Goedkoop en uniek

Als je minder geld hebt, is het zaak creatief te worden. Kledingruilfeestjes, kringloopwinkels en Marktplaats doen het beter dan ooit. Goed voor portemonnee én looks.

Triomfantelijk houdt een vriendin een rood gestipt jurkje omhoog. Nee, schudt ze, niet van Zara, H&M of Mango. Ik zal niet snel nog een ander in dit kekke jurkje van haar zien lopen, dat weet ze zeker. En dan: "Weet je hoeveel deze me heeft gekost? Vijf euro!"

Ik ben niet verrast. Al jaren struint mijn vriendin tweedehandswinkels- en markten af waar ze voor een prikkie bijzondere kleren op de kop tikt; een paar leren laarzen voor een tientje, een warme winterjas voor twintig euro, of een gratis rokje met felle print bij de weggeefwinkel. Goedkoop en vooral uniek. Steeds meer van mijn vriendinnen laten grote kledingwinkels voor wat het is. Dertig euro voor een truitje? Veel te duur. Bovendien willen ze niet opgaan in de massa die outfits van dezelfde snit draagt. Liever zoeken ze uren tussen hopen oude kleren naar dat ene mooie kledingstuk of nemen ze elkaars afdankertjes over tijdens ruilfeestjes.

Volgens de Branchevereniging Kringloopwinkels zijn tweedehandszaken bezig aan een opmars. "Tweedehands is sinds een paar jaar weer hip", zegt medewerker Leonie Reinders. "Vroeger kwamen alleen arme mensen in onze winkels, nu is het publiek heel divers. We trekken mensen aan uit alle lagen van de samenleving."

Organisator van de maandelijkse tweedehandsmarkt in de Amsterdamse IJ-Hallen, Peter Hooggewerf, merkt ook dat zijn markt steeds beter wordt bezocht. "De IJ-Hallen waren altijd al populair, maar de laatste twee jaar is het bezoekersaantal fors toegenomen. Nu komen er op zo'n dag duizenden mensen. Vooral jonge mensen die op zoek zijn naar meer bijzondere kleren." Of klanten die speciaal kleding uit een bepaalde periode zoeken. Dan heet het opeens niet meer tweedehands maar 'vintage'.

Die meer bijzondere kleren worden niet alleen in kringloopwinkels gevonden, maar ook in elkaars klerenkast. Een broek die al jaren ligt te verstoffen? Die gooi je niet weg, maar wissel je op een ruilevenement in voor een 'nieuw' kledingstuk, van iemand anders. Maartje Maas (30), die sinds twee jaar door heel Nederland het ruilfestijn Little Green Dress organiseert, ziet de ruilfeestjes overal verschijnen. "Twee jaar geleden kende niemand het, nu is kleren ruilen al heel normaal."

Dat tweedehandskleding juist nu weer hip is, is niet toevallig. "Door de crisis daalt de koopkracht al drie jaar", zegt Gabriëlle Bretonville van het Nibud. "Mensen zoeken naar goedkopere oplossingen."

Fervente 'ruilers', zullen het volgens Maas niet snel toegeven, maar de organisator van Little Green Dress is ervan overtuigd dat ook het succes van de ruilfeestjes met de crisis te maken heeft. "Als je minder geld hebt, moet je creatiever omgaan met de spullen die je hebt." Maar, benadrukt ze, "Ruilfeestjes zijn ook gewoon heel leuk. Het is een sport, waarin het erom gaat dat je de schatten vindt tussen de troep", legt ze uit. "Bovendien vinden we het leuk om te kunnen te zeggen dat onze outfit bijna niets gekost heeft. Dat past bij onze zuinige volksaard."

Onze koopkracht mag dan gedaald zijn, arm zijn de meeste Nederlanders niet. Volgens trendwachter Hilde Roothart heeft de populariteit van tweedehands kleding dan ook niet alleen te maken met onze portemonnee, maar ook met een groeiend bewustzijn.

"Kleding is relatief goedkoop. Maar in tijden van recessie worden mensen nu eenmaal voorzichtiger met geld uitgeven", legt ze uit. "Doordat er voortdurend over bezuinigingen wordt gesproken, hebben ook mensen met een redelijk inkomen het idee dat ze op de kleintjes moeten letten. We worden steeds kritischer ten aanzien van wat we kopen en realiseren ons dat er al heel veel spullen zijn en dat je die je kan hergebruiken of repareren."

Ook ik loop intussen kringloopwinkels binnen. Hoopvol baan ik mij een weg door bergen verwassen kledingsstukken, langs rekken met te grote jurken en te kleine jasjes. En vaak denk ik: 'Jammer, de pareltjes zitten er dit keer niet tussen'. Maar bij de tiende poging zinkt de moed mij in de schoenen. Is deze manier van consuminderen wel voor mij weggelegd? Mijn laatste hoop gevestigd op een groot ruilfeest dat binnenkort in mijn woonplaats wordt gehouden. En als ik die pareltjes dan weer niet zie? Dan wacht ik tot de uitverkoop in januari. Goedkoop, maar nog ongedragen en op maat gesorteerd. Niet duurzaam, niet uniek, maar wel zo makkelijk.

Tatjana Kirienko
Leeftijd: 27

Woonplaats: Nijmegen

Beroep: student milieu- en maatschappijwetenschappen

"Ik heb een zwak voor bloemetjesjurken. Daar heb ik een stuk of vijftig van. Ik krijg veel, ga naar ruilfeestjes en weggeefwinkels. Vorig jaar heb ik een paar winterschoenen gekocht voor dertig euro, dat is mijn duurste uitgave. Mijn moeder droeg ook alleen maar tweedehands, dus ik ben niet anders gewend. Bovendien zijn er al zoveel kleren, ik zie niet in waarom er nog nieuwe gemaakt moeten worden. Ik heb een heel netwerk van mensen die mij kleding geven. Als ze van hun oude kleding af willen, weten ze me te vinden. Maar ik trek heus niet alles aan hoor, ik haal alleen de dingen eruit die ik leuk vind. Een tijdje had ik een naaiatelier thuis. Dan kocht ik voor een euro een afgedankt jurkje op Marktplaats en maakte daar iets leuks van. Als je kan naaien, heeft een kledingstuk ineens veel meer mogelijkheden. Een te grote rok is niet bij voorbaat afgeschreven. Ik krijg vaak complimentjes over hoe ik eruit zie. Ik vind het leuk om dan te zeggen dat mijn outfit me geen geld heeft gekost."

Annemarije de Ruiter
Leeftijd: 26

Woonplaats: Amsterdam

Beroep: student medicijnen

"Door mijn co-schappen heb ik geen tijd meer voor een bijbaantje, veel geld voor nieuwe kleren blijft er dus niet over. Vroeger gaf ik rustig honderd euro per maand uit aan kleding, nu is dat vijftig. Ik probeer op goedkopere manieren aan leuke kleding te komen. Zo draag ik veel stukken die ik bij ruilfeestjes op de kop tik en laatst heb ik voor vijftien euro een winterjas op Marktplaats gekocht. Soms koop ik nog wel eens bij H&M, dat is nog wel betaalbaar. Sinds vijf maanden zit ik op een naaicursus. Mijn moeder maakte vroeger in een middag een jurk voor me, dat wil ik ook kunnen. Het lijkt me fantastisch als ik in de toekomst een groot deel van mijn kleren zelf kan maken. Als je het zelf maakt, heb je echt een uniek kledingstuk. Stofjes koop ik voor een paar euro op de Noordermarkt. Dus, ja het is ook stukken goedkoper."

Angela Wals
Leeftijd: 26

Woonplaats: Amsterdam

Beroep: freelance journalist

"Sinds twee jaar koop ik geen kleding meer in normale winkels. Er zijn nog zoveel mooie tweedehands kleren, waarom zou ik nieuwe kopen? Vroeger kocht ik heel veel kleding. Maar toen ik acht maanden ging backpacken in Zuid-Amerika en Azië had ik alleen keuze uit de weinige kleren in mijn rugzak. Dat vond ik heel bevrijdend. Eenmaal terug in Nederland kwam de drang om hippe schoenen en jurkjes aan te schaffen gelijk terug. 'Waar slaat dit op?', dacht ik. Bij wijze van experiment heb ik toen een jaar lang niets gekocht. Nu geef ik nog steeds weinig geld uit aan kleren. Ik ga veel naar ruilfeestjes en soms koop ik iets tweedehands. Bij ruilfeestjes kun je echt mooie spullen vinden. Er zitten ook oude en verwassen kleren tussen, maar daar leer je doorheen kijken. Het grappige is dat mijn kledingstijl door die ruilfeestjes is veranderd. Ik kleed me veel aparter dan vroeger. Doordat de kleding op een ruilfeestje niets kost - je brengt immers zelf ook kleding in - probeer je eerder iets geks uit. Is het uiteindelijk niets? Dan neem je het gewoon weer mee naar een volgend feestje."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden