Goudmijn bron van ellende en vervuiling

Ben van Niekerk en zijn echtgenote Christel zijn ingetrokken bij Christels ouders. Hun bed staat al maanden in de kleine propvolle woonkamer. (Trouw)

De vierduizend werknemers van een failliete goudmijn in het Zuid-Afrikaanse Springs krijgen al maanden geen salaris meer. Het project van een neef van president Jacob Zuma en een kleinzoon van Nelson Mandela is mislukt. Intussen dreigt de mijn ook een milieuprobleem te worden.

Ze verloren auto’s, huizen, pensioenen, zelfs echtgenotes. Ruim 150 noodlijdende werknemers van de failliete Aurora-goudmijn in Springs maken nu wekelijks de gang naar de Nederduits Gereformeerde kerk in het dorp. Hier deelt vakbond Solidariteit elke donderdag levensmiddelenpakketten uit. Koffie. Thee. Blikgroente. Rijst. Pasta. Suiker. Wasmiddel. Luiers. Met een half jaar salarisachterstand aanvaarden de desperate mijnwerkers de hulp gelaten. De schaamte zijn ze al lang voorbij.

„We zitten allemaal in hetzelfde schuitje”, zucht Christel van Niekerk (43) op het grasveld voor de kerk. Echtgenoot Ben (44) werkte vanaf 1986 bij de mijn, die begin dit jaar failliet ging. Met het wegvallen van Bens salaris konden de Van Niekerks de huur voor hun flat niet meer betalen, evenmin als de aflossing voor de auto. Toen de meubels en de tv waren verkocht, trok het echtpaar noodgedwongen in bij Christels ouders. Hun tweepersoonsbed staat nu al maanden pal in het propvolle woonkamertje. Van Niekerk trekt zenuwachtig aan haar sigaret en kijkt weg. „Het is een chaos”, mompelt ze. Ben wil er niet over praten.

In de voedselrij voor de kerk schuifelen norse kompels langzaam naar voren. Knoestige oudere blanke mannen staan schouder aan schouder met hun zwarte collega’s. De ondergang van de goudmijn is volledig te wijten aan het falen van een BEE-project, knarsetanden ze. BEE staat voor Black Economic Empowerment, oftewel de wettelijk verplichte participatie van zwarte Zuid-Afrikanen in blanke bedrijven. De goudmijn in Springs was oorspronkelijk een blanke onderneming. Die ging in 2005 joint ventures aan met het BEE-bedrijf Pamodzi Gold. Begin 2008 nam het ’zwarte’ moederbedrijf de goudmijn volledig over. Sindsdien ging het alleen maar bergaf, vertellen de mijnwerkers. Pamodzi Gold vroeg in september 2009 surseance van betaling aan. „Toen zaten we ook al vier maanden zonder salaris.”

In oktober meldde zich een overnamekandidaat: het Aurora-consortium. Dat staat onder leiding van Khulubuse Zuma, een neef van de Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma, en Zondwa Mandela, kleinzoon van Nelson Mandela. De Aurora-directie had zelf geen overnamekapitaal, maar beloofde – keer op keer – dat binnen te brengen via buitenlandse investeerders. Pas deze week slaagden ze daar een klein beetje in: het Zwitserse Global Emerging Markets verschafte een overbruggingskrediet. Maar daarmee zijn alleen de komende drie maanden gedekt. De frustraties bij de mijnwerkers, die de loze beloftes allang spuugzat zijn, lopen intussen steeds verder op.

„Ze liegen alleen maar”, zegt Thulo Ramakaba boos. „Ze houden ons gewoon aan het lijntje.” De 35-jarige zwarte Zuid-Afrikaan moest in april met vrouw en vier kinderen verhuizen van een huurflat naar een krottenwijk. Hij heeft geen geld meer om zijn kinderen naar school te sturen, en staat nu wekelijks in de rij voor de kerk. „Toen de mijn nog onder bestuur was van de witmense was het goed. Kregen we onze salarissen op tijd.” Naast hem staat William Carlson (55). Hij verloor zijn meubels, zijn huis en zijn vrouw. Zijn moraal is gebroken, vertelt hij. „Ik heb 42 sollicitaties weggestuurd, maar ik kom nergens meer aan de bak. Ben te oud en te wit.”

„Pamodzi heeft de mijn alleen overgenomen om hun eigen zakken te vullen. Er is voor 81 miljoen rand (circa 8 miljoen euro, red) aan goud verdwenen”, sist zijn ploeggenoot William Brown. „Als ik je zou vertellen hoe ik er echt over denk, zou ik hele racistische dingen zeggen.”

„Het zijn schurken! Schrijf dat maar op”, schreeuwt de broodmagere Susan Oosthuizen. „Wij hebben alleen nog een bed en een tv in onze flat. Kom maar kijken!”

De tweekamerflat aan 5th Avenue in het centrum van Springs ademt armoede. In de woonkamer liggen een paar lagen dekens op de grond: de slaapplaats van de verstandelijk gehandicapte zoon Reinier, die overdag oud ijzer verzamelt. Oosthuizen (59): „Onze kleinkinderen mogen niet eens meer op bezoek komen omdat opa en oma niets te eten in huis hebben.”

De besnorde Pieter Oosthuizen (56) zit op een plastic kruk. Gekleed in een sjofel blauw pak, papegaai op zijn schouder. De teloorgang van de eens florerende mijn gaat hem zichtbaar aan het hart. „Onze productie was altijd prima, 80 tot 120 kilo goud in de maand. Hoe kan het dan zo mis gaan? Hoe kunnen Zuma en Mandela nu de mijn overnemen zonder kapitaal? En de president doet er niets aan. Hij wil zeker niet dat de knoeiboel van zijn neef aan het licht komt.”

De Oosthuizens hebben het zwaar, maar hun situatie is nog gunstig vergeleken bij de pakweg driehonderd gastarbeiders die vast zitten in armzalige barakken bij de mijn. Stromend water is er niet meer. Het hostel is afgesloten omdat de mijn de waterrekening niet heeft betaald. Douches en toiletten zijn buiten gebruik. De mannen doen hun behoefte in het open veld. „We bedelen in de buurt om water en voedsel”, zegt de 58-jarige Mozambikaan Jaime Valoi. Collega Gilbert Monamoli (55) uit Lesotho kan het zich niet heugen wanneer hij voor het laatst een fatsoenlijke maaltijd heeft gegeten. De mijnwerkers overleven al maanden uitsluitend op stijve maïspap, die een barmhartige samaritaan uit een naburig township langsbrengt. „Soms proberen we iets te vangen bij de rivier. Eenden of zo.”

Terugreizen naar hun thuislanden – Zimbabwe, Mozambique, Lesotho – is geen optie. Geld voor het vervoer hebben ze niet, en bovendien hopen de mannen toch ooit hun achterstallige salaris te krijgen. Pieter Oosthuizen: „Ik heb Khulubuse Zuma één keer bij de mijn gezien. Hij reed in een heel dikke auto.”

Pieter en Susan Oosthuizen: 'Onze kleinkinderen mogen niet op bezoek komen, omdat opa en oma niets te eten in huis hebben.' (FOTO'S RICHARD FIETEN.)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden