Godin van de overwinning

(\N) Beeld
(\N)

Nu ze de vijftig nadert, komt Lenette van Dongen steeds dichter bij de kern. „Ik durf veel beter naar mijn intuïtie te luisteren." Met haar handen in de lucht komt Lenette van Dongen (49) het podium opgerend.

Ze heeft er zin in. Al zoenend en zwaaiend loopt ze door de zaal van het oude Luxor Theater in Rotterdam, waar de première plaatsvindt van ’Nikè’. Ze is blij, zit goed in haar vel en dat is te zien aan alles.

In een Amsterdams café zit een vrolijke cabaretière. De recensies zijn allemaal juichend, behalve eentje. Dat doet wel pijn, vertelt ze, want ze werkt zó met haar hart dat het bikkelhard aankomt.

Over het energieke begin van de voorstelling: „Ik laat me zien en maak meteen duidelijk dat ik een gesprek met de zaal wil. Nikè is de Griekse godin van de overwinning. Het is niet alleen het thema van de voorstelling, maar ook de staat waarin ik hem speel.”

Na uitstapjes als ’Rafels’, een puur muzikale voorstelling met een band, en een hoofdrol in de musical ’Doe Maar’ voelt het goed om ’terug’ te zijn met een show die stand up comedy-achtig aandoet, met veel interactie met het publiek – „Ik wil comfortabele publieksparticipatie.” – en maar één liedje.

Het opruimen van je kelder of zolder is de kapstok van ’Nikè’. Daar liggen altijd wel ongebruikte spullen, die je om de een of andere reden toch niet weggooit. Een ’ooit-leven’ noemt Van Dongen het. Door die herkenbaarheid gaan de handen van het publiek omhoog als Van Dongen vragen stelt. Een prachtige, eerlijke, openbare biecht bij iemand die ook zichzelf kwetsbaar opstelt. Want alle voorwerpen uit háár eigen kelder staan voor iets. Illusies en dromen in het leven die niet zijn uitgekomen, waarbij het gemis van een kind het grootste verdriet geeft.

„Mijn thema, dat in al mijn voorstellingen terug komt, is: Echt zijn. Wie durf je te zijn zonder al die bullshit om je heen?”

Toen Lenette van Dongen in 2003 in de musical ’Mama Mia!’ stond als Donna, zong ze het lied ’De winnaar krijgt de macht’ (’The winner takes it all’). Daarin zat de zin: ’Het is zoals het is’. Van Dongen kreeg ’m nauwelijks uit haar strot. Nu zegt ze lachend: „Het is mijn motto van dit moment.”

Raar toch, hoe die dingen lopen. Net zo raar als het ontstaan van ’Nikè’, de zevende voorstelling van de cabaretière. Vlak voor de eerste try out nam ze ogenschijnlijk lukraak een aantal spullen mee uit haar huis – onder meer een yogabal, een oud kinderbedje, een pop en een lamp – en nu heeft ze er een dijk van een voorstelling omheen gebouwd, haar beste tot nu toe.

„Ik luister nu veel beter naar mijn intuïtie dan vroeger, ik durf dat nu meer. Er is altijd een strijd in mij tussen de optreed-Lenette en de maker-Lenette. Die makerskant heb ik deze keer veel meer ruimte gegeven. De optreed-Lenette wil goed overkomen, succes hebben, scoren, maar de maker is mijn kracht.”

Nikè komt op je hand staan als je iets overwonnen hebt, als een soort trofee. Aan het einde van de voorstelling pakt Van Dongen haar oude pop Margriet. Die krijgt een stel donzige engelenvleugeltjes om haar schouders, Van Dongen heft haar hand en voilà, daar, in het prachtige beeld dat ze op die manier creëert, staat háár overwinning. Zo staat het popje niet alleen symbool voor het kind dat Van Dongen nooit kreeg en dat ze een plek geeft, maar ook voor al het andere dat ze in haar leven overwon. Heel ontroerend.

„Je kunt heel sterk missen wat je niet hebt, in mijn geval dat kind. Maar je idealiseert het. In mijn hoofd blijft ze altijd de schattige kleuter met een lampion of die prachtige dochter die iets zinnigs doet. Ik heb een fantastisch leven zonder, daar niet van. Maar af en toe is het moeilijk. Als je bij de gynaecoloog ligt en er hangen van die pretecho’s bijvoorbeeld.”

Door het een plek te geven in Nikè, krijgt de voorstelling iets heel puurs. „Dat is het grootste compliment dat ik van het publiek krijg. Toen ik aan dit vak begon, dacht ik: ik hoop dat het me op een dag lukt om gewoon mezelf te zijn op het podium. Zoals ik thuis ben, de echte Lenette. En ik zeg er heel eerlijk bij dat ik thuis echt akelig kan zijn. Dat je, als hij vraagt of je zijn rug wil insmeren op het strand, hem toesnauwt: ’Doe eerst maar waar je zelf bij kunt’.”

Dit programma is weliswaar haar zevende maar een comeback is het niet. „Dat suggereert dat je bent weggeweest. Ik heb in ’Doe Maar’ gestaan en ik zal nog wel eens een musical doen. Maar daardoor heb ik gemerkt hoe geweldig het is als je drie jaar kunt ’sparen’. Kijken, lezen, leven. Ik ben met deze voorstelling echt een andere weg ingeslagen. We, dat zijn mijn coaches Pieter Tiddens en Ruut Weissman en ik, hebben tegen elkaar gezegd: ’Nikè’ is niet de zevende, maar nummer één van een volgende serie.”

Lenette van Dongen: „Ik ben met deze voorstelling echt een andere weg ingeslagen.‿ (JÿRGEN CARIS, TROUW) Beeld
Lenette van Dongen: „Ik ben met deze voorstelling echt een andere weg ingeslagen.‿ (JÿRGEN CARIS, TROUW)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden