Gezocht: nieuwe biologische aardappelrassen

Tien, twaalf jaar is Niek Vos ermee bezig geweest. Met engelengeduld kruiste de aardappelkweker jaar na jaar aardappelplanten.

Achter zijn bedrijf in de Noordoostpolder heeft hij op dertig are inmiddels zo’n achtduizend ’klonen’ staan. Wilde soorten die van nature resistent zijn tegen de beruchte aardappelziekte Phytophthora maar vaak nauwelijks knollen produceren. En planten met juist veel aardappels, die echter weer gevoelig zijn voor ziekten. Waarna Vos, ieder jaar weer, de knollen van de kruisingen enthousiast opgroef. „Zou het iets zijn geworden?”

Uiteindelijk werd het iets. Niek Vos is de eerste biologische boer met een commercieel interessant, Phytophthora-resistent aardappelras op zijn naam: de Bionica. Daarvoor werkte hij nauw samen met kweekbedrijf Meijer. „Een echte toevalstreffer”, zegt Vos bescheiden over zijn aardappel. „Een kans van één op tienduizend.” Maar ook een succes dat met vakkennis en grote inzet is afgedwongen.

Vos loopt tussen de klonen en legt de verschillen tussen de duizenden planten uit. „Die ziet er mooi uit, maar heeft waarschijnlijk te kleine knollen”. Of : „Mooi groen, maar te weinig aardappels.” Waarna hij uiteindelijk neerploft in een groot aardappelveld, in de aarde graait en een hand vol gaafronde aardappelen te voorschijn haalt: zijn Bionica. „Gemakkelijk te telen, net als het Bintje, mooi in de maat, mooi in het blad. En ook goed voor frites”, somt Vos de voordelen op. Zijn ras komt als een geschenk uit de hemel voor de Nederlandse biologische aardappeltelers die drie rampzalige jaren achter de rug hebben door de aardappelziekte.

Zaterdag meer in Trouw over de Bionica.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden