GROEN & GEEL

Dit is de vierde aflevering van een serie over alledaagse dingen die de grootste ergernissen kunnen oproepen.

Collega Liesbeth Diepeveen: “Er zijn ook gemeenten die met rollers werken, dan wordt alles gewoon over het gras gesmeerd, maar dat vind ik niet zo fris. Al die bacteriën, weet je. Maar hier wordt het gras gezogen. Een keer per week komt er zo'n speciale machine, een stofzuiger zeg maar, en die zuigt, floep, alles op.”

Letter en Diepeveen vormen het hondenwachtduo in Utrecht. Drie jaar geleden begonnen ze met hun patrouilles door Utrecht-Oost in het kader van het 'Project Bestrijding Overlast Hondenpoep'. Dagelijks fietsen ze zo'n 25 kilometer om te controleren of de honden wel poepen op de hondentoiletten, speciaal gereserveerde grasvelden, en kijken zij of de dieren aangelijnd zijn. En dat is nodig, de naar schatting 10 000 honden in deze gemeente zijn dagelijks goed voor een plak poep van vier centimeter hoog en een oppervlakte van 100 vierkante meters. Verspreid over de stoepen, parken en straten is dit een voortdurende bron van ergernis onder de bewoners. Op het klachtenlijstje aan de gemeente staat het dan ook op de eerste plaats. Nog voor het huisvuil en de graffiti.

De vrouwen, beiden blond en gekleed in groene uniformbroeken en zwarte jasjes, moeten herkenbaar blijven, zeggen ze. Toen ze pas begonnen, droegen ze een blauw politieuniform. “Maar dat was niets. Kwamen er mensen op je af met de vreselijkste verhalen. En die moest je dan afschepen met: 'Mevrouw ik ben alleen van de hondenwacht'.”

Soms worden de hoopjes ook geteld. Eén punt voor een drol in de goot en tien voor een drol op de speelweide. Een systeem dat ooit bedacht werd door een student sociologie om te turven hoeveel honden gebruikmaken van de hondentoiletten. En wat bleek? De overlast van hondenpoep bleek met zo'n twintig procent afgenomen in de wijken waar speciale toiletten zijn aangebracht. Een reden voor de gemeente om volgend jaar overal van dergelijke plekken toe te wijzen en meer hondenwachters aan te stellen. Toch varieert het aantal hoopjes sterk, zegt Letter. “Je hebt goede en slechte dagen.” Met een beetje geluk betrappen ze een hond op heterdaad. En natuurlijk de eigenaar, die doorgaans op een afstandje nonchalant de andere kant opkijkt. “Dan laten we die zelf de troep opruimen.” Letter vist uit haar tas een opruimzakje, gemaakt van stevig bruin papier, met de tekst: 'I love my dog'. “We blijven er bij staan, anders gebeurt het niet. Een straf hoor, voor de meeste mensen. Ze zien dat toch als een vernedering.”

Als ze bijna aan het einde van het park zijn, ziet Diepeveen op de kinderweide - streng verboden voor honden - een magere man met zijn teckel spelen. “Dat hondje ken ik”, zegt ze tegen haar collega. “Die hebben we de vorige keer ook al van dat veld moeten sturen, zeker weten.” Over de eigenaar van de hond is ze minder zeker. “Honden herken ik nu eenmaal wat sneller dan mensen, had ik vroeger al toen ik klein was.” Ze blijft een paar meter achter, als Letter het woord doet en vriendelijk vraagt of de man het veld wil verlaten. “We proberen zoveel mogelijk agressie te vermijden”, legt ze uit. “We stormen dus niet met z'n tweeën op iemand af.”

Het helpt als ze vertellen beslist geen hondenhaters te zijn. Integendeel, ze zijn zelfs gek op honden. We zijn echte dierenvrienden, zegt Letter. “We zijn ook allebei vegetariër.” Diepeveen kent zelfs alle hondenrassen uit haar hoofd. “Dat werkt echt als je mensen moet aanspreken. Dan zeg je bijvoorbeeld: 'wat heeft u een enige Golden Retriever. Dan weten de mensen: die houdt van honden.”

Allebei bezitten ze twee honden. De teckel en Duitse herder van Diepeveen die in Veenedaal woont, doen het gewoon op een veldje in de struiken. Maar Letter woont in Utrecht en haar wijk is nog niet voorzien van hondentoiletten. “Een kwestie van altijd een schepje en een zakje mee”, zegt ze. “Je moet toch het goede voorbeeld geven. Veel mensen klagen over het tekort aan afvalbakken. Ik heb er gelukkig een vlak naast mijn huis. Anders loop je een uur met een stinkend boterhamzakje in je hand, dat bevordert niet de opruimingslust.”

Bonnen uitschrijven doen ze niet. Letter: “We mogen het wel, maar we denken niet dat het helpt. Wekt alleen maar agressie op. Terwijl we juist proberen de mentaliteit te veranderen met voorlichting. Dan blijft het gezellig.”

In het hele land heeft de Utrechtse hondenwacht zo'n dertig collega's. Niet veel, geven de vrouwen toe. Niet alle gemeenten zijn bereid iets aan de problematiek te doen. “Zoals in Amsterdam”, zegt Diepeveen. “Daar woont mijn schoonfamilie, je struikelt er over de poep. Aan de andere kant kunnen sommige gemeenten wel erg fanatiek zijn. Op een landelijke studiedag was er laatst zo'n man, ook een hondenwachter. Die wilde een ware veldtocht tegen hondenbezitters beginnen. Hij stond echt te schreeuwen achter de microfoon dat er meer boetes uitgedeeld moeten worden.” Eergisteren nog kondigde de Utrechtse wethouder Zwart in een nieuw actieplan aan dat overtreders meteen op een boete van 65 gulden kunnen rekenen. Maar Diepenveen gelooft er niets van dat zo'n aanpak helpt. Gewoon vriendelijk blijven en voorlichten. Ze zucht even en zegt dan: “Maar zo'n man die we net tegenkwamen, heeft nu twee keer een berisping gehad. Als we hem weer betrappen, gaat hij dus wel op de bon. Het zal de eerste zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden