Grave heeft milieu-agenda voor volgende eeuw al klaar

Vijf jaar na de VN-milieutop in Rio de Janeiro, komen volgende week de regeringsleiders andermaal bijeen om over het milieu te praten, dit keer in New York. Water, bossen, energie maar vooral ook geld zullen hoog op de agenda staan. In het algemeen zal worden vastgesteld dat milieu wereldwijd een onderwerp is geworden, maar dat er anderzijds ook nog heel veel moet gebeuren. Bij overheden, bij gemeenten, in het bedrijfsleven. Deze week blikt Trouw vooruit op de top.

JAN SLOOTHAAK

Rio is in milieukringen een begrip geworden, maar in feite gaat het om meer dan alleen milieu. Anja Wormeester en Lisette Boot van de gemeente Deventer: “Eigenlijk is het een manier om als overheid anders om te gaan met je klanten, de burgers. Het past in het kader van de bestuurlijke en sociale vernieuwing die in Nederland al vóór Rio in zwang kwam om de burger dichter bij het bestuur te brengen.”

Milieu als hefboom dus, voor een overheid die weer grip wil krijgen op de burger. Om met Bert Roes van de Vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG) te spreken: “Milieubeleid met een sociale tic.”

Nederland had in 1992 al een voorsprong met het in 1989 gestarte Nationaal Milieubeleidsplan (NMP) en het nieuwe beleid van bestuurlijke- en sociale vernieuwing. “Nu heeft zowat elke gemeente zijn experimentele woonwijk voor duurzaam bouwen”, overdrijft Bert Roes. Feit is wel dat de milieu-aanpak in Nederland in 1992 al zo ver gevorderd was, dat Rio geen schok meer veroorzaakte. Het gebruik van hardhout was al omstreden, er waren al initiatieven om in openbare gebouwen energiezuinig te werken.

Toch, verzekert Roes, is Rio ons niet bij de schouders afgegleden. Op veel plaatsen was het een impuls voor nieuwe initiatieven. Als voorbeeld noemt hij Grave. “De Lokale Agenda 21 is hier inderdaad een speerpunt van beleid geworden”, zegt burgemeester Zelissen.

Wat de Agenda voor Grave betekent, ligt overigens voor een groot deel alleen nog vast op papier. Eén zichtbaar wapenfeit is er al wel: een Wereldwinkel. Marjan van Summeren, die daar de scepter zwaait, zegt: “Rio is net de impuls geweest die nodig was om de Wereldwinkel eind 1994 van de grond te krijgen. Ik betwijfel of die er anders was gekomen.”

De Wereldwinkel past in het streven naar bewustwording, al is de 'goede omzet' van de winkel volgens Van Summeren niet altijd direct tot idealisme te herleiden. “Sommigen komen voor de duurzaamheid, anderen voor leuke of lekkere dingen. Maar allemaal worden ze geconfronteerd met armoedebestrijding.”

De Werkgroep Ontwikkelingshulp Grave (WOG) en de vorming van een Platform voor duurzame ontwikkeling hebben veel mensen betrokken bij milieu en maatschappij. Allerlei groepen en individuen zijn meegezogen, onder meer door cursussen, in het bewustwordingswerk.

Jeanette Kamp noemt als voorbeeld de NCB (Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond), die met de neus op het feit is gedrukt van de milieubelastende gewoonte om met voeding te 'sjouwen'. Dieren die uit bijvoorbeeld Latijns Amerika naar Nederland worden getransporteerd, elders in Europa worden geslacht en vervolgens weer terug worden gebracht. Door allerlei groepen met vaak verschillende belangen bijeen te brengen in het Platform is het doel van de Lokale Agenda 21 dichterbij gebracht. Het Platform heeft een reeks van aanbevelingen aan de gemeenteraad gedaan, variërend van internationale samenwerking tot stimulering van zaken als energiebesparing, duurzaam bouwen, afvalbeleid, verkeer en veiligheid en bevordering van ecologische landbouw.

In Deventer is het doel niet anders, maar de maatregelen manifesteren zich wel indringender. Dat komt omdat er in de praktijk al vóór 1992 veel is gerealiseerd. Deventer was één van de eerste gemeenten die zich sterk maakte voor sociale en bestuurlijke vernieuwing en ziet 'Rio' meer als een station langs een bestaande spoorlijn.

De poging om het milieu als hefboom te gebruiken om de burgerij en de lokale overheid dichter bij elkaar te brengen, is er goed zichtbaar. “In Nederland verzinnen we van alles om in contact te komen met de burger”, signaleert Lisette Boot (gemeentelijk medewerker strategisch milieubeleid) een algemene tendens.

In delen van Deventer zijn bijvoorbeeld plekken waar de gemeentelijke veegwagen niet bij kan. Burgers nemen daar zelf de bezem ter hand, om het vuil naar een plaats te vegen, waar de wagen het wel kan 'mee pikken'. In andere buurten gaven de burgers zelf aan hoe het parkeer- en verkeersbeleid moest worden geregeld. Veiligheid van schoolgaande kinderen, de buurman die zijn auto altijd net voor jouw huis parkeert, het waren items die aanspraken.

Op inspraakavonden bleek uit de opkomst dat de burgerij er warm voor was te krijgen. En daarmee was het doel bereikt.

Zo liggen veel gemeenten al op stoom, ook al blijkt dat het meestal niet snel gaat. Hoewel 'Rio' al weer vijf jaar geleden is, manifesteren in veel gemeenten de maatregelen zich vooralsnog alleen in toekomstplannen op papier en minder in de uitvoering. Vooral veel kleine en middelgrote gemeenten lopen warm voor de Lokale Agenda, maar ook sommige grote steden laten zich niet onbetuigd. Den Haag presenteerde onlangs zijn 'Haags Poekelboek' en etaleert zich met graagte als 'EcoStad'.

Elders in de wereld werken steden en gemeenten ook aan hun 'lokale agenda's voor de volgende eeuw'. In Europa alleen al doen 1 500 gemeenten mee (160 in Nederland). In Davis (VS) waar al lang wordt geëxperimenteerd met ecologische projecten, hebben fietsers altijd voorrang. En Curitiba in Brazilië wordt 'ecostad' genoemd wegens het relatief milieuvriendelijke verkeerssysteem.

Wel dringt zich het beeld op van steden die allemaal tegelijk het wiel weer willen uitvinden. De internationale uitwisseling tussen steden blijft achter. Bert Roes: “Tien jaar geleden was het minder geaccepteerd dat gemeenten internationale activiteiten ontplooiden. Het is nu makkelijker, maar de internationale samenwerking is na Rio eigenlijk het minst uit de verf gekomen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden