Germa kan niet zomaar zijn 'opgelost'

Spoorloze verdwijningen komen in Nederland weinig voor. Meestal duiken vermisten weer op of wordt hun lichaam gevonden. Van Germa van den Boom, die in 1984 verdween, is nooit meer iets vernomen.

Achter sommige ramen in het dorp Nieuwendijk hangen nog steeds de posters met een afbeelding van een meisje met lange blonde krullen en daaronder de tekst 'Help ons Germa vinden'. In 1986 verspreidden Hendrikus en Aagje van den Boom tweeduizend raambiljetten met het portret van hun spoorloos verdwenen dochter in het Land van Heusden en Altena. Moeder Aagje sprak bij die gelegenheid de hoop uit dat de bevolking de biljetten net zo lang zou laten hangen 'tot Germa of haar lichaam' is gevonden.

,,Aan wat ze toen zei, denken we nog elke dag'', zegt een inwoonster die de ramen staat te zemen. Mensen die bij haar aanbellen, staan oog in oog met de beeltenis van Germa. Die vergeelde raambiljetten vielen ds. Wouda meteen op, toen hij anderhalf jaar geleden het beroep van de Gereformeerde kerk van Nieuwendijk aanvaardde. ,,Ik kom hier niet vandaan, maar het was me van de eerste dag af duidelijk dat de verdwijning van Germa van den Boom een grote last is voor deze gemeenschap.'' De ouders van Germa zijn lid van de Gereformeerde kerk. In de voorbede wordt haar naam nog geregeld genoemd. Vooral als er een kind is verdwenen of vermoord, merkt de predikant dat dat 'extra impact' heeft in zijn gemeente.

De buurtschap De Kille, net buiten de bebouwde kom van Nieuwendijk, ligt er ondanks de regen en in weerwil van zijn naam fris en lente-achtig bij. De bloesemende bomen doen vergeten dat hemelsbreed een paar kilometer verderop het verkeer voorbij raast over de A 27. Het gehucht aan de rand van de Biesbosch telt zo'n twintig huizen, waarvan ongeveer de helft aan de Dwarssteeg staat, een smalle kronkelweg tussen de akkers. Op nummer 7 woonde de familie Van den Boom vele jaren. Een jaar of zes geleden zijn Hen drikus en Aagje naar het dorp verhuisd.

In de nacht van 28 op 29 juli 1984 verdween hun toen negentienjarige dochter Germa uit het huis aan de Dwarssteeg. ,,Onze zoon Rinus heeft haar die nacht rond 2 uur voor de deur afgezet en daarna is nooit meer iets van haar vernomen of teruggevonden'', vertelt de buurman. De vrijgezel Rinus had die zaterdagavond in een bistro in Gorinchem gewerkt, vertelt zijn vader. Hendrikus en Aagje van den Boom waren met vakantie in Overijssel. Hun dochter Germa was voor 't eerst alleen thuis.

Ze was die avond met vriendinnen gaan stappen in Gorinchem. Toen die naar huis wilden, had Germa nog geen zin. Ze besloot nog te blijven, ook omdat ze met haar buurjongen Rinus kon meerijden. ,,In de auto heeft Germa nog zitten vertellen dat haar oudere zus een baby had gekregen en dat ze nu dus tante was.''

Nadat Rinus Germa had afgezet, reed hij meteen door naar huis. De afstand tussen beide woningen bedraagt hooguit 50 meter. Binnen maakte hij nog even een praatje met zijn ouders. ,,We lagen al op bed, maar bij ons was het de gewoonte dat de kinderen zich afmeldden'', vertelt zijn vader. ,,Rinus heeft ons verteld over wat hij had beleefd in de bistro en zei dat hij Germa had meegenomen uit Gorinchem. Ik herinner me dat-ie het wat vreemd had gevonden dat ze naar hem toe was gekomen, omdat ze anders nooit toenadering zocht. We zijn daarna weer gaan slapen en hebben verder niks bijzonders gemerkt. De buren aan de andere kant waren die nacht nog laat op, omdat ze naar de opening van de Olympische Spelen hebben zitten kijken. Ook die hebben niks gehoord of gezien.''

Zondagochtend rinkelde de telefoon in het huis op nummer 7. Germa's ouders wilden weten of het goed ging met hun dochter. Maar er werd niet opgenomen. Omdat het mooi weer was, gingen ze er vanuit dat Germa naar haar vriend was gegaan, die op een camping in Zeeland werkte. Toen ze 's avonds laat nog steeds geen gehoor kregen, begonnen ze ongerust te worden. Germa zou maandagochtend als vakantiehulp beginnen in het bejaardentehuis. De volgende ochtend belden ze heel vroeg, maar nog steeds geen Germa.

De buurman: ,,Ik kreeg die ochtend Van den Boom aan de telefoon. Hij maakte zich ongerust over Germa. Ach, je weet hoe dat gaat met die meiden, zei ik. Ze is vast bij een vriendin gaan slapen. Maar voor de zekerheid ben ik toch maar gaan kijken. Alles was afgesloten en Germa's fiets stond op slot achter het huis. Hendrikus heeft me toen uitgelegd hoe ik binnen kon komen. Daar was Germa ook niet en haar bed was onbeslapen.'' Toen bleek dat ze ook niet was komen opdagen in het bejaardentehuis en niemand haar zondag nog had gezien, werd de politie gebeld en reisden Germa's ouders spoorslags terug naar Nieuwendijk.

De politie nam de zaak in eerste instantie niet al te hoog op. Toen haar ouders uitlegden dat Germa nooit zonder bericht zou weggaan, werd het huis grondig doorzocht. Op de keukenvloer werden krassen en vage bloedsporen gevonden, die van Germa bleken te zijn. Aanvankelijk werd nog rekening gehouden met een ontvoering, maar er meldde zich niemand.

Plaatsvervangend groepscommandant Johan Maaskant van de rijkspolitie in Werkendam was vanaf het begin betrokken bij de verdwijning van Germa. Alles heeft hij eraan gedaan, zegt hij, om Germa terug te vinden, dood of levend. Voor het eind vorig jaar geïnstalleerde Landelijk team kindermoorden, dat nu een allerlaatste poging doet de zaak op te lossen, is hij een belangrijke vraagbaak. De verdwijning van Germa is de eerste zaak voor dit team van veertien rechercheurs van grote korpsen in de randstad en het korps landelijke politiediensten, dat speciaal geformeerd is om niet opgeloste kindermoorden en verdwijningen van kinderen vanaf 1982 te onderzoeken.

Deze keuze houdt niet alleen verband met het feit dat als Germa vermoord zou zijn, de zaak in juli 2002 verjaart. Volgens de Bredase persofficier M. Corten is er ook sprake van nieuwe 'aanknopingspunten', die heropening van het onderzoek rechtvaardigen. Daarbij gaat het niet om concrete gegevens of nieuw bewijsmateriaal, benadrukt Corten. ,,Ook heeft zich geen getuige of mogelijke dader gemeld. Wel zijn er in de loop der jaren regelmatig zaken toegevoegd aan het dossier. Het is heel goed om het dossier in z'n totaliteit nog eens met een frisse blik te bekijken. Ook beschikken we tegenwoordig over betere technieken dan vroeger om DNA-sporen te herleiden.'' De persofficier spreekt met klem tegen dat de politie in 1984 bij het onderzoek steken heeft laten vallen, zoals sommigen in het dorp hebben beweerd. ,,Ze hebben er echt alles aan gedaan. Daar hebben we niets dan lof voor.''

De ouders van Germa hebben momenteel geen behoefte aan publiciteit. ,,Ze hebben het zwaar'', zegt Germa's broer Adriaan, die ook actief is, net als zijn zwager, in het bestuur van de Vereniging achterblijvers na vermissing. ,,Het verdriet slijt natuurlijk wel een beetje, maar wat het ergste is dat we het niet kunnen afsluiten. Je kunt niet rouwen als je niet weet of iemand dood is. Elke dag ben je er toch weer mee bezig. Altijd blijft dat sprankje hoop dat ze nog leeft.'' Het 'dubbele' is ook, legt Adriaan van den Boom uit, dat de achterblijvers enerzijds rust willen om het gemis te verwerken. Ze willen geen publiciteit meer, ze willen geen vragen meer beantwoorden. Maar anderzijds staan ze die rust zichzelf niet toe, omdat ze zich achteraf geen verwijten willen maken dat ze niet méér moeite hebben gedaan om de vermiste te vinden.''

Ook in het dorp heeft de verdwijning van Germa, die indertijd net voor het eindexamen van het Atheneum was gezakt (maar vastbesloten om het diploma het jaar erop te halen) diepe sporen getrokken. ,,Ineens waren we allemaal verdachten'', vertelt de buurman. ,,Vooral onze zoon Rinus heeft het zwaar te verduren gehad, omdat hij haar als laatste heeft gezien. Hij zat toen in militaire dienst en werd door de politie uit de kazerne gehaald. Dat hakt er wel in, hoor. Maar ik ben ook verhoord. Je kunt het niet geloven wat er over ons heen is gekomen in die tijd.''

Al gauw deden er roddels de ronde in het dorp. Germa zou in een seksclub in Antwerpen werken, iemand had haar daar gezien. Germa zou weggelopen zijn. Zijn ouders hebben daar vreselijk onder geleden, zegt broer Adriaan. Er werden ook geruchten verspreid over mensen die mogelijk meer wisten. In alle gevallen waren het inwoners die toch al niet goed lagen in het dorp. Er werd een vertrouwensarts aangewezen bij wie mensen hun verhaal kwijt konden. De stille hoop van de familie dat de dader anoniem zou melden waar hij Germa begraven had, bleek ijdel. Uiteindelijk bleven er van alle geruchten en achterklap maar drie zaken over die mogelijk iets met de verdwijning te maken hebben.

Zo heeft een van de buren de woensdag voor de verdwijning van Germa 's nachts een gluurder gezien op het erf van de familie Van den Boom. Hij belt meteen, maar Hendrikus van den Boom treft buiten niemand meer aan. De dag erna gebeurt er ook iets dat afwijkt van het normale patroon. Germa raakt in het VVV-kantoor van Woudrichem, waar ze tijdelijk assisteert in de winkel, uitgebreid aan de praat met een man van middelbare leeftijd, die dezelfde oorbellen wil kopen voor zijn dochter als Germa die dag draagt. Hij vraagt haar, wat Germa een beetje raar vindt, of ze het wel 'fijn' heeft met haar vriend. Al pratend had Germa de man het nodige verteld over haar privéleven en over het feit dat ze het komende weekeinde voor het eerst alleen thuis zou zijn, omdat haar ouders met vakantie gingen. 's Avonds vertelt ze haar ouders ook over deze klant, die ze wel aardig maar ook wel raar had gevonden. De politie heeft de identiteit van deze man nooit kunnen achterhalen.

Het derde voorval speelt zich af in de supermarkt van Albert Heijn in Sleeu wijk, op 26 februari 1985. Een leraar van Germa ziet bij de vleeswarenafdeling een man staan met een meisje van ongeveer vier jaar. ,,Waar is Germa?'', hoort hij het kind vragen. De man reageert geërgerd. Dan vraagt het kind opnieuw: ,,Papa, waar is Germa van den Boom?'' ,,Die is dood en hou daarover op'', zegt de man, die daarop meteen de winkel verlaat. De leraar is zo verbijsterd dat hij niets onderneemt. De man en het kind zijn nooit getraceerd.

Daarnaast is de familie Van den Boom belaagd door tal van helderzienden, die wisten te vertellen waar Germa was of waar ze lag begraven. In het begin klampten haar ouders zich aan elke tip vast, maar na de zoveelste teleurstelling wilden ze er niets meer van weten.

Niet alleen voor de familie maar ook voor de dorpsgemeenschap zou het een bevrijding zijn, als bekend wordt wat er die nacht is gebeurd met Germa, zegt een bejaard echtpaar dat door het dorp kuiert. In hun beleving heeft de verdwijning van het meisje de sfeer veranderd. Germa kan niet zomaar zijn 'opgelost', zegt de man. ,,Je gaat dan al gauw denken dat er toch mensen zijn die er meer van weten en er niks over willen zeggen. Dat legt een druk op het dorp. Mensen gaan mekaar scheef aankijken. Maar er is ook een groep die een streep onder het verleden wil zetten en er niks meer over wil horen. En dat valt weer niet in goede aarde bij degenen die naast de familie willen blijven staan.''

Om Nieuwendijk van dit dilemma te verlossen, ondernam voorganger W. Hordijk van de Gereformeerde kerk in 1990 een onorthodoxe actie. Vanaf de kansel ('s morgens in de gereformeerde, 's middags in de hervormde kerk) werd op 24 juni een klemmende oproep gedaan om voor de dag te komen met tot dan toe geheim gehouden informatie over Germa. Thema van de dienst, die geheel in het teken stond van de verdwijning van Germa, was 'Eerlijk duurt het langst'. Het openingslied, Psalm 5 vers 2, zette meteen de toon: Gij hebt een afschuw van de zonde,/ Gij haat de hand waar bloed aan kleeft,/ de tong die van de leugen leeft./ Wie in geweld hun sterkte vonden,/ richt Gij ten gronde.

Moeder Aagje van den Boom zei na afloop, nadat Hordijk de zegen van de Heer had afgesmeekt over het vinden van de gouden tip, niet te verwachten dat de dader in de kerk had gezeten. Maar ze had wel de hoop dat er mensen waren geweest die 'meer weten, maar niets durven te zeggen'.

Zeventig reacties kwamen er binnen naar aanleiding van de twee kerkdiensten. Tien tot vijftien waren volgens Johan Maaskant van de Werkendamse politie de moeite van het natrekken waard. Het Landelijk team kindermoorden houdt ze de komende weken nogmaals tegen het licht. Maar de gouden tip zat er volgens Maaskant niet bij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden