Gevangen in hun natuurlijke beweging

opgezet | De dode dieren in de installaties van kunstenaar Claire Morgan lijken 'bevroren' in een realistische houding. Voor het eerst zijn ze te zien in Nederland. 'Ze bevinden zich ergens tussen beweging en bewegingsloosheid.'

Het konijntje lijkt te slapen. Ontspannen ligt het op z'n zij in een vitrine in het Noordbrabants Museum. Het is dood. Toch is er niets engs aan. Eerder roept het vertedering op. Schattig en dood. Dat gaat toch niet samen? Boven het dode dier 'zweeft' een zwart massief blok. Van dichtbij blijkt het een kluwen van duizenden dode blauwe bromvliegen, opgehangen aan ragfijne nylondraden. Zo aaibaar is het konijn ineens niet meer.

Veel meer dode dieren - insecten, een kat, een vos en vooral veel vogels - liggen, zweven of buitelen in de museumzalen. Het is geen parade van de stijve opgezette pauwen en fazanten zoals die in het verleden op menig dressoir stonden. Deze opgezette dieren zien eruit alsof ze elk moment kunnen opvliegen, springen of vallen. De kat loert op een vogel, de eend dobbert in een 'zee' van plastic snippers en de vos steekt zijn neus in de lucht: ruikt hij gevaar? En dan ligt er op de vloer nog een donzige vracht van uitgespreide veren, waar een paar pootjes uitsteken. Je zou zweren dat deze oehoe net uit de top van de hoge boom in de binnentuin van het museum naar beneden is gekukeld. Steeds worden de dieren omgeven door schijnbaar zwevende geometrische vormen, die bestaan uit duizenden vliegen, pluisjes van paardenbloemen, bladeren, zaden van distels of stukjes plastic, hangend aan nylon draden.

Mensen die de verstilde installaties van de Noord-Ierse kunstenaar Claire Morgan (1980, Belfast) voor het eerst zien, zijn vaak diep onder de indruk: van de poëtische betovering die ervan uitgaat én van de bewerkelijkheid. Zo zitten er in de installatie met het konijn 25.000 bromvliegen verwerkt. Stuk voor stuk heeft Morgan ze vastgelijmd, net als de duizenden distelzaden en paardebloempluisjes in andere installaties. Maar ze hoopt, vertelt ze tijdens een rondleiding over de tentoonstelling, dat haar sculpturen meer zijn dan alleen een visueel spektakel. "Al mogen de mensen er natuurlijk van vinden wat ze willen."

Na succesvolle tentoonstellingen in onder meer Parijs en New York is dit haar eerste presentatie in Nederland. In haar sculpturen draait het altijd om dode dieren die 'bevroren' lijken in hun beweging. De dieren zet ze zelf op. "Dat is nodig omdat ik controle wil hebben over hoe ze eruit zien. Daar worden mijn installaties ook beter van." Voordat ze de dieren prepareert wil ze alles weten over hun anatomie, hun gedrag en hoe ze bewegen. Dan kan ze ze 'vangen' in de juiste houding. Bij de kraai is dat op het moment dat hij zich met uitgespreide vleugels te pletter vliegt. De zilvermeeuw, dood gevonden op het strand, is 'bevroren' in de stand waarin hij - in een wolk van plastic afvalzakjes - naar beneden stort. Morgan: "Ze bevinden zich ergens tussen beweging en bewegingsloosheid." Die verstilling benadrukt ze met de geometrische vormen die lijken te zweven.

Haar werk mag dan toegankelijk zijn en prachtig om te zien. Het is moeilijk om er woorden voor te vinden. Het is ook lastig uit te leggen, erkent ze. Liever doet ze dat ook niet, omdat de 'persoonlijke ervaring' van de toeschouwers voor haar het belangrijkste is. Maar het zal duidelijk zijn, voegt ze eraan toe, dat het in haar werk gaat over vergankelijkheid en de 'oncontroleerbaarheid van de sterfelijkheid', maar ook over de kwetsbare relatie van de mens met de natuur.

Loodzwaar of luguber zijn haar installaties nooit. "Dat schrikt af en ik wil juist dat mensen er aandachtig naar kijken en zo ontdekken dat ik speel met allerlei betekenissen. De paardebloempluisjes verwijzen naar de vergankelijkheid, naar het einde van de levenscyclus van de plant, maar tegelijk bergen ze ook nieuw leven in zich. Ze staan voor de kwetsbaarheid van het leven en de natuur, maar ze herinneren ook aan onze jeugd, toen we probeerden zoveel mogelijk pluisjes weg te blazen." Ook de titels zijn een wezenlijk onderdeel van haar werk. Vaak zit er een ironische verwijzing in. Zo heet de installatie met het dode konijn 'That's all Folks', de gevleugelde uitspraak van het konijn Bugs Bunny uit de tekenfilmserie 'Looney Tunes'.

Met de schijnbaar solide vormen, opgebouwd uit duizenden vliegen, pluisjes en zaden, geeft ze aan hoe de mens de natuur probeert te controleren en organiseren. Dat kan ook destructieve vormen aannemen met rampzalige gevolgen voor het milieu. Dat laat ze zien door plastic snippers in haar installaties te verwerken.

Dood en leven. Vaak wordt haar gevraagd of de obsessie met dit onderwerp mede voortkomt uit haar jeugd in Belfast. Ze groeide er op ten tijde van de bloedige aanslagen van Ira, het Iers Republikeins Leger. "We woonden net buiten Belfast, op het platteland. Maar ik heb de dood en ellende wel meegekregen. Als kind kijk je daar toch anders naar. Pas later realiseerde me ik dat het niet normaal was wat er in Belfast gebeurde. Maar ik heb me niet daarom de kunst van taxidermie (het opzetten van dieren, red.) aangeleerd."

En dan overleed ook haar moeder nog, toen ze elf was. Ook dat is niet van invloed geweest op haar werk. Al wist ze al wel op jonge leeftijd dat ze kunstenaar wilde worden.

Ze studeerde beeldhouwkunst aan de universiteit van Northumbria. Daar kreeg ze veel kritiek op haar werk. "Conceptuele kunst was in de mode, maar dat was niet mijn ding." Ze beeldde liever mensen en dieren af. In 2002, toen ze tijdens een uitwisseling aan de kunstacademie in Enschede studeerde, viel ineens het kwartje. "Ik voelde me daar zo vrij, omdat er geen kritiek was op mijn werk. De dode vogels waren er toen ook ineens, nadat ik ooievaars had gezien op hun hoge nesten. Daarvoor was ik ook wel met dode vliegen en vogels bezig, maar na mijn verblijf in Nederland voelde ik me pas vrij om ermee door te gaan."

Nooit haar eigen kat

Claire Morgan maakt altijd schetsen en tekeningen alsoorstudie voor haar installaties. Ze tekent op de witte onderlegvellen die ze gebruikt tijdens het opzetten van dode dieren. Deze 'bloedtekeningen' zijn ook te zien op de tentoonstelling.

Morgan werkt alleen met dieren die een natuurlijke dood zijn gestorven. Haar eigen huisdieren - ze heeft vier katten - zou ze nooit verwerken in haar kunstwerken, zegt ze, zoals de Nederlandse kunstenares Tinkebell dat bijvoorbeeld deed. Zij zei haar kat gewurgd te hebben om er een tasje van te maken.

"Oh no, dat doe je toch niet. Mijn katten zijn mijn baby's."

Claire Morgan (1980) groeide op in Belfast. Met haar vriend en katten woont ze in Newcastle.

De tentoonstelling Claire Morgan - The Sound of Silence is t/m 8 jan. te zien in het Noordbrabants Museum, 's-Hertogenbosch.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden