Geruchten vergroten onrust in Macedonie

AMSTERDAM - Het woord complot valt vaak. Nu is dat een op de Balkan nogal geinflateerd begrip, en bewezen is er voorlopig nog niets. Maar onrustig maakt het wel in de enige Joegoslavische deelrepubliek die zich tot nu toe aan de oorlog heeft weten te onttrekken: Macedonie.

NICOLE LUCAS

Onlangs werd daar een aantal Albanezen gearresteerd op verdenking van wapensmokkel en een poging tot de vorming van paramilitaire groepen. Onder hen een lid van de Macedonische regering, onderminister van defensie Hisen Haskaj. Aanvankelijk werd ook diens collega van gezondheidszorg genoemd, Imer Imeri, maar hij staat niet op de officiele lijst van gearresteerden. Opmerkelijk is wel dat hij sinds een aantal dagen niet meer op zijn werk is gezien. “We vermoeden dat hij het land uit is”, aldus een regeringswoordvoerster in Skopje.

Voor veel Macedoniers was dit, ondanks het feit dat er nog nauwelijks bewijsmateriaal naar buiten is gebracht, een bevestiging van wat zij al vermoedden: de Albanezen zijn niet te vertrouwen. Omgekeerd geldt hetzelfde: we worden erin geluisd, heet het in Albanese kring, de ontdekking van dit zogeheten complot is slechts bedoeld om ons monddood te maken.

Het botert niet zo tussen de twee grootste bevolkingsgroepen in Macedonie: Macedoniers en Albanezen. Dat begint al bij de discussie hoe groot beide groepen eigenlijk zijn. Volgens officiele gegevens is ruim 21 procent van 2,3 miljoen inwoners Albanees, maar de Albanezen zelf bestrijden dat te vuur en te zwaard. Minstens veertig procent zeggen zij, fanatiekelingen hebben het over 'meer dan de helft'.

Voor hen is de statistische onderschatting tekenend voor de slechte positie van de Albanezen. En dan wijzen ze bijvoorbeeld op het feit dat minder dan acht procent van de leerlingen op middelbare scholen, slechts 1,5 procent van de studenten en niet meer dan vier procent van de ambtenaren Albanees is. Albanezen verdienen gemiddeld minder dan Macedoniers en hun opleiding is lager.

De grootste grief van de Albanezen, althans van het kader, is echter dat zij in de grondwet niet worden erkend als 'constituerende natie', maar 'slechts' als minderheid. Zij eisen bestuurlijke autonomie in die gebieden waar zij de meerderheid vormen, dat wil zeggen in het noorden en westen van het land. Onlangs namen ze daar al een voorschot op door in diverse steden met een Albanese meerderheid, zoals Tetovo en Gostivar, het Macedonisch als officiele taal van het plaatselijk bestuur af te schaffen. Tot groot ongenoegen uiteraard van de Macedonische minderheid aldaar.

Over en weer bestaat nogal wat wantrouwen. Een opiniepeiling eerder dit jaar was wat dat betreft onthullend en onthutsend. Op de vraag “denkt u dat het Macedonische leger mensen van uw nationaliteit zal verdedigen”, antwoordde 44 procent van de Albanezen nee, en wist 46 procent het niet zeker. En op de vraag “als Macedonie aangevallen wordt, welke nationaliteit zal dan niet meedoen aan de verdediging”, wees ruim 47 procent van de Macedoniers naar de Albanezen.

Tot echte aanvaringen is het nog niet gekomen. Dat is voor een belangrijk deel te danken aan het inzicht van de bejaarde president Kiro Gligorov, een oud-communist, die erin is geslaagd extremisten aan beide zijden de wind uit de zeilen te nemen. Hij was ook degene die de Albanezen van de Partij voor Democratische Welvaart (PDP, de grootste Albanese Partij) ervan wist te overtuigen zitting te nemen in de regering, waarin verder vooral excommunisten zitten. Hoe lang hem dat nog lukt is niet te zeggen.

De eerste berichten over de arrestaties waren nog maar nauwelijks verspreid of woordvoerders van de felnationalistische VMRO-DPMNE, tevens grootste partij in het parlement, riep al dat ze 'het altijd al had geweten, dat die Albanezen niet te vertrouwen zijn'. De regering werd verweten veel te laks op te treden en daarmee de Macedonische belangen in de uitverkoop te hebben gedaan. De partij diende onmiddellijk een motie van wantrouwen in tegen de regering van de jonge Branko Crvenkovski. Die haalde het weliswaar niet, maar de marge was klein.

Ook de PDP staat onder druk van radicalere leden om de regering te verlaten. Hoewel regeringswoordvoerders officieel verklaard hebben dat de gearresteerden, waaronder PDP-lid Haskaj, handelden op 'eigen initiatief' en niet op instigatie van de PDP-leiding, zien veel Albanezen de 'ontmaskering' als het begin van een vooropgezet plan om hen het leven stelselmatig onmogelijk te maken.

Wapens uit Albanie

Behalve gevolgen voor de relaties onderling heeft de affaire ook gevolgen voor de betrekking tussen Macedonie en Albanie. Bij de arrestaties van de Albanezen zou ook een aantal wapens afkomstig uit Albanie in beslag zijn genomen. En volgens een officiele verklaring is duidelijk dat 'een buitenlandse staat' betrokken is bij de affaire. Welk land dat is, willen regeringswoordvoerders niet zeggen, maar de implicatie is duidelijk: Albanie.

Dat land reageerde onmiddellijk op deze onuitgesproken beschuldiging door de zwarte piet te leggen bij de Servische president Slobodan Milosevic die bezig zou zijn met een complot om Macedonie te destabiliseren om op die manier de republiek te kunnen annexeren. Dit ook naar aanleiding van uitspraken van diezelfde Milosevic die een paar dagen daarvoor had opgemerkt dat Griekenland binnenkort geen erkenningsprobleem meer zou hebben, omdat Macedonie door interne twisten toch uiteen zou vallen.

Woordvoerders in Skopje doen inmiddels alle mogelijke moeite om de zaak te sussen. “Alles is rustig, we hebben de situatie volledig onder controle.” Slechts een geeft aarzelend toe: “Ik voel me toch niet helemaal gerust”.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden