Opinie

Geslaagd Simons-drieluik bij Dance Works Rotterdam

De Rotterdamse Dansgroep heeft de subsidieperikelen tijdens de behandeling van de jongste Cultuurnota overleefd, althans voor nog een halfjaar. Al over enkele maanden moet een grotendeels hernieuwde commissie dans van de Raad voor Cultuur opnieuw over dit gezelschap adviseren.

Om aan te geven dat de groep afscheid wil nemen van de voorbije ellende en zich in nieuw vaarwater acht, heeft de groep zich herdoopt in Dance Works Rotterdam. Al het geharrewar vrat de nodige energie en leidde er toe dat Ton Simons zijn tweede programma van dit seizoen niet met een première kon optuigen. Vanwege te lang voortdurende onzekerheid kon de Amerikaanse choreograaf Bill T.Jones zijn eerder gedane toezegging niet nakomen.

De dansers te Rotterdam en hun leider grepen die tegenvaller aan om al bestaand werk van Simons te presenteren, ter bewijsvoering dat vooral zij de meest geschikte uitvoerenden daarvan zijn. Deze dansers hebben zich immers al vele jaren in de typische Simon-signatuur als hun kwaliteitskeurmerk gespecialiseerd. Die signatuur betekent een puur vormgerichte benadering van dans: even formalistisch en abstract als Balanchine en Cunningham en in zekere zin even constructivistisch in het plastische gebruik van het lichaam als de eerste Sovjet-choreografen. Simons houdt van kunstige passen, posities, patronen en poses: glashelder, beheerst en onomwonden. Er liggen geen onderhuidse sentimenten of psychologische interpretaties op de loer. Sekse-verschillen worden opgeheven in de leotards (maillots) die als een strakke tweede huid om het hele lichaam gespannen zijn. Al jarenlang toont Simons een voorkeur voor zwart, grijs, wit en vleeskleurig.

Met 'Wall Part N.L.', zijn choreografie op Johan Bachs 'Goldberg Variation' gaf hij in oktober 1999 zijn visitekaartje af als opvolger van Kathy Gosschalk, de vrouw die het Rotterdamse Dansgezelschap een kwart eeuw geleid had. Pers en publiek reageerden eensgezind: de koele, zakelijke en afstandelijke presentatie van negen dansers tussen twee wanden van staal was een superieur staaltje Simons-dans. Om begrijpelijke reden wordt ook nu het programma hiermee geopend. Benen flitsen weer als stanleymessen, heupen roteren als gesmeerde kogellagers, ellebogen en knieën trekken scherpe hoeken en ruggenwervels kronkelen als lasso's. Typerend voor deze plastische benadering van menselijke motoriek is de meedogenloze controle en precisie die Simons van de dansers in hun samenspraak met Bach en de pianist Glenn Gould verlangt. Eerlijkheid gebiedt: in die strengheid is het gezelschap een hechter team geworden, met Caroline Harder als de onbetwiste prima inter pares.

Ook in de aan haar persoonlijk opgedragen solo 'Still Life III' op de song 'Ballerina' van Van Morrison laat deze fenomenale danseres er geen misverstand over bestaan. Met glorieus charisma weet zij de open toneelruimte tot in de nok te vullen. Haar evenwichtsgevoel waarmee zij haar grijs glanzende lichaam prachtig lange lijnen laat trekken getuigt van een groot zelfbewustzijn, die geen moment ijdel of pretentieus overkomt. In zijn meest recente dansstuk 'Gate of Heaven Road' -een bewerking van zijn avondvullende 'In the room the women come and go Talking of Michelangelo'- laten ook Josien Kuijpers en Helene Pieren zien hoe goed en zeker zij zijn vormgerichte dansdenken aanvoelen en dit met hun eigen danspersoonlijkheid op een ander plan brengen. Wat een hele avond Simons-choreografie vooral duidelijk maakt, is dat de man zeker niet aan een tekort aan choreografische inventiviteit lijdt. Meer afwisseling in de personele bezetting zou dit op zich zo geslaagde Simons-drieluik van Dance Works Rotterdam levendiger hebben gemaakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden