Review

Gereformeerde twisten in hartje oorlog

Het Jaarboek voor de Geschiedenis van het Nederlands Protestantisme na 1800 is dit jaar gewijd aan 'Anderhalve eeuw protestantse periodieke pers'. Dat betekent vooral veel terugblikken op wat was en voorgoed verloren ging. Beetje nostalgisch. Met soms wel wat erg kleine levensverhalen.

Maar ook informatief en tot nadenken stemmend. Zoals over de ondergang van het eens zo beroemde maandblad Wending. Hét voorbeeld van hoe fataal het met een krant of tijdschrift afloopt, als een redactie het beter meent te weten dan haar lezers en consequent weigert naar die lezers te luisteren.

Echt hangen bleef ik bij een artikel van drs. Th.J.S. van Staalduine over de kwestie-Rietberg. Ds. J.H. Rietberg was gereformeerd predikant en van 1929 tot 1944 hoofdredacteur van 'De Wachter, weekblad tot steun van de Theologische Hoogeschool van de Gereformeerde Kerken'. Rietberg koos in de oorlog - de kwestie speelt in 1942/'43 - partij voor de Kamper hoogleraren K. Schilder en S. Greijdanus, toen deze in conflict kwamen met de gereformeerde synode en stelde de kolommen van zijn blad geheel ten dienste van hun zaak.

De gereformeerde synode was daar, zacht gezegd, niet gelukkig mee. En dat vooral niet, omdat De Wachter, in tegenstelling tot veel andere kerkelijke bladen, tot 1944 mocht verschijnen. Naar oud-Trouw journalist Ben van Kaam heeft vastgesteld, was dat bewust beleid van de Duitse bezetters: er zaten nogal wat gereformeerden in het verzet, dus hoe meer onderlinge onenigheid, hoe beter.

De synode, met als een van z'n prominentste leden VU-hoogleraar H.H. Kuyper, zoon van de grondlegger van de gereformeerde kerken dr. Abram Kuyper, oefende maximale druk op Rietberg uit om zijn bezwaren tegen de synode niet meer in zijn blad te publiceren.

Rietberg, van minstens even stevig kaliber als zijn synodale tegenstanders, was tot geen inschikkelijkheid bereid en verdedigde zijn persvrijheid met grote inzet. Hij kon zich daarbij tegenover de zoon op de vader beroepen. Abram Kuyper, behalve theoloog en politicus ook journalist, had immers nooit iets van persbreidel willen weten. Ook niet van de kerkelijke pers. Kuyper weigerde daar zelfs het begin van een punt van discussie van te maken.

De ruzie tussen Rietberg en de synode liep steeds hoger op tot de synode tenslotte eiste dat hij zich voortaan van kritische opmerkingen in zijn blad zou onthouden. Als hij kritiek had, moest hij de kerkelijke weg bewandelen en zijn bezwaren indienen bij zijn kerkenraad. Het kwam dan vanzelf hogerop en zou tenslotte ook de synode bereiken. Bovendien verlangde de synode van Rietberg, dat hij, als hij toegaf, evenveel zou schrijven over zijn, afgedwongen, aanvaarding van de synodale besluiten tégen Schilder en Greijdanus als hij eerder ten gunste van deze twee had geschreven.

Je wrijft je ogen toch uit als je dat leest. Hartje oorlog. In het land maken de nazi's korte metten met de vrijheid van meningsuiting. Daartegenover staat een illegale pers, die ten koste van grote offers juist dáár voor opkomt. En tegelijkertijd probeert de synode van een kerk, die overigens een prominente rol speelt in de strijd tegen de bezetter, met de grootst mogelijk geestelijke intimidatie een dissident de mond te snoeren.

Tegen deze synodale onderwerpingseis beriep Rietberg zich op artikel 31 van de Kerkorde. Daarin stond dat kerkleden de besluiten van een synode 'voor vast en bondig' moeten houden 'tenzij dat het bewezen worde te strijden tegen het Woord Gods, of tegen de artikelen in deze Generale Synode besloten . . .'

Aangezien Rietberg het bewezen achtte dat de synode zelf de kerkorde had overtreden (een punt dat ik hier verder laat rusten), stelde hij dat hij zich op grond van dit artikel aan de synodale besluiten mocht onttrekken. Een zeer protestants standpunt: tenslotte moet een individu zelf 'voor Gods aangezicht' bepalen wat hij heeft te geloven en te doen. Ook een synode kan hem deze persoonlijke verantwoordelijkheid niet afnemen.

Het is een verwarrende constatering: in een tijd waarin de gewetensvrijheid als nooit tevoren onder druk staat, neemt de kerk iemand keihard te pakken, die zich beroept op dát artikel van de (eigen) kerkorde waarin die gewetensvrijheid nu juist wordt gegarandeerd.

Die verwarring wordt nog groter, als je leest dat Rietberg zich verweert door te wijzen op de situatie in 1936. De bovengenoemde H.H. Kuyper (net als zijn vader pro-Duits en anti-Engels; A. Kuyper was dat vooral door de Boerenoorlog geworden) had toen publiekelijk geageerd tegen een synodebesluit om tucht toe te passen op de leden van de NSB. Daar had niemand bezwaar tegen gemaakt. Waarom in zijn geval dan wel?

Heel verwarrend allemaal. Helemaal als je dan ook nog bedenkt, dat de breuk tussen de synode enerzijds en anderzijds Schilder, Greijdanus, Rietberg en anderen leidde tot de vorming van 'De Gereformeerde Kerken, onderhoudende artikel 31 van de Kerkorde', die op hun beurt in later jaren zelf zo'n keiharde synodale tucht tegenover dissidenten hanteerde, dat H.H. Kuyper en de zijnen daar nog een puntje aan hadden kunnen zuigen.

Het is bij de kwestie-Rietberg als met meer dingen in het leven. Je begrijpt hoe het zo gekomen is, maar tegelijk is het onbegrijpelijk, dat het zo heeft moeten lopen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden