Opinie

Goudhaantje van de dans

Nederland was in 1994 nog niet klaar voor haar werk, maar met ’Corazón Loco’ krijgt choreografe Blanca Li ons land op de knieën.

Blanca Li is in alles tomeloos. Of de choreografe een stuk creëert voor haar eigen moderne dansgezelschap, een musical maakt met hiphoppers, of zich waagt aan korte films en videoclips: de geboren Spaanse werpt zich er altijd met Latijns temperament tegenaan, in een aan obsessie grenzende noestheid. „De voorzienigheid drijft me tot steeds andere ervaringen. Voor elk stuk of project dwing ik mijzelf in een nieuwe situatie: ik doe de deur open en word naar binnen gezogen. De mensen om mij heen drijf ik tot wanhoop. Dan zeggen ze: ’Li, blijf toch es rustig op één plek’. Maar mijn pad is kronkelig en kent korte pitstops.”

Een kwikstaartje met de hele wereld als artistieke biotoop. Haar Blanca Li Dance Company resideert in de opera van het nabij Parijs gelegen Massy, ook geeft ze leiding aan het centrum voor dans in Spaans Andalusië. Choreografieën maakt ze voor opera’s in zowel de Parijse Opéra Bastille als de New Yorkse Metropolitan en de videoclips voor bands als Blur en Daftpunk choreografeert ze „overal en nergens”. Ze danste bij popgodin Madonna en werkte samen met filmregisseur Pedro Almodovar.

Blanca Li (Granada, 1964) is het goudhaantje van de dans. Haar choreografische werk wordt wel eens vergeleken met het danstheater van Pina Bausch, of ze wordt het mediterrane zusje van Mats Ek genoemd: expressionistisch, theatraal, humaan. Blanca Li: „Ik wil werken voor een zo groot mogelijk publiek, met alle middelen die ik voorhanden heb, vanuit thema’s die mij op dat moment bezighouden. Mijn danstaal beperkt zich niet tot een stijl of richting. De een herkent iets van flamenco, de ander een streetdance move. Ik probeer echte emoties te vangen, vals sentiment ga ik uit de weg.”

Komende dagen strijken Li en haar gezelschap neer in Nederland met ’Corazón Loco’, volgens de choreografe een ’ballet-opera’ waarin dans en zang niet met elkaar om aandacht strijden, maar „zelfs niet van elkaar te onderscheiden zijn”. De verwondering van de liefde staat centraal in deze productie waarvoor Li andermaal een deur moest opengooien („wagenwijd ditmaal”) om met componiste üdith Canat de Chizy, acht stemmen van het Ensemble Sequenza en zes van haar dansers tot een symbiose van krachten te komen.

Blanca Li: „We hebben vanaf het begin van de repetities, dansers en zangers, echt sámengewerkt: op basis van improvisaties en Canats hedendaagse compositie zijn we op zoek gegaan naar de universele taal der liefde. Het was nieuw voor mij om zo fysiek met zangers te werken, met niet-danserslijven aan de slag te moeten. Ik noem het ’fysieke verwarring’: zangers dansen en dansers zingen. Je weet nooit wie wie is. Ik wist van tevoren niet hoe bevrijdend deze aanpak zou uitwerken.”

Het werken aan ’Corazón Loco’ gaf haar eenzelfde gevoel van bevrijding toen ze als puber voor de dans koos. Op twaalfjarige leeftijd doet ze als lid van het nationale Spaanse turnteam kür na kür, steeds dezelfde oefeningen – ongeïnspireerde kunstjes die haar tegen gaan staan. „Ik wilde weg uit de klauwen van die stringente jurering. Dan keek ik naar dans en dacht: wat een onuitputtelijke poel van mogelijkheden. De punten tellen niet, maar emotie en sensatie. Dans was voor mij een plek om mezelf te mogen zijn.”

De dans brengt haar naar New York, waar ze studeert aan het opleidingsinstituut van Martha Graham en meevaart op de eerste hiphopgolf begin jaren tachtig: ze geeft zich over aan streetdance, en ook met de Braziliaanse gevechtsdans capoeira en Afrikaanse dans laaft ze haar lijf. Ze ontmoet haar man, een Frans-Koreaanse wiskundige wiens naam ze aanneemt. Ze volgt hem eerst naar Marokko, later naar Madrid.

In Europa verandert alles wat Blanca Li aanraakt in goud. Voor de grap formeert ze de een flamenco-rapband en hun album wordt een instant hit. Om een eigen dansgezelschap te kunnen bekostigen, opent ze een variététheater annex nachtclub: het wordt de hotspot voor hip & happening Madrid.

Modeontwerper Paco Rabanne merkt Li op en strikt haar als model voor zijn campagnes, in ruil daarvoor geeft hij haar producties stijlvolle allure met zijn kostuumdesign. Ook al wordt haar gezelschap geselecteerd voor de wereldtentoonstelling in Sevilla, Spanje is geen dansland en Li vreest artistieke stagnatie. In Parijs, waar het eind jaren tachtig, begin negentig dansant zindert met makers als Josef Nadj, Maguy Marin en Angelin Preljocaj, heeft ze moeite haar plek te vinden. Uit heimwee naar haar club in Madrid organiseert ze flamboyante, pluche fluwelen revue-avonden op Pigalle, die uitgroeien tot the place to be voor de modewereld.

Op Li’s open-podiumavonden, de beruchte ’Fiëstas de Blanca Li’ (met haar ravissant gevoel voor camp: „Ik wilde de slechtst en meest smakeloze theaterbar denkbaar.”), grijpen sterren als Lenny Kravitz, Nina Hagen en Madonna naar de microfoon. Zeker geholpen door deze nachtelijke exposure blijft Blanca Li zich focussen op eigen dansproducties. Zo presenteert ze in 1993 haar ’Nana et Lila’ tijdens het Festival van Avignon.

Vanaf die tijd duikt Blanci Li werkelijk overal op: ze is actief als model voor zowel ontwerper Paco Rabanne als Martin Margiela, staat in het theater met een cabareteske onewomanshow, speelt in televisieseries en figureert bij boezemvriend Almodóvar. Ook wordt ze geregeld gevraagd als gastchoreograaf. In 2003 voor het ballet van de Parijse Opéra, waar ze voor het eerst met spitzen werkt en het ensemble in kostuums van Christian Lacroix laat steken.

In Nederland wordt het werk dat Li in 1994 creëert voor het Arnhemse Introdans, minder goed ontvangen. Haar ’Central Station’ wordt afgeserveerd wegens de uitbundige boudoir-esthetiek waarmee de choreografe de Introdansers omhult: ’kitsch’ en ’smakeloos’, aldus een recensent destijds. Achteraf gezien was de openlijke knipoog naar Li’s ’campy Fiëstas’-sferen voor het dansnuchtere Nederland misschien iets te veel van het goede.

Zeker warmbloedig, toch heel wat minder exuberant, tekent ’Corazón Loco’ de richting die Blanca Li de laatste jaren is ingeslagen: meer cross-over tussen verschillende disciplines, input die ze achter de door haar geschetste ’deuren’ tegenkomt. Alsof het kronkelige pad dan toch naar een eenduidiger expressievorm komt te leiden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden