Graf Fortuyn / De geschiedenis raakte Provesano

Miljoenen Nederlandse ogen zullen dit weekend gericht zijn op het Italiaanse dorpje Provesano, waar Pim Fortuyn zijn laatste rustplaats vindt. Voor de Verdieping reisde de Italiaanse journaliste Paola Motta naar de streek af. Zij beschrijft hoe de geschiedenis plotseling ook Provesano raakte, wat dit met de bewoners doet, én met haarzelf.

Een emigrant temidden van de emigranten. Terwijl zovelen hem racistisch en xenofoob noemden, zal Pim Fortuyn worden begraven in Friuli, een van de gebieden in Italië die het meest hebben betaald als het om emigratie gaat. In Provesano weten ze wat het betekent vreemdeling te zijn. Dat hebben ze niet in zijn boeken hoeven lezen, het ligt opgeslagen in het DNA van generaties.

De helft van de circa vierhonderd inwoners van dit kleine dorp dat behoort tot de gemeente San Giorgio di Richinvelda, heeft -direct of indirect- te maken gehad met de emigratie. Naar Zwitserland en Nederland met name. Ze hebben daar gewerkt als metselaar, sommigen ook als tegelzetter, anderen als mijnwerker. In verre landen golden zij als goedkope werkkracht. In hun herinnering bestaat er geen vakantie, geen vermaak. Alleen inspanning, werk en vernedering.

Sommigen hebben een beetje geld opzijgezet, zijn teruggekeerd en hebben voor zichzelf een van die huizen neergezet die het dorpsplein omringen. Piazza Risorta is het héle dorp: een kerkje, de bar, een enkele winkel. Wie hier vanuit Venetië aankomt, heeft ofwel een auto of is verloren en moet hopen op een lift. De globalisering stopt enkele kilometers voor dit dorp: Provesano en het afgelegen platteland van Friuli hebben niets dat ze op de kaart zet, het is een leeg gebied, zonder attracties, geen Toscane of Umbrië dat door intellectuelen en politici uit heel Europa wordt overspoeld. Provesano is een arm, bescheiden en authentiek oord zoals dat in Friuli nog voorkomt.

's Avonds, 6 mei, hebben ze in dit dorp begrepen dat de geschiedenis plotseling ook Provesano raakt. In Holland hadden ze de vriend van Bruno vermoord, de professor zoals ze hem hier noemden. Piazza Risorta had de tv gehaald. Sinds enkele maanden zijn het dorp, bar 'Eddy', het kerkje, het huis 'Rocca Jacoba' op nummer 2 -of Rots Jacoba zoals Pim het had gedoopt ter nagedachtenis van zijn overleden moeder- en de inwoners van Provesano in de schijnwerpers van de hele wereld. Het dorpje is een verplicht eindpunt van een pelgrimstocht geworden.

Dat weten de Nederlandse toeristen heel goed die, op vakantie in Italië, dag in dag uit naar Provesano komen om te kijken waar Pim woonde, een kaarsje te branden, een afscheidsbriefje op te hangen, of een bosje bloemen neer te leggen onder een halfstok wapperende vlag met het familiewapen van de Fortuyns. Eddy, de eigenaar van de bar die precies tegenover de ingang van Rocca Jacoba ligt, meet de plotselinge bekendheid aan de duizelingwekkende toename van het aantal bestelde cappuccino's: ,,Elke dag komen er vijf of zes auto's uit Nederland'', vertelt Eddy, een echte Friulaan die rond het middaguur al flink wat glaasjes wijn op heeft. ,,Ze fotograferen het huis, het plein, komen dan hierheen en vragen een cappuccino, ik heb de inkoop moeten verdubbelen.''

Ook Pim bestelde vaak een cappuccino als hij in Provesano was. ,,Hij kwam hier tegen het middaguur, tegen het borreluur en ging zitten aan het tafeltje in de hoek, een beetje afzijdig'', vertelt Eddy. ,,Hij bestelde graag ook een prosecco (een bruisende witte wijn, red), rookte een sigaar. Hij sprak geen Italiaans, alleen een paar woorden om zich verstaanbaar te maken. Hij was gereserveerd, maar ook makkelijk in de omgang, na een tijdje hebben we ook grapjes kunnen maken over zijn homoseksualiteit. Ieder jaar op 2 augustus organiseer ik het 'feest van de mannen', en vorig jaar hebben we veel grappen gemaakt over Pim, hij lachte en deed mee. We wisten niet veel van zijn leven in Holland, niets van zijn politieke ideeën. Bruno had verteld dat hij een belangrijk type was, maar wij geloofden daar niets van omdat Bruno zoveel vertelt.''

In het dorp zijn ze allemaal opgewonden en vol verwachting. ,,Eindelijk is ook hier, in Provesano, iets gebeurd'', zeggen velen. De botsing der culturen, die is begonnen met de 11de september in New York, laat vervolgens via het psychodrama van de Franse verkiezingen en de politieke moord op Pim zo ook sporen na op de onbekende Friulaanse vlakte. In de bar bieden de klanten tegen elkaar op dat ze Pim hebben gekend. ,,Hij is ook bij mijn zus wezen eten'', herinnert Giovanni zich. ,,Hij sloeg nooit een uitnodiging af, at graag, vooral gegrilld vlees; daarna ging hij ergens in een hoekje zitten en las een boek.'' De meesten noemden hem dan ook de professor.

,,Hij had een erg gedistingeerde manier van doen'', vertelt Eddy. ,,Ook als hij hier in korte broek en een shirt kwam begreep je dat hij een man van de wereld was en erg elegant. Ik heb alles ontdekt op de avond van de moord, toen ze ook in Italië beelden van hem hebben laten zien en meteen de naam van Provesano is gevallen. De volgende ochtend was hier al de televisie van de halve wereld.'' Eddy, die intussen met journalisten praat alsof hij dat al heel zijn leven heeft gedaan, heeft zich op wetenschappelijke wijze op deze dagen voorbereid: hij heeft de inkoop verdrievoudigd, voor zaterdag heeft hij op zijn binnenplaats achter de bar culinaire kraampjes geregeld voor de gasten van de begrafenis, een tafel met broodjes, een met bier en prosecco en nog een met typische streekproducten, kaas en de beroemde ham San Daniele, zodat niemand met lege handen naar Holland terug hoeft. Maar daarbij heeft het Italiaanse genie Eddy het niet gelaten; over enkele uren wordt zijn bar ook een perszaal met tafeltjes en stoelen voor de journalisten; zaterdag moeten ook de eerste ansichtkaarten klaar zijn met de tekst 'Provesano, hier rust Pim Fortuyn'. ,,Een paar weken geleden heb ik een fotograaf laten komen'', vertelt Eddy, ,,en hebben we het huis uit alle mogelijke hoeken opgenomen. Hopelijk lukt het ze ze op tijd te drukken. Ik weet zeker dat die als warme broodjes over de toonbank gaan bij de Hollanders.''

Gereed is ook don Piergiorgio, die de kerkdienst heeft voorbereid en zijn stem heeft moeten verheffen toen het gerucht opstak dat een bisschop uit Nederland zou komen om de uitvaartdienst te leiden. ,,Voor mijn part komt ook de paus, maar deze kerk is van mij.'' Evenmin heeft de pastoor zich van de wijs laten brengen door de homoseksualiteit, het 'anderszijn' van Pim; hij heeft alles op meer dan praktische wijze geregeld. Bovendien ligt een paar kilometer verderop, op de begraafplaats van Casarsa, Pier Paolo Pasolini, dichter, regisseur en schrijver, een man die zijn hele leven heeft moeten strijden tegen het conformisme van de Italiaanse samenleving, de katholieke kerk en de burgerlijke waarden en die daarbij vaak een taal en een toon gebruikte die de weldenkenden stoorden.

De grote regisseur van de begrafenis van Pim blijft intussen zijn vriend Bruno Ambrosio. Intussen is hij een tv-bekendheid geworden, hij beschouwt zich als de enige verdediger van Fortuyns nagedachtenis en gedachtegoed, hij is het die de eerlijkheidsgraad van de vriendschap meet van degenen die rondom zijn goede vriend cirkelden en die nu, na diens dood, willen profiteren van zijn naam. Hij is het die dezer dagen 'njet' heeft gezegd tegen al die plaatselijke politici die officieel wilden deelnemen aan de begrafenis om hun kleine partijvlaggetje op het graf van Pim te plaatsen.

,,Dat is gebeurd met de president van de provincie Pordenone, Deanna, van Forza Italia'', vertelt Bruno. ,,Ik heb hem gezegd, kijk, je bent vrij te komen als privépersoon, maar deze begrafenis is van de vrienden, van hem die van hem hebben gehouden, niet van de partijen. Nu is het makkelijk van Pim een held te maken, maar wat hebben ze hem beledigd en gekwetst toen hij nog leefde. In de eerste tv-uitzendingen na zijn dood hebben ze hem fascist en ultra-rechts genoemd.''

Ook in Italië wisten ze niets beters dan hem neer te zetten als 'de Haider van Rotterdam', 'de Hollandse Le Pen', een leider van extreem-rechts, en dat heeft vooral het linkerdeel van de politieke wereld gedaan dat blijft geloven dat de multiculturele samenleving de mensen beter en rechtvaardiger zal maken. Daarna is de verdieping gekomen, de pogingen om te onderscheiden, om te begrijpen, en nog later is het eerherstel gekomen. Altijd achteraf, want Italië is vol met mensen, redders van het vaderland, rechters, dichters die helden worden nadat ze zijn vermoord.

Maar Bruno heeft vooral moeite met de Hollanders en de Engelsen: ,,Die zijn het verst gegaan met hem racist en xenofoob te noemen, je kunt je niet voorstellen hoe Pim eronder leed zo behandeld te worden, op tv verliet hij elegant de studio, maar vervolgens barstte hij hier in tranen uit, hij liet mij de artikelen vertalen over de vluchtelingenboten die landden in Italië, en zei: 'Arme mensen, op deze manier kunnen we ze niet helpen'.''

Ja, Ambrosio is witheet over de suggestie dat zijn vermoorde vriend racist zou zijn geweest. ,,Ik vraag u, ik ben een immigrant in Holland geweest, gelooft u dat ik een racist als vriend zou hebben gehad, iemand die me een ongemakkelijk gevoel gaf omdat ik vreemdeling was? En leg mij eens uit: waarom waren er op de begrafenis in Rotterdam zoveel immigranten? De waarheid is dat Pim zonder zich te schamen zei wat miljoenen Europeanen denken.''

Het verhaal van Bruno Ambrosio, zestig jaar, waarvan hij er veertig jaar in het buitenland heeft doorgebracht om te werken als tegelzetter, is dat van een groot deel van de mensen hier. Eerst in Zwitserland, omdat hij daar een werkvergunning kreeg, vervolgens in Duitsland en uiteindelijk in Nederland, in het noorden van Friesland, waar hij bijna dertig jaar heeft doorgebracht. Werk, werk en nog eens werk. Zoveel inspanning en zoveel vernederingen in het begin. Zijn dorpsgenoten beschouwen Bruno als iemand die het heeft gemaakt, hij is erin geslaagd onafhankelijk te worden, heeft een klein bedrijf opgericht waar zijn kinderen werken.

In Provesano is hij een rijk man, hij rijdt in een Mercedes met grote cylinderinhoud, heeft een mooi huis, maar toen hij wegging op zijn twintigste had hij maar één stel schone kleren bij zich, en dat was zijn zondagse pak. ,,Op een dag, twintig jaar geleden, was ik marmer aan het leggen op de universiteit van Groningen'', vertelt hij, ,,toen een man bleef staan en een andere medewerker vroeg wie hier de chef was. En zo hebben we elkaar leren kennen, hij heeft mij gevraagd de vloer te leggen in zijn huis in Rotterdam, we hebben een paar woorden gewisseld. Enige tijd later zag ik hem thuiskomen met Fery, de broer van mijn vrouw Marian: wat een toeval, zeiden we terwijl we elkaar groetten. Acht jaar lang zijn we zwagers geweest.''

En zo is de vriendschap tussen Pim en Bruno ontstaan, zo is de band ontstaan van Pim met Friuli. ,,Ik heb Pim de zaken meteen duidelijk gemaakt'', licht Bruno toe. ,,'Jij valt op mannen en ik begrijp eigenlijk niet hoe dat mogelijk is, je bent mijn vriend, maar wee je gebeente, raak mijn zoons en mijn familie niet aan'.''

,,De laatste maanden had de politiek hem helemaal opgeslokt, hij had weinig tijd om aan de liefde te denken'', vervolgt Bruno. ,,Hij had een grote teleurstelling in de liefde meegemaakt, was vaak melancholiek, al had hij geen afkeer van losse contacten. Op een keer in Venetië hield hij niet op te flirten met de jongens, op een gegeven moment heb ik hem gezegd: als je niet ophoudt, Pim, gooi ik je in het Canal Grande.''

Sinds vijftien jaar kwam Fortuyn in Friuli als gast van Ambrosio, twee jaar geleden kocht hij een huisje met twee verdiepingen bij de kerk, waarvan begin dit jaar de renovatie klaar was. Hij kwam elke keer naar Friuli als hij rust nodig had, als de accu moest worden opgeladen. ,,Toen het werk aan het huis af was'', herinnert Bruno zich, ,,heeft hij mij en mijn vrouw te eten gevraagd, voor die gelegenheid maakte hij tagliatelle met worst voor ons, heel lekker. Hij was een echte fijnproever; hij was nog niet aangekomen van het vliegveld of hij liet me al de ham aansnijden, ham met wijn. Vaak gingen we ook vis eten en hij zei vaak, jullie Italianen eten omdat het lekker is, Nederlanders eten om te overleven.''

De twee vrienden spraken vaak over Nederland en Italië, over politiek, over hoe het ging in de wereld. ,,Over politiek sprak en discussieerde hij met óns, zijn vrienden, maar met anderen in het dorp liet hij zich niet uit over politiek, hij was hier incognito. Alleen de president van de provincie wilde hem een paar maanden geleden komen opzoeken, maar daar is niets van gekomen. Pim had belangstelling om Berlusconi te leren kennen, hij had mij opgedragen contact op te nemen om een ontmoeting te regelen, maar ik heb er geen tijd voor gehad.''

Aan het Italiaanse politieke fenomeen bewonderde Fortuyn het talent om met iedereen te communiceren, van huisvrouw tot ondernemer, de onvermoeibare activiteit in de media en het opbouwen van een partij als Forza Italia in enkele maanden tijd. Hij wist dat, om de aandacht van het publiek vast te houden, het nodig was goed in beeld te blijven, soms was het zelfs nodig de taal een beetje te forceren om aandacht te krijgen, om te provoceren en zo langs die doofstomme politieke kaste heen te komen die zich van de mensen heeft vervreemd. En de juiste formule om de mensen aan te spreken en het ancien regime in verwarring te brengen had hij gevonden -omdat het zijn eigen leven was: een politiek incorrecte toon en inhoud gepresenteerd met een onberispelijk uiterlijk.

,,Het is waar, de laatste tijd had Pim het gevoel een missie te hebben om Holland te helpen. Enige tijd voor zijn dood heeft hij gezegd: 'Bruno, weet je, het zal me lukken premier te worden'.'' Maar de laatste maanden mengde zich in het enthousiasme over het succes een grote bezorgdheid, bijna een voorgevoel. ,,Hij wist dat het zeer snel ging'', legt Bruno uit. ,,Hij kreeg bedreigingen en vreesde dat er iets zou gebeuren. Hij zei tegen me: 'Die linkse fanatici leggen me om' en was bang. Op een dag ging ik hem afhalen van het vliegveld van Venetië en hij vroeg me of ik hem zou kunnen verdedigen voor het geval hij zou worden aangevallen. Sindsdien heb ik een knuppel in mijn auto.''

Het is Bruno niet gelukt hem te redden, nu poogt hij Fortuyns gedachtegoed te bewaren. ,,Hij had niets persoonlijks tegen de moslims, ging toch met ze naar bed, maar hij streed tegen de islam omdat het de vrouwen en homo's niet respecteerde'', legt Bruno uit, intussen politicus in de dop. ,,Hij vroeg om sluiting van de grenzen omdat Nederland vol is. Waarom is het racistisch te zeggen dat de toestroom gestopt moet worden als de Nederlanders zelf zeggen dat ze met te veel zijn, dat het land overbevolkt is?''

Zijn vriend was, anders dan zoveel intellectuelen, in Rotterdam gaan wonen in een buurt waar de immigranten deur aan deur wonen, in een wijk waar de multiculturele samenleving geen abstract concept is, maar zich dagelijks vertaalt in een strijd om te overleven, om een arbeidsplaats, in bende-oorlogen. ,,Wat me aan Pim altijd is opgevallen is zijn behoefte en zijn wil om de dingen te begrijpen, om te praten over dingen die hij kende'', vertelt Bruno. ,,Ooit heeft hij me gevraagd met hem mee te gaan naar het noorden, naar een boerendorp, omdat hij het verhaal achter de biefstuk wilde begrijpen. Ja, ja, zo is het precies. Ik heb contact gelegd met de boeren, we hebben een koe uitgezocht, zijn naar de slager gegaan, Pim heeft alles nauwlettend gadegeslagen, en na de slacht hebben ze ons de biefstuk meegegeven om thuis op te eten. Zo was Pim.'' Een socioloog die wilde weten wat er achter de biefstuk op zijn bord zat. Een burger die leefde naast immigranten. Een man die met iedereen naar bed ging. Een politicus die zei wat beter niet gezegd kon worden. Een banneling op vreemde grond.

Vertaling Gerbert van Loenen
Paola Motta schreef voor onder andere Corriere della sera, L'Informazione en Corriere della Alpi en werkte voor staatsomroep RAI.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden