Geweld eindigt waar liefde begint

Bekende en minder bekende Nederlanders kiezen hun motto, leefregel of ultiem inspirerende zin.

’Op een gesloten afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis waar ik werkte, kwam eens een Turkse Nederlander op me af, zwaaiend met een tafelpoot. Ik liep naar hem toe en vroeg hem directief wat er aan de hand was. De man dreigde dat zijn broer mij zou vermoorden als ik hem niet onmiddellijk vrijliet.

„En dan?”, antwoordde ik. „Dan komt mijn broer om jou te vermoorden.” Door dit antwoord zag de man hoe absurd die situatie zou zijn, en hij ontdooide.

Dit voorbeeld laat zien dat ’softe’ liefde niet altijd helpt. Soms moet je confronteren, dat heb ik geleerd in mijn werk als sociotherapeut. Liefde is niet alleen aaien. Het is ook onvoorwaardelijk respect tonen, en open luisteren. Als ik agressieve mensen zo benader, barsten ze soms in huilen uit. Ik werk in een instituut voor slachtoffers van oorlog en geweld. Jonge veteranen van onze vredesmissies hebben kogels om hen heen zien neerslaan, en ze mochten die niet beantwoorden: het enige dat ze konden was angstig zijn. Zij willen niet agressief zijn, maar hun ziel is verwond. Door onvoorwaardelijke liefde te geven, probeer ik het geweld in hen te beëindigen.

Van kleinsaf spelen vrede en geweld een rol in mijn leven. Mijn moeder stond op haar zestigste nog op de barricades voor vrede, deed mee aan het PSP-congres voor ’Socialisme en feminisme’. De strijdvaardigheid voor vrede heb ik van haar, de zachtaardigheid van mijn vader. Tijdens mijn opleiding sprak ik op een alternatieve zeepkist bij het Binnenhof over vrede in Vietnam, liep mee in een nachtelijke vredesmars van Delft naar Den Haag, bouwde tijdens een kamp een varkensstal om tot een Emmaüscommuniteit voor zwervers en ontmoette daar Abbé Pierre. Toen in 1971 de poster van Pax Christi uitkwam met de tekst ’Geweld eindigt waar liefde begint’ hing ik die meteen groot aan de muur.

Na het overlijden van mijn vader op mijn negentiende schreef ik mijn eerste gedicht. Mijn ervaring zette ik om in woorden, en dat ben ik sindsdien altijd blijven doen. Na een gigantische griep begin dit jaar lijkt mijn hoofd schoongemaakt: de verhalenstroom is niet meer te stuiten. Overal liggen notities, ’s nachts word ik wakker met teksten in mijn hoofd. Het ene woord roept het volgende op, ik ben zelf benieuwd hoe het eindigt. Veel teksten gaan over vrede en theologie.

Als ik stukken teruglees, zie ik dat die fascinatie voor theologie er altijd al was. Op mijn achttiende werd ik geïnterviewd voor de Haagsche Courant over mijn inzet in de Haagse wijk Transvaal. Ik citeerde toen uit een essaybundel van Friedrich Heer over de ’Homo Kosmonauta’: ’De aapmens liep op handen en voeten en keek naar de grond, nu lopen we rechtop en kijken naar de horizon. Voor de volgende stap moeten we ons richten op de kosmos, naar boven kijken en het in een groter verband zien’. In mijn weblog bij Trouw, Over goden en mensen, ben ik nog met ditzelfde thema bezig.

Tot mijn veertiende ben ik streng katholiek opgevoed: als de paus op televisie het urbi et orbi uitsprak moesten we knielen. Later heb ik het instituut kerk losgelaten, maar ik ben er rotsvast van overtuigd dat God bestaat. Mijn hele leven vind ik inspiratie bij mensen die met de praktijk van de liefde en het werk van de wereld bezig zijn. In een briefwisseling zei iemand mij eens: volgens mij wil jij contact met de hele wereld. Dat is ook zo, we moeten er toch met zijn zes miljard iets van maken?

Internet is een fantastisch medium, maar ook daar is geweld. Bloggers onderling maken elkaar uit voor rotte vis en zijn jaloers. Soms krijg je nare reacties. Die raken me. Ik probeer positief te reageren door in gesprek te gaan, maar soms kun je beter zwijgen. Een andere blogger merkte een keer op: ’Paul, je bent de vredestichter hier’.

Na mijn pensioen wil ik me helemaal aan het schrijven wijden. Toen ik begon met werken zei mijn moeder: ’Jij gaat schrijven als je stopt met werken’. Ze krijgt gelijk.”

Op het moment van het interview beviel de dochter van Paul Delfgaauw van een dochter. Later voegt hij hierover toe: ’Dit geeft de zin een bijzondere lading. Als je zo’n wonder ziet, wil je voor de hele wereld acuut vrede. Opdat alle mensen liefde geven, ontvangen, verspreiden en baby’s uiteindelijk geboren worden in een wereld vol liefde en vrede’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden