Giel Beelen

Giel Beelen (Haarlem, 1977) is diskjockey. Hij werd berucht door zijn grensverleggende manier van radiomaken. Zo liet hij zich live door een prostituee bevredigen en experimenteerde hij met verschillende soorten drugs in de 'Dopeshow'. In 2001 werd hij twee keer ontslagen. Eerst bij de KRO -toen hij in een interview 'Mein Kampf' het indrukwekkendste boek had genoemd-en later bij de Vara omdat hij kort na 11 september luisteraars had opgeroepen 'poederbrieven' naar de omroep te sturen. Sinds kort presenteert hij op 3FM het ochtendprogramma 'Giel'.

1. Gij zult de Heer uw God aanbidden en hem liefhebben met geheel uw hart, geheel uw ziel en met al uw krachten

,,We zijn hier niet om ons dingetje te doen, dood te gaan en klaar. Het zal vast wel ergens goed voor zijn. Ik ben ook iets of iemand dankbaar voor bepaalde dingen. Vaag? Ja, dat is misschien wel zo, maar je kunt het geloof toch ook niet tastbaar maken? Als ik 's avonds in bed lig, overdenk ik mijn dag. Dat zou je bidden kunnen noemen, maar waarom zou ik op mijn knieën gaan, een kruisje slaan of naar de hemel kijken, als ik me van die God toch geen voorstelling kan maken? Ik geloof niet in dat hele bijbelverhaal -met al die toeters en die bellen- maar ik sta nog steeds achter de basis van mijn katholieke opvoeding: als je goed leeft, kom je goed terecht.''

2. Gij zult de naam van de Heer uw God niet zonder eerbied gebruiken

,,Ik vind het leuk om mensen te beledigen, maar als ik dat alleen maar zou doen door te vloeken, zou dat wel heel gemakkelijk zijn. Dan gaat het om de vloek en niet meer om de grap. Bovendien: als ik wil schelden, kan ik ook nog wel iets bedenken waar Zijn naam niet in voorkomt. Ik heb er geen behoefte aan om mensen onnodig te kwetsen.''

3. Gij zult de dag des Heren heiligen

,,Aangezien werken mij gelukkig maakt, doe ik dat ook graag op zondag. Maar zondag is ook de dag waarop ik even de tijd neem om mijn cd'tjes op te ruimen en mijn to do-lijstje op te schonen. Je kunt aan mijn kamer, of aan het interieur van mijn auto zien hoe het met mij gaat; het is een perfecte afspiegeling van hoe het er in mijn hoofd uitziet. Overal papiertjes, plannetjes, halve ideeën. Zondag is een mooie dag om de boel te cleanen.''

4. Eer uw vader en uw moeder

,,Op een gegeven moment ging het niet zo lekker meer tussen mijn ouders. Ik was zestien en ik had zin om daar een punt van te maken, dus ik zei: 'Het is niet normaal, zoals jullie met elkaar omgaan. Ik trek dit niet langer', en ging bij een vriendje wonen. Mijn ouders zijn toen ook echt uit elkaar gegaan. Ik had de boel onwijs opgeblazen, maar het was wel zo dat ze in die tijd niet goed communiceerden. Mijn broer en zus waren het huis uit, ik zou niet lang meer blijven; het hele gezin viel uit elkaar. Ik denk dat mijn ouders aan die nieuwe situatie moesten wennen. Een halfjaar heeft hun 'scheiding' geduurd. Sindsdien zijn ze weer bij elkaar en het gaat beter dan ooit tevoren.

Ik kom niet vaak thuis, maar de band is goed. Mijn ouders zijn heel trots op mij. Je moet je voorstellen: ik was toch een beetje het kutkind van de familie. Mijn broer en mijn zus hadden een keurig pad voor mij gebaand, maar ik wilde een andere kant op. De leraren op school zeiden: 'Ah, een Beelen, dat komt wel goed!' maar ze kwamen er al vrij snel achter dat ik anders was. Ik was vaker bij de lokale omroep te vinden dan op school. Ik kan me nog herinneren dat ik halverwege mijn middelbare schooltijd, op oudejaarsavond, met tranen in mijn ogen mijn goede voornemens bekendmaakte: ik zal nóg minder voor school gaan doen en zoveel mogelijk tijd aan de radio besteden. Het was een emotioneel moment: ik wist dat ik mijn ouders verdriet deed, maar ik móest het zeggen. Eerlijkheid boven alles. Ik kon hen al vrij snel gerust stellen. Eerst mocht ik de telefoon aannemen, later deed ik de techniek -ik werkte als een tierelier. Het is me gelukt. Ik ben goed terechtgekomen: ik werk bij de radio.

Ik vind het leuk dat ze trots op me zijn, al kan ik niet inschatten wat de impact van mijn bekendheid op hun leven is. Ik vind het niet erg om op straat te worden aangesproken, maar ik weet niet hoe het voor mijn vader is om van collega's te horen: 'Ik heb jouw zoon laatst naakt in een reclamespotje gezien!' Ik wil daar niet over nadenken omdat ik me anders misschien geremd zou voelen. Dat geldt ook voor de programma's die ik maak. Ik weet dat mijn moeder luistert, maar als ik me al zou inhouden, dan is het vooral omdat ik haar als ijkpunt zie van een groep -oudere luisteraars- die ik ook graag wil bedienen. Als ik op het ene moment een scheldwoord gebruik, zal ik daarna iets aardigs zeggen om het te compenseren... Weet je, het klinkt misschien heel bijdehand om dit te zeggen, maar ik merk -ook tijdens dit interview weer- dat ik echt een gevoelsmens ben. Mijn gevoel is de basis voor mijn leven. Ik neig, wat dat betreft, naar het meisjesachtige. Ik merk dat ik mensen vaak in verwarring breng: ik heb door mijn aanpak toch het stigma van de ongevoelige lul. Maar zou het niet zo kunnen zijn dat ik juist zoveel gevoelige onderwerpen behandel omdat ik zelf gevoelig ben?''

5. Gij zult niet doden

,,Oké, ik zeik wel eens iemand af, maar ik ben er niet op uit om mensen kapot te maken. Dat levert ook geen leuke radio op. Ik heb misschien wel macht, maar dat geeft me helemaal geen kick. Ik wil niet zo'n onaantastbare figuur zijn, ik ben gewoon een jochie dat daar toevallig achter die microfoon zit. Ik heb altijd gezegd: het maakt niet uit wát ik doe -al moet ik achter de schermen bij de EO gaan werken- als ik maar iets bij dat medium kan doen. Ik hoef niet door heel veel mensen gehoord te worden, maar ik wil wel dat degene die luistert met zijn oren zit te klapperen. Het moet spraakmakend zijn. Ik hou niet van grenzen op de radio -of überhaupt in de media. Ik geloof niet in een voorbeeldfunctie, sterker nog: ik denk zelfs dat het averechts werkt. Ik wil gewoon mezelf zijn, de hele lading dekken. Alles moet kunnen. Zolang je maar eerlijk bent, kun je alles maken. Het is helemaal niet erg om iemand uit te schelden; het wordt pas kwalijk als je dat achter zijn rug om doet. Ik roep door mijn manier van werken heel wat heftige reacties op, maar ik ben nog nooit bedreigd... alhoewel, ik herinner dat ik een keer werd gebeld door een Hells Angel die zei: 'We komen je opzoeken!' Niet veel later werd vlakbij de studio de eerste motor gesignaleerd. Maar goed, ik vond het gewoon leuk om die gasten een keer uit te dagen. Ik vind het ook zo'n ouderwetse toestand; van die oude mannen in leren pakken. De vergelijking met leernichten dringt zich dan wel heel gemakkelijk op. En ik heb, nadat ik een bepaalde supportersvereniging van een voetbalclub voor sukkels had uitgemaakt, wel eens een sluiproute naar huis moeten nemen, maar voor de rest valt het wel mee. De mensen die vinden dat wat ik doe 'echt niet kan' zijn toch vaak luisteraars van de oude stempel. Die sturen geen kogelbrief, die zoeken na een uitzending de teletekstpagina Ergernis op of zeggen hun lidmaatschap op.''

6. Gij zult geen onkuisheid doen

,,Het is misschien een makkelijk antwoord, maar toch geloof ik dat je zelf bepaalt wat onkuis is en wat niet. Zelf ben ik in dat opzicht nogal een behoudende lul. Ja, ik weet het: deze uitspraak staat in schril contrast met de dingen die ik voor de radio heb gedaan, maar ik moet je eerlijk zeggen dat ik daar, als mens, ook wel spijt van heb. Ik voelde me smerig en -gek genoeg- gebruikt. Als radiomaker sta ik er nog steeds achter: een diskjockey die zich live laat pijpen door een escortgirl, dat is toch prachtige radio? Ik doe dingen op de radio die ik thuis, in het echte leven, nooit zal doen. Later krab ik me nog wel eens achter m'n oren -wat heb ik nou weer gedaan?- maar ik zweer het je, als ik, met een zender op mijn rug, bijvoorbeeld ergens overheen zou moeten springen, zal ik mij waarschijnlijk in een flits bedenken: als dit mijn dood wordt, heeft het in ieder geval mooie radio opgeleverd. Nee, ik ben zonder zender geen brave burgerman, maar ik vraag me dan wel af: waarom zou ik springen als er toch niemand luistert? Ik voel het als een verplichting om dingen in mijn programma's te laten gebeuren; ik wil dat mensen met hun oren gaan zitten klapperen. Wauw! Wat gebeurt hier? Nee, dat heeft niets met mij te maken; het is de liefde voor het medium. Ik maak mij ondergeschikt aan de radio.''

7. Gij zult niet stelen

,,Ik werkte bij Radio 10 en had al heel lang dozen vol cd'tjes zien staan waar niemand iets mee deed. Ik wist zeker dat ze op een dag weggegooid zouden worden. Zonde van die muziek, dacht ik. Op een gegeven moment besloot ik er een stuk of vijftig mee naar huis te nemen. Een week later vroeg mijn chef: 'Zeg Giel, die cd'tjes, zit daar nog iets voor jou bij? We gooien ze toch weg.' Als ik die cd's zie, moet ik daar steeds weer aan denken. Er kleeft toch iets aan... Schuldgevoel? Nee, laten we nou niet gaan doen alsof het een ernstig misdrijf is geweest, maar ik vind het nog altijd jammer dat ik mijn gevoel niet heb gevolgd. Als ik gewoon even had gewacht, had ik ze vanzelf gekregen. Ik heb sinds die keer overigens nooit meer iets gestolen.''

8. Gij zult tegen uw naaste niet vals getuigen

,,Ik kan slecht tegen mensen die liegen. Ik begrijp er ook niets van: waarom moet je een smoes verzinnen als je geen zin hebt om ergens naartoe te gaan? Ik kan het niet. Ik zou liegen als ik nu zou beweren dat ik nooit lieg, maar toch, als het om dat soort kleine dingetjes gaat... nee. Waarom zou je liegen? Uiteindelijk kom je jezelf toch nog een keer tegen.

Dat vind ik ook de lastige kant van mijn status als bekende dj: uitspraken worden uit z'n verband gerukt, halve waarheden worden geciteerd. Ik ben bij de KRO ontslagen nadat ik in een interview had gezegd dat ik 'Mein Kampf' het indrukwekkendste boek vond. Als het daarbij was gebleven, was alle kritiek terecht geweest, maar ik had óók gezegd -en zo stond het ook in de gids- dat ik het interessant vond om het werk van een geestelijk gestoorde te lezen. Nou, hoe genuanceerd wil je het hebben? Bovendien was het zo'n vervelend wat-is-uw-favoriete-kleur-interview en had ik alleen maar obstinate antwoorden gegeven. Eigenlijk was het antwoord op 'Wat is uw favoriete boek?' nog het minst vreemde geweest. Ja, je hebt gelijk, ik had ook 'Duizend-en-één knutselideeën' kunnen zeggen, dat was misschien toch beter geweest. Ik heb mij nooit zo met dat onderwerp beziggehouden, maar kennelijk ligt die hele Tweede Wereldoorlog veel gevoeliger dan ik me ooit heb kunnen voorstellen. Ik heb mij, na het ontslag, afgevraagd: wil ik blijven werken volgens de Giel-methode -altijd eerlijk- of ga ik straks alleen maar zeggen hoe laat het is en welke fantastische plaat ik heb gedraaid? Ik kom er niet zo goed uit, hoor... laatst hoorde ik de nieuwslezer zeggen dat het CDA meer snelwegen wil aanleggen. Ik kon het haast niet geloven. In mijn uitzending zei ik toen: 'Ja, ik begrijp wel waarom het CDA dit wil. In Duitsland is iemand met deze plannen heel groot geworden.' Waren er toch weer allemaal mensen boos: Giel Beelen vergelijkt CDA'ers met nazi's! Als je mijn grap letterlijk neemt, heb je gelijk, maar ik vind dat het pas echt bedenkelijk wordt als je zo'n opmerking buiten de context gaat plaatsen.''

9. Gij zult geen onkuisheid begeren

,,Mijn vrouw was eerst mijn luisteraar, dat wil zeggen: ze zat 's nachts een keer naar de uitzending te luisteren en was geïnteresseerd in een oproep die ik deed voor het maken van een tekst. Ze begon bijdrages te leveren en op een nacht nodigde ik haar uit om langs te komen in de studio. Ze kwam binnen en het was meteen raak. Het grappige is dat ik eindeloos van die standaardvraagjes ging stellen -ik móest het allemaal weten. Ik bleef er maar mee doorgaan. Ik denk dat de luisteraars al lang in de gaten hadden dat er iets gaande was. Vijf seconden voor het einde van de uitzending vroeg ik bij wijze van grap -maar toch niet helemaal- of ze met me wilde trouwen. Ze zei: ja. Ik zei: oké. En toen was het programma afgelopen.

We trouwden heel snel, tijdens de vakantie op Jamaica. Marisa heeft erg moet wennen aan het feit dat ik mijn privé-leven het liefst op de radio gooi. Toen we, in het begin, wel eens ruzie hadden deed ik daar tijdens de uitzending verslag van. Op een gegeven moment ging ze erop letten. Als er iets in ons leven gebeurde, riep ze meteen: 'Niet voor op de radio!' Het liefst zou ik alles vertellen, maar dan kom ik op haar terrein. Een relatie heb je niet alleen.

We zijn inmiddels nog een keer getrouwd. In Mexico, volgens een Maya-ritueel. Het huwelijk werd voltrokken door een soort hogepriester. Hij vertelde een mooi verhaal over goden uit alle windstreken, we moesten woorden herhalen, gooiden bloemetjes in zee en spraken onze wensen uit. Het was prachtig, iets tussen twee mensen, veel mooier dan een grote bruiloft met gasten die het veel beter naar hun zin hebben dan het bruidspaar zelf.

Ja, ik ben haar trouw. Ik wil mijn lichaam niet delen met anderen. Ik wil graag dat wij bij elkaar horen; dat het exclusief is, voor ons samen. Ik weet nog dat ik me vroeger onwijs schuldig voelde als ik het met mezelf deed en aan een ander dacht. Als ik een ster in gedachten had gehad, viel het nog mee -haar imago is ook zo gecreëerd- maar als het een meisje uit mijn klas was geweest, werd het bijna ranzig. Ik baal er eigenlijk van dat ik nog steeds omkijk als ik iets blonds in een bontjas voorbij heb zien komen; dat die mannelijke sensor kennelijk ook bij mij zit ingebouwd. Ik zou liever biseksueel zijn. Volgens mij is iedereen in meer of mindere mate biseksueel, maar tegelijkertijd vraag ik me af wanneer ik nou voor het laatst een man heb gezien van wie ik dacht: hee, wat een te gekke gast is dat! Sorry.''

10. Gij zult niet begeren wat uw naaste toebehoort

,,Ik had graag de stem van Wessel van Diepen gehad, de lach van Edwin Evers of de muzieksmaak van Rob Stenders, maar ik zou met geen van hen willen ruilen. Ik sta in het rijtje best betaalde dj's helemaal onderaan, maar dat zegt me niets. Ik ben wel een tijdje jaloers geweest op makers van een ochtendprogramma. In een ochtendprogramma heb je alle vrijheid om je ding te doen. Jarenlang heb ik daar dagdromen over gehad: op mijn 28ste moest ik óók op die plek zitten. Ik ben nu zevenentwintig en lig dus een jaar voor op schema. En het mooie is dat ik zo ver ben gekomen door mezelf te zijn. Ik heb alles vanuit mijn gevoel gedaan. Ik zeg niet dat het allemaal even goed was, maar ik heb geprobeerd het zo goed mogelijk te doen. Weet je trouwens dat ik je al deze dingen liever in mijn radioprogramma had verteld? Waarom? Ja, waarom... Iedereen begint steeds over een aandachtcomplex, maar daar heeft het niets mee te maken. Mensen gaan doorgaans ook niet zingen omdat ze zo nodig in de belangstelling willen staan. Ze zingen omdat ze graag willen zingen. Ik maak radio omdat ik graag radio wil maken. Dat is alles.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden