Groene bergen in de Biesbosch

Kruiden en grassen uit de Biesbosch op het dak, streekgerechten in het restaurant, wilgensnippers in de kachel. Duurzaam en van dichtbij luidt het devies bij de renovatie van het Biesbosch MuseumEiland.

Nu de laatste dammen twee maanden geleden zijn weggehaald, ligt het Biesbosch Museum ineens op een eiland, dat alleen nog via bruggen bereikbaar is. Museumdirecteur Peter van Beek wijst naar de brede, nieuw gegraven watergang die het museum aan de zuidoostkant heeft losgesneden van het vasteland. "Daar stond het gebouw van Staatsbosbeheer." De dienst krijgt na de renovatie een nieuw kantoor in het museum.

Directe aanleiding voor de renovatie van het museum en de herinrichting van het eiland waarop het nu ligt, zijn de grote veranderingen die Rijkswaterstaat hier aanbrengt in het landschap, in het kader van het programma Ruimte voor de Rivier. Om bij hoge waterstanden in de toekomst een betere berging mogelijk te maken van overtollig water uit de Nieuwe Merwede, wordt de rivierdijk verlaagd en extra ruimte voor het water gecreëerd in een buitendijks overstromingsgebied. Daarvoor moest de 4450 hectaren grote Noordwaard worden ontpolderd, een voormalige landbouwpolder ten zuidwesten van Werkendam. Bewoners verlieten het gebied of kozen voor een nieuwe woning op een terp in het overstromingsgebied. Vier bruggen zijn in aanbouw, waar straks bij te hoge waterstanden het rivierwater onderdoor kan stromen.

Ontpoldering van de Noordwaard betekent tegelijkertijd uitbreiding van het zoetwater-getijdengebied van de Biesbosch. Rijkswaterstaat gaat ook wandel- en fietspaden aanleggen in het nieuwe gebied, waardoor toerisme en recreatie zullen toenemen.

Een goed moment, vond Van Beek, om ook zijn in 1994 gebouwde museum, gelegen in het hart van de Biesbosch, toekomstbestendig te maken met een duurzame renovatie en betere voorzieningen voor bezoekers. Behalve als museum - met een vaste, vernieuwde expositie over het leven en de strijd tegen het water in de Biesbosch door de eeuwen heen - krijgt het ook een rol als bezoekerscentrum, met een winkel, documentatieruimte, wisseltentoonstellingsruimte en een horecavoorziening met een terras.

Voor die nieuwe functies is het museumgebouw aan de zuidkant opengebroken en in oppervlakte verdubbeld met een nieuwe vleugel van 1000 vierkante meter, die met een enorme glazen pui uitzicht biedt over het museumeiland en de omringende Biesboschnatuur. Uit een oogpunt van duurzaamheid was afbreken geen optie, zegt architect Marco Vermeulen. "Des te groter de uitdaging om het bestaande, nogal naar binnen gekeerde, met zijn blinde gevels bijna 'autistische' gebouw, te openen naar het omringende landschap en naar de zon."

Van een Fremdkörper in het landschap, dat in principe overal had kunnen staan, wilde hij er een gebouw van maken dat juist een eenheid vormt met de omgeving en geworteld is in het landschap. "Daarom heb ik het bestaande en het nieuwe deel van het gebouw van een groen dak voorzien." Tegen de muren aan de koude noordzijde van het gebouw zijn aarden wallen aangelegd. Als bij een piramide loopt het groene dak over die wallen diagonaal door naar de grond, waar het naadloos overgaat in de groene omgeving. Door de moderne, geometrische vorm, die tegelijkertijd gehecht is in de natuur, krijgt het museum een 'landart'-achtige uitstraling.

Leefdak

Groen is het dak trouwens nog niet. De zeskantige puntdaken van de museumpaviljoens en de gigantische punt van de nieuwe vleugel zijn bedekt met een enorme hoeveelheid turfzakken. Een wonderlijk gezicht, die rijen bruine bobbels. In de turf zitten zaden van kruiden en grassen uit de omgeving, die de komende tijd moeten gaan ontkiemen. "De leverancier heeft me beloofd dat er over twee weken al een groen waas over het dak zal liggen." Vermeulen heeft er alle vertrouwen in dat de 2000 begroeide vierkante meters straks ook een 'leefdak' worden met schuilplekjes voor allerlei beestjes. "We nemen niets weg maar voegen met dit dak juist landschappelijke waarde toe."

Een groen dak met zaden uit de omgeving en ook in het restaurant straks producten uit de streek, is de bedoeling van directeur Van Beek. Het water van de vloerverwarming zal in de zomer gekoeld worden met water uit de rivier, en in de winter verwarmd met een biomassakachel, die gestookt wordt op houtsnippers en ander natuurlijk materiaal uit de Biesbosch. Het afvalwater zal gezuiverd worden met het allereerste wilgenfilter van Nederland. Het wilgenbosje dat daarvoor wordt aangeplant, gaat van dat voedselrijke afvalwater extra hard groeien. Het wilgenhout kan dan weer worden gebruikt in de biomassakachel. Medewerkers van Wageningen Universiteit gaan het wilgenfilter monitoren. Het Biesbosch MuseumEiland is hun eerste testlocatie.

Tegen de gevel van de nieuwe museumvleugel komt een vaste trap waarover bezoekers het dak op kunnen. Met de huishoudtrap die er nu nog staat, lukt het ook best. Vanaf een houten loopplank die zigzagt tussen de dakpunten door, kijk je aan de ene kant uit over het museumeiland. De andere kant van het loopplankier steekt uit over de dakrand en biedt een panoramisch uitzicht over een deel van de Biesbosch dat niet toegankelijk is voor publiek, zelfs niet per fluisterboot.

Langs de loopplank is een brede hemelwatergoot aangelegd, die aan de eilandkant van het dak af naar beneden buigt om uit te monden in de toekomstige waterspeeltuin - een soort maquette van de Biesbosch, waarin jong en oud kunnen spelen en leren over de waterhuishouding in het gebied. Het water in die goot, bedacht Vermeulen, kun je met een beetje fantasie zien als de Rijn, die als smeltwaterrivier naar beneden stroomt vanuit het groene 'berglandschap' op het dak, en beneden in de waterspeeltuin samenkomt met die andere Biesboschrivier, de Maas. Op het eilandterrein achter de speeltuin komt een kreek, die via een duiker in verbinding staat met de rivier, zodat er een mini-zoetwatergetijdengebied ontstaat. Wandelpad erlangs, wat landart-objecten erbij, en genieten maar.

In een binnenvijver die hij heeft aangelegd in de nieuwe vleugel, hoopt Vermeulen ooit steur te kweken. Toen de Biesbosch nog een zoet en zilt getijdengebied was, barstte het er van de zalm en de steur. Maar sinds het Haringvliet tijdens de Deltawerken met een dam is afgesloten van de zee, is het getij grotendeels verdwenen, evenals de mogelijkheid voor de vissen de rivieren op te zwemmen naar hun paaigebieden. "Mochten de Haringvlietsluizen in de toekomst op een kier gaan, dan kan ik hier in deze kweekvijver steurlarven opkweken en weer uitzetten in de Biesbosch. Daar droom ik van."

Het verbouwde Biesbosch MuseumEiland, Hilweg 2, Werkendam, is vanaf 27 juni open voor publiek. www.biesboschmuseumeiland.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden