoe diep de bevingen ingrijpen in de levens van mensen. Spanningen in relaties, schoolprestaties van kinderen die eronder lijden, het verboden woord aan tafel.

“Tegelijk ben ik trots op Groningen, de mensen voelen van binnenuit dat het anders moet. Er ontstaan energiecoöperaties, er komen nieuwe opleidingen voor duurzaam en aardbevingsbestendig bouwen, daar zie ik de veerkracht van de Groningers in terug.”

Beckerman: “Ik ben ervan overtuigd dat als Slochteren in de Randstad had gelegen, het nooit zover was gekomen. Dit is geen natuurramp geweest. Groningen is geplunderd, als wingewest gebruikt. Het gevoel dat de overheid er niet is, voor jou als burger, dat dóet iets met mensen. Maar de grote veranderingen, de gang naar de rechter, het vernietigen van het gasbesluit en het stoppen van de productie, zijn het gevolg van acties die mensen hier hebben ondernomen.

Het provincie-akkoord dat jullie in 2015 sloten met vijf partijen, heette ‘Vol vertrouwen’. Hoe lastig is het om het vertrouwen van Groningen te herstellen?

Beckerman: “Vergeet niet hoe bijzonder het was dat de SP hier de grootste werd in 2015. De Partij van de Arbeid verloor voor het eerst sinds de invoering van het algemeen kiesrecht. Te lang is er alleen op de stad gefocust en niet op de belangen en de kracht van het Ommeland. Wat een onrecht is de mensen aangedaan. Geloof me, ik heb de politiek hier ook leren haten.”

Van der Graaf: “Maar de noodzaak tot herstel van vertrouwen vormde ook de rode draad voor onze samenwerking. We vonden elkaar in de nadruk op eigen initiatief, leefbaarheid, de kracht van de samenleving op allerlei terreinen, niet alleen energie maar ook in de zorg. Ik zag het als een opdracht om naast de mensen te gaan staan. In Groningen heb ik geleerd wat het echt betekent om volksvertegenwoordiger te zijn.”

Beckerman rommelt in haar tas, haalt er iets uit en stopt het in haar mond.

Van der Graaf reageert meteen. “O, rook je niet meer? Goed zeg! Dan werkt het zeker, wat Paul Blokhuis doet (de staatssecretaris van de ChristenUnie die fel anti-rookbeleid voert, red.).”

Beckerman, met vies gezicht: “Ik was zes jaar gestopt, kwam ik in de Kamer, begon ik weer. Smerig spul hoor, die nicotinekauwgum.”

Van der Graaf, lachend: “Hou vol, hou vol!”

Hoe hebben jullie de overstap naar Den Haag ervaren? Is de afstand tot de provincie ook figuurlijk groter geworden?

Beckerman: “Op mijn werkkamer in Den Haag heb ik een glazen doosje met een stukje van de heilige sacristie van de Martinikerk, dat onder deze plek is opgegraven, waar we nu zitten. Dat kreeg ik bij mijn afscheid van de Staten. Ik werkte daar ook als archeoloog en bestudeerde oude beschavingen, terwijl ik tegelijkertijd zag hoe mijn beschaving afbrokkelde. Dat was een grote motivatie om voltijds de politiek in te gaan. Er komen te weinig Kamerleden uit de provincies. Mijn mailbox is veel voller sinds ik in Den Haag werk, helaas ook vaak met seksistische mails.

“Toch voel ik ook frustratie. Den Haag kent veel mooie woorden, maar daden blijven achter. De recente gasdebatten waren pijnlijk, dat gestuntel van minister Wiebes. Hij leek zo goed te beginnen, maar zelfs de oude schades zijn nog niet goed afgehandeld. Geen Groninger weet of z’n huis echt veilig is, terwijl de Kamer nu acht weken met reces is.”

Van der Graaf: “Wat hier speelt, neem ik iedere week mee naar de Kamer. We hebben vanuit Groningen ontzettend ons best moeten doen om de vorige regering ervan te overtuigen dat dit een nationaal vraagstuk is. Ik merkte dat mijn eigen partij dit van meet af aan heel goed begreep. Er ligt een ereschuld aan Groningen. Carla Dik-Faber, die voor mijn partij de gaswinning doet, zet zich in om recht te doen, de veiligheid van de mensen staat voorop. Ook tijdens de formatie was dat voor de ChristenUnie het uitgangspunt. De afspraken in het regeerakkoord volgden het toenmalige advies van het Staatstoezicht op de Mijnen voor een zo veilig mogelijke gaswinning voor Groningen. Liever wilden wij de gaswinning helemaal afbouwen. Gelukkig is dit historische besluit begin dit jaar alsnog genomen.”

Beckerman: “Daarin verschillen we dan echt van mening. Het gaat mij niet ver en niet snel genoeg. Kijk naar de Limburgers, de beloftes die hen werden gedaan en hoe de mijnsluitingen nog altijd doorwerken in de generaties die nu opgroeien. Dat mag de Groningers niet overkomen.”

Jullie politieke stijl is erg verschillend. Sandra is activistisch, haalde het nieuws toen ze geëmotioneerd raakte over de gasellende op het spreekgestoelte in de Tweede Kamer. Stieneke is meer beschouwend, verbindend in haar woordkeus. Welk advies zouden jullie elkaar willen geven voor de komende jaren in de Tweede Kamer?

Beckerman: “Oef, da’s een goeie, even nadenken. Wij zijn extreem verschillend en toch hebben we veel gemeen. Het geloof van Stieneke staat ver van me af, maar wat ik in haar bewonder, is haar eigenheid. Den Haag is een heel enge omgeving, waar je snel heftige persoonlijke kritiek kunt krijgen. Daardoor gaan politici zich aanpassen, allemaal een beetje op elkaar lijken. Terwijl mensen volgens mij juist zoeken naar de eigenheid van een politicus. Dus ik zou haar adviseren: laat dat eigene spreken, blijf het uitdragen.”

Van der Graaf: “Wat ik in Sandra bewonder, is haar strijdvaardigheid en dat ze heel goed de gevoelens kan verwoorden die bij mensen leven. Ik zou haar willen meegeven: soms kan een compromis ook een stap vooruit zijn.”

Beckerman: “De SP staat natuurlijk bekend als de partij die geen compromissen wil sluiten. Al ben ik wel op zoek naar samenwerking, en doet de SP mee met de klimaatwet. Maar jouw partij sluit er misschien wel te veel?”

Van der Graaf: “Compromettre, ik zie het als samen beloven. In ons land moet je samenwerken als je resultaten wilt bereiken.”

Beckerman (doelend op het afschaffen van de dividendbelasting): “Het doorslikken van een meloen.”

Van der Graaf: “Ai, ai… Daar staat wel tegenover dat we miljarden investeren in bijvoorbeeld gezinnen, onderwijs, klimaat en de regio.”

Beckerman: “Los daarvan, ik moest in Den Haag enorm wennen dat we in de oppositie zitten. Ik hoop dat er ooit een coalitie met de SP komt. Wij zijn niet de partij die meteen zal aanschuiven, maar ik denk dat het er tijd voor is, dat het goed zou zijn. De samenwerking in Groningen smaakte naar meer.”

Van der Graaf: “Met vijf partijen in een coalitie? Haha, weet waar je aan begint.”

Deze zomer bezoekt Trouw Tweede Kamerleden in hun ‘thuisprovincie’. Dit is de eerste aflevering; Zeeland, Drenthe en Limburg volgen nog.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden