Gezondere jaren voor patiënt

De doorsnee Nederlander leeft in 2050 waarschijnlijk niet veel langer. Toch kunnen sommige mensen niet alleen rekenen op méér, maar vooral gezondere levensjaren. Nierpatiënten bijvoorbeeld.

Het is een rotziekte, een nieraandoening. „Je krijgt er namelijk pas last van als de nier nog maar heel beperkt functioneert.” Een nier hoest niet, zegt Tom Oostrom, adjunct-directeur van de Nierstichting.

Dialyse biedt maar een beperkte oplossing. „De apparatuur die we nu hebben kan maar gedeeltelijk doen waarvoor de nieren bedoeld zijn: het bloed schonen. Slechts 20 procent van de afvalstoffen wordt afgevoerd. Dus blijven mensen moe, krijgen ze jeuk, lopen ze steeds met een katerig gevoel rond”, aldus Oostrom. Na gemiddeld vijf, zes jaar geeft het lichaam het op.

Dialyse betekent bovendien driemaal per week een paar uur in het ziekenhuis. „Dat is natuurlijk een enorme aanslag op je sociale leven”, vult algemeen directeur Paul Beerkens aan. „Werken is nauwelijks mogelijk, je bewegingsvrijheid is zeer beperkt”. Een donornier kan soelaas bieden. Oostrom: „Gemiddeld win je daar tien jaar mee”. Maar dan moet hij wel beschikbaar zijn en niet worden afgestoten.

Voor de Nierstichting is het daarom, zo’n zestig jaar nadat de Nederlandse arts Willem Johan Kolff in het stadsziekenhuis van Kampen het dialyse-apparaat uitvond, tijd voor een nieuwe stap die nierpatiënten niet alleen méér, maar ook en vooral prettiger levensjaren biedt: de implanteerbare kunstnier. Sinds begin dit jaar werkt de organisatie samen met diverse grote Nederlands bedrijven en academische ziekenhuizen aan de ontwikkeling daarvan. Deze kunstnier moet niet alleen het bloed beter zuiveren dan met de huidige apparatuur mogelijk is, maar ook de patiënt normaal kunnen laten functioneren.

Voorlopig wordt daarbij op twee paarden gewed. De ene oplossing maakt gebruik van zogenoemde nanomembranen, heel dunne vliesjes die als een filter waardevolle stoffen doorlaten en afvalstoffen tegenhouden. De tweede manier gaat uit van het gebruik van lichaamseigen cellen. Beerkens: „De komende vijf jaar willen we te weten komen wat de beste weg is.” Daarna zal nog wel een jaar of tien nodig zijn voordat de eerste implanteerbare kunstnier een feit is, maar dat dat moment komt staat voor hem vast.

De tijd dringt, want het aantal nierpatiënten neemt snel toe, met zo’n 3 procent per jaar. Nu zijn er naar schatting zo’n 40.000 mensen met een nieraandoening. Van hen worden er 5000 gedialyseerd, 6000 mensen leven met een donornier.

Oostrom wijst erop dat het bovendien noodzakelijk is de ziekte sneller op te sporen. Voordat de eerste symptomen zich laten voelen, tonen eiwitten in de urine al dat er iets mis aan het gaan is met de nieren. „In Japan hebben ze al toiletten waar je, als je plast, op de muur kunt lezen of je urine gezond is of niet. Dat gaat ver. Maar ik denk dat het in de toekomst wel normaler wordt om zulk onderzoek te doen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden