Gewoon lieve ouders

Rob Schouten bespreekt Nederlandse klassiekers over familie

Met het harmonieuze gezin heeft de literatuur nooit veel op gehad. Een gelukkig huwelijk, voorspoedig opgroeiende kinderen, wat moet je er als schrijver mee? Misschien dat een enkele streekromanschrijver het erop waagt, maar haute littérature gaat over conflicten, zielestrijd, ontwrichting. De hel, niet de hemel. En als families al een gouden eeuw beleven dan gaan ze vervolgens toch ten onder, aan familierot zeg maar, zoals bij Couperus of Thomas Mann.

Een enkele keer kom je toch zo'n gezin als hoeksteen van de samenleving tegen. Bijvoorbeeld nogal onverwacht bij de socialist Herman Heijermans die in 1924 de roman 'Droomkoninkje' schreef.

Droomkoninkje is de koosnaam voor Koert, een jochie met een horrelvoet uit een Amsterdams arbeidersgezin. Hij is de hoofdpersoon in het verhaal, een ventje dat zich thuis uitleeft in fantasieën en dromen omdat hij nu eenmaal op straat niet mee kan komen. Maar meer dan de ongelukkige gelukkige Koert ben ik altijd getroffen door de bijkans onwerkelijke liefde van de ouders voor Koertje en later het zusje Magdalena. "Koert, m'n kind, verveel je je niet?" "Mannetje-met-je-blauwe-ogen kom eens bij vader."

Ik had toen ik 'Droomkoninkje' voor het eerst las nog nooit gehoord van superouders, supermoeders vooral, die hun kind doodknuffelen maar hier heb je er een stel. Niet zoals in de mooie Franse film 'Mon fils à moi', waarin een gefrustreerde moeder haar puberzoon adoreert, die er niet langer tegen kan en haar met een schaar van zich afhoudt, maar zonder al die narigheid. Gewoon lieve ouders met een lief zoontje.

Natuurlijk werkt de buitenwereld niet mee aan zo'n bijkans onbetamelijke liefde, het geld raakt op, vader wordt beschuldigd van diefstal, gaat in een Limburgse mijn werken en komt bij een explosie om het leven, moeder sterft van verdriet (dat gebeurde kennelijk nog in die tijd, hetzelfde hoorde ik over mijn overgrootmoeder).

Het lijkt wel of Heijermans wil zeggen: harmonie, gezinsvreugde gaat je niet in de kouwe kleren zitten. Blijft toch staan dat het CDA een puntje kan zuigen aan deze socialistische roman.

De ondertitel van 'Droomkoninkje' luidt: 'Een verhaal voor grote kinderen'. En inderdaad, toen ik het op jonge leeftijd las was het me veel te mooi en idealistisch. Pas later snapte ik wat Heijermans met deze dickensiaanse geschiedenis voor kon hebben. Wel even wennen weer aan het 'realistische' taalgebruik van Heijermans die z'n best deed plat-Amsterdams fonetisch weer te geven, nogal vermoeiend, maar als je daar doorheen prikt tref je een een boek aan dat, negentig jaar na dato, het gezinsleven ophemelt of er niks aan de hand is.

Herman Heijermans: Droomkoninkje (1924)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden