Grol vecht tegen regels en pijn

Door blessures geplaagde judoka grijpt in Boedapest weer naast het goud

Voor de grote heerser die hij zegt te willen zijn, heeft Henk Grol een te bescheiden koninkrijk opgebouwd. Zes jaar judo op het hoogste niveau brachten hem slechts twee titels, en dan ook nog van de laagste categorieën: die op nationaal en Europees niveau.

Sinds Grol in 2008 in Lissabon zijn carrière in de klasse tot 100 kilogram overdonderend begon met de Europese titel, luidt zijn mantra: 'Ik judo voor slechts één ding, de grote titels'. Sindsdien staat hij wat dat betreft met lege handen. Ofschoon zijn prijzenkast behoorlijk gevuld raakt, telt al het brons en zilverwerk dat in de meerderheid is voor judoka van Kenamju niet.

Zaterdag verloor Grol in Boedapest zijn derde finale van een Europees titeltoernooi. Hij gruwt van de gedachte dat hem dat later dit jaar in Rio de Janeiro ook op mondiaal niveau zou kunnen gebeuren. Zijn gebruikelijke bluf op dit gebied bleef in Boedapest uit. Waar hij vroeger zou hebben gezegd dat hij die wereldtitel bij voorbaat opeist, zegt hij nu er nog altijd van te dromen. Grol concludeerde daarbij nuchter dat daarvoor nog veel werk zal moeten worden verzet.

Verloren finales, die waren meestal niet te wijten aan zijn technische kwaliteiten als judoka. Als geen ander beheerst hij het gooi en smijtwerk dat bij voorkeur vroeg in zijn partijen volle punten oplevert. Het is vooral zijn eigen ambitie die Grol dwarsboomt. In wedstrijden verloor hij vaak onnodig omdat hij tegenstanders liet profiteren van zijn gretigheid. Onder die tekortkoming lijkt hij zich stilaan door slechte ervaringen uit te hebben gevochten.

Dat geldt niet voor een ander manco: in training blijkt zijn geest zo sterk, dat zijn lichaam eronder bezwijkt. Zaterdag, na zijn verloren finale tegen de Tsjech Lukas Krpalek, biechtte hij dat bij de NOS op. "Ik heb een paar keer pech gehad de laatste jaren. Ik heb een sterk lijf, maar ik tart de wetten van training, van wat ik aankan. Daarin ga ik soms iets te ver, dat is mijn valkuil."

Eigenlijk was het een biecht om van verder gezeur af te zijn. Twee weken voor de EK praatte Grol openhartig over blessures die zijn voorbereiding verre van ideaal hadden gemaakt. Zijn duim was kapot en een uit de hand gelopen knieoperatie in september had zijn plannen zwaar ontregeld.

Het gereviseerde gewricht was gaan ontsteken, Grol moest met gezwinde spoed zijn vakantie onderbreken. "Als we te laat hadden gereageerd, had mijn been er af gemoeten", verklaarde hij in de Volkskrant. Zeven dagen infuus en veel medicijnen hadden het euvel verholpen, maar pas in januari kon weer voluit worden getraind.

In Boedapest weigerde de pupil van bondscoach Maarten Arens nog iets te zeggen over blessures. "Geen commentaar, ik heb besloten nooit meer over blessures te praten. Als ik judo bestaan er geen excuses."

Toch was duidelijk dat Grol niet fit was. In zijn eerste partij liep hij grote averij op die pas 18 seconden voor het einde van de partij met een ippon werd weggewerkt. Van de Tsjech Krpalek had Grol al drie keer gewonnen, onder meer tijdens de Olympische Spelen in Londen, waar hij slechts brons won. In Boedapest had hij niet de macht meer om het zijn tegenstander moeilijk te maken. "Na een zware dag was de finale een pot te veel."

Naast lichamelijke ongemakken is er voor Grol nog een tweede hindernis bijgekomen op weg naar een wereldtitel of olympisch goud: veranderde regels. Grol was een ware meester waar het ging om het vloeren door zijn tegenstanders bij de benen te pakken. Sinds vier maanden is dat verboden.

"Iets wat je twintig jaar van je leven hebt gedaan, wordt in één keer van je afgenomen. Door die nieuwe regels zijn vijf, zes worpen uit mijn arsenaal weg. Ik denk tijdens de partij dingen te kunnen doen, maar dan mag het niet. Dat neemt de spontaniteit, de intuïtie uit mijn judo weg."

Droomafscheid Edith Bosch: goud met het landenteam
Edith Bosch (32) stapte gisteren tijdens de EK in Boedapest met een droomafscheid uit het judo. In de laatste partij van een lange, succesvolle carrière maakte zij in de finale van de landenwedstrijd tegen Frankrijk het beslissende punt.

Tegen Fanny Postive stond na de reguliere tijd geen beslissing op het bord en Bosch leek er helemaal doorheen te zitten. Haar oude, vertrouwde vechtlust hield haar in de golden score overeind. "Ik kon haast niet meer, maar ik moest blijven staan. Ik wilde niet omvallen."

"Ze hebben mij een prachtig afscheid bezorgd", zei Bosch over haar ploeggenoten Birgit Ente, Sanne Verhagen, Anicka van Emden, Linda Bolder en Marhinde Verkerk. "Vanaf het ontbijt tot en met de finale."

Bolder had eerder in het individuele toernooi zilver gewonnen, in de verloren finale met landgenote Kim Polling. Verkerk won zaterdag in de klasse tot 78 kilo brons. Verkerk, de verrassende wereldkampioen uit 2009 en vice-Europees kampioen uit 2010, had lang op nieuw succes moeten wachten. Vooral de Olympische Spelen waren voor haar met een vijfde plaats teleurstellend.

Net als in Londen vocht ze ook zaterdag om brons, en nog wel tegen de Franse wereldkampioene Audrey Tchoméo, van wie ze nog nooit had gewonnen. "Dit is een heerlijke opsteker", aldus de Rotterdamse. "Het was een echt gevecht. De verschillen zijn in mijn klasse vrij klein, dus ik was hier wel aan toe."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden