Gezapigheid bedreigt onze 'gouden eeuw'

We hebben het nog nooit zo goed gehad, maar als we niks doen, blijft dat niet zo. Nederland moet snel concurrerender worden.

Wie de tegenbegrotingen van de oppositiepartijen naast elkaar legt, moet wel tot de conclusie komen dat Nederland een nieuwe gouden eeuw beleeft: het geld stroomt vanzelf binnen, we hoeven het alleen nog maar te verdelen. Net als in de vorige gouden eeuw heeft het milieu het te verduren. Deze keer zijn het geen vervuilde grachten en import van hout, maar fijnstof en import van olie. Ook de immigratie is niet nieuw: welvaart en tolerantie hebben nog steeds een grote aantrekkingskracht. In die vorige gouden eeuw waren immigranten op zichzelf aangewezen, nu biedt de overheid taalcursussen en sociale voorzieningen. Maar het grootste probleem, zo blijkt uit de tegenbegrotingen, is armoede en inkomensongelijkheid.

Ondanks de somberheid die zich meester heeft gemaakt van een groot deel van de bevolking. beleeft Nederland een gouden eeuw. De afgelopen zestig jaar groeide het inkomen per hoofd van de bevolking meer dan in de1000 jaar daarvoor. De werkelijkheid achter deze cijfers heeft iedereen kunnen ervaren in de persoonlijke omgeving: auto's, buitenlandse vakanties en elektronische apparatuur zijn gemeengoed. Die vooruitgang is ook zichtbaar in de publieke voorzieningen. Uit de jaren zeventig, toen nog niemand van bezuinigingen had gehoord, herinner ik mij een basisschool met meer dan dertig leerlingen in de klas en stinkende wc's. Uit de jaren negentig herinner ik me het verpleeghuis waar mijn oma haar laatste weken doorbracht: een slaapzaal met een gordijntje om het bed.

Worden wij in onze gouden eeuw bedreigd door inkomensongelijkheid, armoede en sociale uitsluiting? Niemand zal beweren dat het fijn is om van een bijstandsuitkering rond te komen, maar als het dan toch moet, dan maar in Nederland. Het Nederlandse minimumloon, de grondslag voor de bijstandsuitkering, is na Luxemburg, binnen de EU het hoogst. Daarbij komt een scala aan inkomensafhankelijke regelingen zoals huursubsidie, zorgtoeslag en kinderkorting. Als het gaat om inkomensongelijkheid is Nederland een echte polder: heel plat. En aangezien westerse landen gelukkig ver verwijderd zijn van de VN-armoedefinitie van 1 dollar per dag, is armoede hier relatief. Voorzover er sprake was van groei van het aandeel hoge inkomens vond die vooral plaats bij tweeverdieners zonder kinderen. Eerder hardwerkende empty-nesters dan asociale zakkenvullers.

De economische recessie heeft haar tol geëist. Er zijn groepen die in 2006 meer zullen krijgen dan andere. Zolang we niet besluiten tot een per decreet van de grote roerganger vastgesteld salaris, is er ieder jaar een groep te vinden die meer of minder vooruitgaat dan een ander. Het beeld aan het eind van de langste naoorlogse recessie is nog steeds dat van een platte, welvarende Hollandse polder. Zoals het SCP-rapport de 'De Sociale Staat van Nederland 2005' zegt: 'tussen 1993 en 2004 is in het algemeen de leefsituatie van Nederlanders licht verbeterd'.

Niet alleen wat betreft welvaart leidt een vergelijking met de vorige gouden eeuw tot een déjà-vu. Toen kwam er een einde aan de Nederlandse toppositie: door gezapigheid, gebrek aan ondernemerszin, door onvermogen te reageren op de opkomst van buitenlandse concurrentie. Ook nu zijn dit de trends waar Nederland mee te maken heeft. En daarover blijven de tegenbegrotingen oorverdovend stil. Tijdens de hoogconjunctuur rond de eeuwwisseling zijn de loonkosten spectaculair gestegen, terwijl in dezelfde periode de concurrentie uit Oost-Europa en Azië opkwam. Samen met de hoge eurokoers heeft dit geleid tot een forse afname van het Nederlandse aandeel op de wereldmarkt.

Als de oppositie echt een oplossing wil bieden voor kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt, zouden de tegenbegrotingen vol plannen staan om Nederland concurrerender te maken. Het tegendeel is waar: kostprijsverhogende belastingen op energie tasten de concurrentiepositie aan. Lastenverzwaring voor inkomens boven anderhalf maal modaal maken Nederland een minder aantrekkelijk land voor talentvolle, internationaal georiënteerde werknemers. Bezuinigingen op investeringen in wegen maken Nederland minder aantrekkelijk als distributieland, momenteel de grote groeisector in de economie en bovendien een sector waar juist veel laagopgeleiden nog werk kunnen vinden. Ook een financieel verzorgde oude dag is niet te bereiken met een 'economie van het genoeg'. Getalenteerde mensen en innovatieve bedrijven kiezen nu al voor die landen waar groei en ondernemingslust niet worden wegbelast. Als we deze trend niet keren, zal Nederland achterblijven met de belofte van een goudgerande oudedagsvoorziening zonder de middelen om die ook waar te kunnen maken.

De belangrijkste opgave voor de politiek nu is te zorgen dat de huidige gouden eeuw ook echt honderd jaar duurt. Duurzame verbetering van de positie van mensen met een laag inkomen ontstaat alleen als in een concurrerende, ondernemende Nederlandse economie nieuwe werkgelegenheid ontstaat. Dat is heel wat anders dan de jansaliegeest van de tegenbegrotingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden