Geschiedenis is harde noodzaak voor jongens

Schaf het vak geschiedenis niet af, bepleit Angela Crott. Het biedt zeker jongens een anker in hun zoektocht naar identiteit.

De commissie-Schnabel wil geschiedenis verplicht laten opgaan in kennisdomeinen met nadruk op onderwijskundige competenties. Het pleidooi van Maria Grever (Trouw, 11 maart) voor behoud van het vak geschiedenis focust op het belang van dit vak voor de identiteitsvorming en feitenkennis van leerlingen. Als historica en jongensonderzoekster wil ik eveneens een pleidooi voor geschiedenis houden en dan speciaal voor jongens. Vanwege het praktische nut dat het vak voor hen heeft. Juist vanuit het oogpunt van identiteitsvorming en feitenkennis.

Praktisch nut

Jongens stellen zich bijna dagelijks de vraag naar het praktische nut van schoolvakken. Bij geschiedenis beantwoorden veel jongens deze vraag instemmend. Het vak staat hen bij in hun zoektocht naar hun mannelijke identiteit. Wat voor interessante maar vooral hemelbestormende acties hebben hun voorvaderen in het verleden uitgevoerd? Hoe hebben ze bij deze activiteiten hun kracht, hun moed, hun wijsheid, hun eer en plichtsgevoel ingezet? Jongens kunnen zich spiegelen aan historische mannelijkheid om hun eigen mannelijkheid vorm te geven.

Het heden geeft wat minder mogelijkheden voor deze mannelijkheidsvorming. De aankomende mannelijkheid van jongens wordt in het huidige competentiegerichte onderwijs verontachtzaamd. Jongens worden geacht hun vrouwelijke kant uit te bouwen, hun emotionele en zorgzame kant. Maar een puberjongen ziet vaak niet in waarom hij dat zou moeten doen. Aangejaagd door zijn hormonen die hem tot lawaai, actie, gelding en exploratie aanzetten, gaat hij voor zijn reeds volop aanwezige mannelijkheid.

Dat jongens het praktische nut van geschiedenis erkennen, bleek eveneens uit eigen onderzoek in de jaren negentig onder 10 tot 12-jarigen. Terwijl de meisjes inzoomden op de persoonlijke relaties van de vroegere medemens, hadden de jongens vooral interesse in feiten, bijvoorbeeld die van de toenmalige druktechniek. Jongens willen feiten, feiten die te verifiëren zijn en daar heeft geschiedenis er heel veel van.

Feitenkennis

Het praktische nut van geschiedenis ligt voor jongens ook in de hoeveelheid feitenkennis die het vak hen biedt. Als Wikipedianen in de dop verzamelen jongens liever feiten dan gevoelens. Anders dan gevoelens zijn feiten in te delen in systemen. En dat doen jongens graag: feiten onderbrengen in systemen. Oorlogs-, politieke of technische systemen.

Jongens zijn eerder geneigd te reflecteren op andermans daden in het wereldsysteem dan op de eigen daden in het schoolsysteem.

Mannelijke identiteitsvorming en feitenkennis: dat is het praktische nut van geschiedenis voor jongens. En door het verzamelen van al die grootse daden, feiten en systemen leren ze tegelijkertijd veel over de mens, over zichzelf en uiteindelijk ook over intermenselijke relaties. Jongens mogen dan een voorkeur hebben voor wapenfeiten, acties en daden, die moeten zich wel afspelen in een systeem.

Identiteit

In het systeem van een gemeenschap waar zij hun mannelijkheid kunnen inzetten. Met de huidige onzekerheid van veel jongens over de betekenis van hun mannelijkheid moet het vak geschiedenis zeker behouden blijven. Het kan jongens een anker bieden in hun zoektocht naar hun huidige mannelijke identiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden