Gezin BV

Geld mag dan het smeermiddel van de economie worden genoemd, in intieme relaties kan het het zand tussen de tandwielen zijn. Het uitdrukken van de waarde van goederen en diensten in geld is noodzaak in het handelsverkeer, maar stuit binnen de familie op weerstanden. Daarin komt echter verandering. De hoogleraren economie Wim Groot en Henriëtte Maassen van den Brink schetsen de economisering van het gezin.

De Leidse jurist Hugo de Groot betoogde - in de zeventiende eeuw - dat vrouwen die slachtoffer waren geworden van een verkrachting, financieel gecompenseerd moesten worden voor zowel de financiële als de morele schade. De morele schade van verkrachting lag, volgens Hugo de Groot, in de schending van haar eer: door de verkrachting was ze ontmaagd of was haar seksuele reputatie aangetast. En omdat dat gevolgen kon hebben voor haar huwelijkskansen, leidde verkrachting ook nog tot financiële schade.

Huwelijken werden - en worden in sommige landen nog steeds - gesloten op grond van economische overwegingen. In haar boek 'Huwelijk in Holland' over de seksuele moraal in de zestiende eeuw schrijft Manon van der Heijden: ,,Zolang een familie bezit of inkomen had, speelden zakelijke belangen ook in lagere maatschappelijke kringen een belangrijke rol bij de huwelijkssluiting. De toestemming van de ouders, voogden of andere belanghebbenden was weliswaar geen vereiste, maar in de praktijk behielden ouders en familieleden hun zeggenschap.''

De eeuwenoude voorbeelden maken duidelijk dat geld en economie zich niet beperken tot de markt, maar zich ook uitstrekken tot intieme relaties. En ze beïnvloeden die relaties ingrijpend; geld en bezit kunnen vrijmaken, maar ook een ongemakkelijke afhankelijkheid creëren.

Er zijn in de geschiedenis vele voorbeelden te vinden van financiële overeenkomsten binnen de familie. In de negentiende eeuw was het met name in de lagere sociale milieus normaal dat grootouders in klinkende munt werden betaald voor het oppassen op de kinderen. Tot 1961 droegen kinderen financiële verantwoordelijkheid voor hun gepensioneerde ouders. Aan die zorgplicht kwam pas een eind met de invoering van de AOW.

Tot voor kort kregen ouders voor hun studerende kinderen kinderbijslag en waren zij financieel verantwoordelijk voor hen. Overigens tot grote ergernis van het studerende kind zelf, dat hoewel reeds lang volwassen nog steeds afhankelijk was van zijn ouders.

Zonder vriendschap, liefde en romantiek is een huwelijk of relatie niet veel meer dan een economische overeenkomst tussen personen. Een relatie, huwelijk of familieband verzekert tegen risico's in het leven. Als je zonder inkomen komt te zitten, zal een partner met een eigen inkomen uitkomst bieden. De gevolgen van een ziekte of ongeval zijn minder dramatisch als je een partner hebt die voor je kan zorgen. Een relatie biedt garanties op inkomen en verzorging.

Daar komt een voordeel bij: de gezamenlijke productie en het gezamenlijk gebruik van goederen. Door woning, wasmachine en koelkast te delen kan op de kosten worden bespaard. Een verbintenis is niet alleen gericht op het gezamenlijk voortbrengen van nageslacht. Het is ook een contract voor financiële steun en zorg voor elkaar.

Toch worden binnen het gezin zaken zelden in geld uitgedrukt, terwijl dat in de wereld daarbuiten zo gewoon is. Verpleging van een ziek familielid wordt zonder geld geregeld. Voor hetzelfde werk in een ziekenhuis moet worden betaald. Als geld zou worden gevraagd voor liefde binnen het gezin zou raar worden opgekeken. Betaalde liefde komt alleen buiten het gezin voor, nemen we aan.

Dat betekent niet dat er geen sprake is van ruil; ook binnen het gezin geldt: voor wat, hoort wat. Gezinsleden zijn met elkaar verbonden door formele en informele afspraken. Formeel door het huwelijks- of samenlevingscontract. Informeel door verwantschap. De omgangsvormen binnen het gezin - en daarbuiten - zijn informeler geworden. Kinderen tutoyeren hun ouders terwijl ze vroeger 'u' zeiden. Maar tegelijk zijn de formele banden binnen het gezin sterker geworden. Er wordt onderhandeld tussen gezinsleden, op basis van eigenbelang. 'Wat krijg ik ervoor terug?', is niet alleen buiten het gezin maar ook daarbinnen steeds vaker het motto.

Dit leidt tot een economisering van het gezin. Economie gaat van oudsher over ruil en transacties tussen individuen of tussen huishoudens. Kern van de economische analyse is dat partijen, die handelen uit eigenbelang, alleen transacties met elkaar aangaan als ze er beiden beter van worden. Naarmate binnen het gezin zaken vaker geregeld worden via onderhandeling en op basis van eigenbelang, treedt de economie ook steeds verder het gezin binnen.

Een logisch gevolg is dat geld binnen het gezin een steeds grotere rol krijgt. Geld is het smeermiddel van de economie. Geld is allereerst ruilmiddel. In plaats dat je goederen meeneemt om te ruilen tegen brood bij de bakker of aardappelen bij de boer, neem je geld mee. Dat is handiger en voorkomt ingewikkelde ruilhandel. Dit is meteen de tweede functie van geld: het is een handig rekenmiddel. Verder kun je geld ook makkelijk bewaren - in een oude sok, op de bank - om het niet nu maar later te ruilen. Geld heeft als oppotmiddel voordelen boven andere goederen; het bederft niet en behoudt zijn waarde, als de inflatie niet te hoog is.

Deze drie functies van geld - ruilmiddel, rekeneenheid en oppotmiddel - zijn ook binnen het gezin van belang. In een onderhandelingshuishouden ontstaat een behoefte aan een objectieve rekeneenheid en een makkelijk ruilmiddel. Zeker als de onderlinge banden losser worden, kan het zijn dat men liever direct geld voor geleverde diensten heeft dan de toezegging dat op een later tijdstip een wederdienst zal worden verricht.

De overheid stimuleert dit afrekenen binnen het gezin ook. Bijvoorbeeld door het Persoonsgebonden Budget (PGB) in de gezondheidszorg: een som geld waarmee patiënten zelf zorg kunnen inkopen. De professionele thuiszorghulp kan er uit worden betaald, maar het kan ook worden gebruikt om familie of kennissen in te huren voor het verlenen van zorg.

Door het Persoonsgebonden Budget bevordert de overheid de monetarisering van het gezin. Hetzelfde geldt voor de nieuwe wettelijke mogelijkheden om familieleden, vrienden en kennissen te betalen voor oppas en verzorging van kinderen. Onbetaalde hulp door familie of vrienden wordt betaalde verzorging.

Voordeel is dat waardering en dank voor de geboden hulp een tastbare vorm krijgt. Nadeel kan zijn dat relaties er formeler door worden: ik bied je geld als jij mij verzorgt of helpt. Hulp bieden zonder dat daar direct iets tegenover staat, geeft veel mensen voldoening. Je doet iets goeds voor anderen, zonder direct eigenbelang. Door daar geld tegenover te stellen, neemt die voldoening af. Verhoudingen worden zakelijker als er geld in het spel is. Geld lokt calculerend gedrag uit: word ik wel voldoende beloond voor wat ik doe? Een vraag die niet zo snel opkomt wanneer je handelt uit vriendschap, sympathie of liefde.

Ook de functie van geld als oppotmiddel is binnen het gezin belangrijk geworden. En meer nog het tegendeel van oppotten: het lenen van geld. Tegenwoordig beschikken kinderen over veel meer geld dan vroeger. Ze krijgen meer zakgeld en meer vrijheid om zelf geld te besteden. Veel jongeren boven de vijftien jaar hebben een betaalde baan, die ze vaak belangrijker vinden dan school. Geld biedt hun vrijheid en onafhankelijkheid van hun ouders. Banken spelen daar handig op in door jongeren creditcards en leningen te verstrekken. Met als gevolg dat sommige jongeren grote schulden opbouwen. Ze weten dat als puntje bij paaltje komt, hun ouders garant staan. Ondanks hun met geld verworven onafhankelijkheid, vertrouwen ze uiteindelijk op de liefdevolle familieband. Er zullen weinig ouders zijn die hun kinderen in de kou laten staan.

Hoewel er meer aan jongeren zelf wordt overgelaten, gaan die op steeds hogere leeftijd zelfstandig wonen. Ook dat heeft te maken met de economisering van het gezin. De verklaring voor de paradox is gelegen in de hotel-mama. Hotel-mama is de omschrijving van een gezin waarin ouders en volwassen kinderen steeds langer bij elkaar wonen; mama is degene die zorgt, de kinderen hebben gratis of goedkope kost en inwoning, en papa bemoeit zich nergens mee.

In een land als Italië is het niet ongebruikelijk dat een jongen van dertig nog bij zijn ouders woont. Uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat ook in Nederland er steeds meer hotel-mama's komen. Ruim tachtig procent van de jongeren in die gezinnen blijft thuis vanwege de verzorging, driekwart doet dat vanwege de ruime woning en meer dan de helft vindt het thuis gewoon lekker goedkoop. Belangrijk is ook dat ze vrijwel ongestoord hun gang kunnen gaan. Ook hier gaat het om financiële afwegingen van de lusten en lasten van het bij elkaar wonen. Liefde lijkt mooi meegenomen, maar is niet de essentie van een samenlevingsverband.

De bloei van de hotel-mama doet aan het streven naar economische onafhankelijkheid niets af. Economische zelfstandigheid wordt steeds belangrijker gevonden, vooral voor vrouwen. Het wordt minder vanzelfsprekend gevonden dat een vrouw financieel afhankelijk is van haar partner. Daarmee is het voor vrouwen van belang de band met de arbeidsmarkt niet te verliezen. Dit leidt tot een spagaat binnen het gezin. Het belang van geld verdienen op de arbeidsmarkt komt in strijd met de zorg binnen het gezin. Zeker als de kinderen een hotel-mama willen en papa om zes uur het eten op tafel. Aan de spagaat ontkomen ook mannen niet: financiële zorg komt op de eerste plaats, liefde na zessen en in het weekeinde is meegenomen.

Is de economisering van het gezin nu vloek of zegen? Met geld wordt de waarde van iets zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld de waarde van de huishoudelijke arbeid en zorg. De omvang van de huishoudelijke productie moet niet worden onderschat. Ons Nationaal Inkomen zou verdubbelen als daarin de waarde van de goederen en de diensten die het huishouden produceert, wordt meegenomen. Een voordeel van dit registreren is dat vooral de bijdrage van vrouwen aan de nationale welvaart zichtbaar wordt gemaakt.

Het zichtbaar maken van waarde in de vorm van geld creëert tegelijk een zakelijke, afstandelijke relatie, die slecht lijkt te passen in de familiale verhoudingen. Er rust een taboe op het vragen of krijgen van geld voor zaken die belangeloos gedaan zouden moeten worden. Toch zijn er uitzonderingen; als het om handelingen gaat die men ook zelf kan uitvoeren is het minder een probleem. Een kind wordt betaald als het de auto van zijn ouders wast. Een oppas uit de familiekring krijgt geld.

Maar als het om noodzakelijke zorg gaat, ligt dat anders. Een ziek familielid dat je verzorgt, vraag je niet gauw om geld. Dat is een kwestie van (naasten)liefde. Dan wordt de waardering in een andere vorm dan geld tot uiting gebracht. Dat verandert soms door toedoen van de overheid, zoals met het Persoonsgebonden Budget. Overigens moeten daarvan de effecten op de familiebanden nog vastgesteld worden.

De economisering van het gezin roept bij velen een natuurlijke weerstand op. Die komt voort uit het feit dat geld niet alleen waarde zichtbaar maakt, maar ook ongelijkheid. Zonder geld ben je afhankelijk van (naasten)liefde. Als de economisering van het gezin ertoe leidt dat die liefde schaarser wordt, neemt de afhankelijkheid van geld toe.

Maar die economisering heeft ook voordelen. De formelere relaties die groeien binnen het gezin bieden mensen ook meer vrijheid hun leven naar eigen inzicht in te richten. De economisering van het gezin past in het streven naar zelfbeschikking en autonomie van mensen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden