Gestommel achter de lamellen

Rotterdamse ambtenaren voeren in groepjes onaangekondigde controles uit in hun strijd tegen de huisjesmelkers. In Oud-Charlois gaat Trouw op stap met een team.

Voor de ramen hangen stoffige lamellen die zo te zien in geen maanden zijn geopend. De medewerker van het energiebedrijf bladert mismoedig door zijn papieren. Dit huisnummer is sinds 1 februari afgesloten, zegt hij. En ook volgens het bevolkingsregister staat de bovenwoning al maanden leeg.

Vijf man sterk is het team dat deze donderdagochtend op de Zuidhoek, een langgerekte nauwe straat in het Rotterdamse Oud-Charlois, woningen controleert die officieel leegstaan of waar vijf of meer namen ingeschreven staan. Wie thuis is en opendoet, is verzekerd van een totaalaanpak. Behalve projectleider Ton van den Bos van het Interventieteam Dordtselaan lopen een maatschappelijk werker, een ambtenaar van de sociale dienst, een medewerker van Eneco Energie en een politieagent van wijkbureau Charloissche Kerksingel mee.

Oud-Charlois, het dorpje waaruit de huidige deelgemeente op de zuidelijke Maasoever is ontstaan, heeft een reputatie als het gaat om illegale pensions. Dat gevoel bekruipt je ook bij een ochtendje Zuidhoek. De kleine stoet belt aan, klopt, kleppert, gluurt en tuurt gericht bij de meegekregen huisnummers. Heel wat schimmig ogende woningen met geblindeerde ramen, zonder naambordjes en met een indrukwekkend rijtje deurbellen worden echter overgeslagen.

Op veel adressen geeft niemand thuis. Maar op de hoek met de Blommesteynweg zoemt de deuropener. Boven aan de trap staat een Dominicaanse jonge vrouw die op het punt van vertrek staat. Ze moet op controle in het ziekenhuis. Vlug vuren de ambtenaar van de sociale dienst en de maatschappelijk werker een aantal vragen op haar af. De alleenstaande vrouw heeft geen baan, omdat haar tweede kind tot voor kort jonger was dan vier. En ook geen huursubsidie ondanks een huur van ruim vijfhonderd euro exclusief. Daar kwam ze volgens haar huisbaas niet voor in aanmerking.

Ze maalt er niet meer om, ze is bijna aan de beurt voor een woning van de woningcorporatie. Een cursus Nederlands heeft ze niet afgemaakt. De maatschappelijk werker spreekt af dat het arbeidsbureau binnenkort contact met haar opneemt. Ondertussen inspecteert de Eneco-man in de gang de meterstanden. Die zijn onverklaarbaar fors, maar de oorzaak kan hij niet vinden.

Ook de autochtone bovenbuurvrouw krijgt een afspraak bij het arbeidsbureau. Ze heeft haar vakdiploma's als lasser, maar zegt dat ze overal bot vangt omdat bedrijven geen vrouwelijke lasser willen. Intussen zorgt ze voor twee kinderen en zit haar man met een hartkwaal thuis op de bank. Terug op straat zegt de ambtenaar dat de vrouw zó aan de slag kan. Hij gaat bellen in de haven met ondernemers die niet bang zijn voor 'een wijffie'.

Even verderop, in de bovenwoning met lamellen, blijft het ondanks herhaaldelijk bellen en het klepperen met de brievenbus bladstil. De intuïtie van het team speelt echter op. De wijkagent zet een plastic 'flipper' tussen het deurkozijn en als de voordeur openvliegt, gaat de ambtelijke delegatie naar binnen. Op eenhoog staat een lichtelijk verbouwereerde jonge Antilliaan met rastavlechten in boxershort en T-shirt. Tegen een huisbezoek heeft hij geen bezwaar, dus stommelt het team de trap op. In de huiskamer zitten vier mensen te kijken naar

Discovery Channel. Nederlands spreken ze niet en na enig aandringen halen ze elk een gifgroen paspoort op hun slaapkamers boven. Het zijn Brazilianen zonder visum. Het team-

Van den Bos heeft beet.

Sinds maart heeft het Interventieteam Dordtselaan zeshonderd adressen bezocht in de deelgemeenten Feyenoord en Charlois. Met een derde bleek wat aan de hand. ,,En dan hebben we het niet over panden waar geen brandblusser hangt'', zegt Ton van den Bos. Hij stuitte op hennepplantages, woningen waar het balkon naar beneden dreigde te komen, illegale logementen en dito bordelen. In het kantoortje aan de Dordtselaan, berucht vanwege de vele illegale pensions, toont Van den Bos op zijn computerscherm foto's van een paar ernstige gevallen.

Vooral hennepplantages zijn een lucratieve bezigheid. Een wietplantage brengt tussen de 75000 en 125000 euro per jaar op. En hennepplanten zijn moeilijker op te sporen dan illegalen die een woning in- en uitlopen en lawaai maken. Van den Bos moet het hebben van omwonenden die klagen over stankoverlast of Eneco dat aan de bel trekt omdat er in een bepaalde straat ongewoon veel energie wordt afgetapt van de hoofdstroom.

De rastafari heeft al gauw weer volop praats. Dat hij stroom gebruikt zonder ervoor te betalen, vindt hij de gewoonste zaak van de wereld. ,,Als ik hier binnenkom en ik heb licht, dan is dat mooi meegenomen, toch? Dan heb ik licht!'' Hij huurt de woning van een vastgoedbedrijfje voor zevenhonderdvijftig euro per maand. Hij was van plan zich in te schrijven bij de deelgemeente, maar daar was het nog niet van gekomen sinds 1 februari. Intussen knapt hij de woning mooi op, wijst hij op het gewitte plafond.

Maar het ijverigste doe-het-zelven gebeurt een verdieping hogerop. Daar treft het team een hennepkwekerij in oprichting aan. Alle benodigde ingrediënten staan al klaar: een dompelaar, plastic plantenbakken, potgrond, bouwlampen, en 'Roots', een soort pokon voor hennep dat gebruikt wordt bij het stekken. Hoogstwaarschijnlijk gekocht vier straten verderop bij de Growshop op de Boergoensevliet, die legaal alles mag verkopen wat vervolgens illegaal wordt gebruikt. Het is één van de paradoxen waar je als interventieteam mee moet leren leven, zegt Van den Bos cynisch.

De drie Braziliaanse mannen en één oudere vrouw nemen de inval gelaten op. Ze zijgen weer neer op de doorzakte sofa's voor de grootbeeld-tv, totdat hun huisbaas in het Portugees vertaalt dat ze wat kleren moeten inpakken. De wijkagent belt om een arrestantenwagen, die na driekwartier arriveert. Daarmee worden de vijf vervoerd naar het hoofdbureau van politie op Zuidplein, bekend van poptempel Ahoy', voor verhoor. En daarvandaan gaan de Brazilianen door naar het uitzetcentrum op Zestienhoven.

De teamleden lopen de drie verdiepingen nog eens door. Het is het vertrouwde beeld: in elke kamer liggen een of twee matrassen op de grond met een koffer, een stapeltje kleren, soms een haastig neergeschreven naam en telefoonnummer op een kladje, en zelfs een woordenboek Portugees-Nederlands. Zeven matrassen tellen ze, niet iedereen is blijkbaar thuis. Beneden sluit de Eneco-man intussen de energie af en haalt de meter weg.

Op de stoep belt Ton van den Bos met zijn superieuren. Hij wil het pand dichtspijkeren, want het is al de tweede keer dat hier een illegaal pension wordt opgerold. De verhuurder kijkt blijkbaar de andere kant op. En diefstal van energie is op zichzelf al reden tot afsluiting. Na wat soebatten krijgt Van den Bos zijn zin: anderhalf uur later rijdt een busje van de firma Corbus voor, die een goeie klant heeft aan Rotterdam.

In een vloek en een zucht timmeren twee Brabanders een donkerbruine stalen deur voor de voordeur. De twee ontbrekende Brazilianen zullen vanavond op hun neus kijken als ze thuis komen. ,,Het is niet mooi, maar wel effectief'', roept Van den Bos tevreden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden