Gered door krakers

Kraken mag niet meer in Nederland, begin deze maand werd daarover een wet aangenomen. De afgelopen decennia had de kraakbeweging grote invloed op het aanzien van steden. Dat geldt ook voor Utrecht, blijkt tijdens een speciale ’kraakwandeling’.

’Ja, dit is wel een beetje een clichékraakpand”, lacht André Jonkers. Hij kijkt naar de muurschildering op de twee Ubica-panden in de Utrechtse binnenstad: een felgeel geraamte, dat contrasteert met de nette gevels van de andere panden op de Ganzenmarkt. Het beeld refereert aan het motto op de gevel van een van de panden: ’Het gaat om de ruggegraat’. Op straatniveau zien de panden er gesloten uit.

Het uiterlijk van de panden komt misschien intimiderend over op de nietsvermoedende voorbijganger. Maar in 1992 oogden ze ronduit treurig. Al een aantal jaren stonden de gebouwen leeg en werd er door de eigenaar, die een conflict met de gemeente had, niets meer gedaan aan het onderhoud van de panden, waarvan de ene een gemeentelijk monument is, en de andere een rijksmonument. Ze stammen uit het begin van de veertiende eeuw, al zijn er weinig originele kenmerken meer uit die tijd: in de loop der eeuwen werden ze zo vaak verbouwd, of getroffen door branden, dat ze inmiddels zeven eeuwen Utrechtse geschiedenis in zich herbergen.

Het is alweer bijna twee decennia geleden dat Jonkers zelf in een kraakpand woonde. Nu geeft hij voor het Utrechtse architectuurcentrum Aorta een rondleiding over de invloed die de kraakbeweging heeft gehad op het uiterlijk van de stad.

Een paar straten voorbij de Ganzenmarkt laat hij de Boothstraat zien. Een rijtje monumentale huizen blinkt er in de zon. „Dit gebied behoorde in de Middeleeuwen tot de immuniteit van Sint-Jan”, doceert Jonkers. „Een gebied waar de wereldlijke overheid geen invloed had. Maar na de reformatie ging men hier bouwen.” In de jaren tachtig van de twintigste eeuw ging men er bijna weer slopen. De eigenaar van het cultureel centrum ACU, net om de hoek, wilde daar graag een parkeergarage vestigen. De ingang zou aan de Boothstraat komen te liggen. Ook de gemeente zag er wel wat in, al waren de twee partijen het er niet over eens wie die garage zou moeten beheren. In de jaren ervoor hadden krakers veel leegstaande panden in het blok betrokken, en de impasse tussen gemeente en eigenaar zorgde ervoor dat ze zich succesvol tegen de sloop konden verzetten.

In de jaren negentig waren de politieke inzichten over het aanzien van de stad inmiddels verschoven, en verdween het plan voor de parkeergarage in de prullenbak. Jonkers: „Toen hebben wij alternatieve plannen gemaakt voor het gebied, en we zijn er in geslaagd om het terrein aan te kopen”. Hij geeft een rondleiding door de panden. In de ACU is nu een cultureel café gevestigd. Linkse parafernalia aan de muur herinneren aan het verleden als kraakkroeg. In het rijksmonument aan de Boothstraat 8 drinken backpackers koffie onder hoge, monumentale plafonds – het is een low budget hotel geworden.

Het plan voor de parkeergarage stond niet op zichzelf. Vanaf de jaren zestig werden er in Utrecht, en in veel andere Nederlandse steden, plannen gemaakt voor grootscheepse stadsvernieuwingen, bedoeld om de auto ruim baan te geven. Die riepen protest op van een coalitie van linkse activisten en monumentenbeschermers. Kraken was één van de middelen die ze inzetten bij hun strijd.

Het bekendste voorbeeld daarvan is natuurlijk de strijd om de Nieuwmarktbuurt in Amsterdam, waar een metrolijn en een grote verkeersader doorheen gepland werden. Wie van bovenaf naar de stad kijkt, kan precies zien waar het keerpunt lag in die strijd. De Wibautstraat en de Weesperstraat zijn brede, in de jaren zestig aangelegde straten, die eigenlijk tot aan het Centraal Station doorgetrokken hadden moeten worden. Maar waar de Jodenbreestraat in de Sint-Antoniesbreestraat overgaat, zie je dat de brede straat ineens weer smal wordt.

Ook in Utrecht werd er zo’n strijd gevoerd, vertelt Jonker. En als je een zichtbaar keerpunt wilt aanwijzen, ligt dat bij het pand Achter Clarenburg 2. In 1971 werd het middeleeuwse pand gekraakt. Anno 2010 staat het er nog steeds.

Maar eigenlijk had het moeten wijken. In de jaren zestig werd het grote, overdekte winkelcentrum Hoog-Catharijne aangelegd. Een groot deel van de stationsbuurt werd ervoor platgegooid. Maar oorspronkelijk had het Utrechtse gemeentebestuur nog veel radicalere plannen met het centrum van de stad. Om Hoog Catharijne goed bereikbaar te maken voor verkeer, zou er een systeem van grote wegen door het centrum komen. De singelgracht rondom het centrum zou gedempt worden, en geasfalteerd.

Jonkers loopt langs de Van Asch Van Wijckskade, een van de kades langs de singelgracht. „Nu kosten de panden hier miljoenen”, zegt hij. „In de jaren zestig en zeventig was het hier totaal verpauperd. De middenklasse was het centrum uitgetrokken, naar nieuwe wijken zoals Overvecht en Kanaleneiland. De gemeente had hier een groot deel van de panden aangekocht, om dat verkeersplan uit te voeren. En toen trokken krakers in de lege huizen.”

Jonkers wil zeker niet beweren dat de kraakbeweging eigenhandig de Utrechtse binnenstad gered heeft. „Ten eerste waren krakers een onderdeel van een veel grotere coalitie, waar bijvoorbeeld ook veel bewonersgroepen in actief waren. En daarnaast waren niet alle krakers bezig met de buurtstrijd. Dat was altijd een tweedeling binnen de kraakbeweging: een deel was bezig met de buurtstrijd, probeerde samen te werken met bewoners. Een ander deel was juist heel erg naar binnen gericht, die wilden eigenlijk niets met de burgerlijke maatschappij te maken hebben. En dan had je natuurlijk ook nog ’bierpunks’, die alleen maar dronken wilden worden”, lacht hij.

Maar je kunt zeker plekken in de stad aanwijzen waar zonder krakers de sloopkogel heftiger had huisgehouden, vindt Jonkers. En niet alleen in het middeleeuwse centrum: „De kop van Lombok, rond de Kanaalstraat, is nu een prettige, kleinschalige buurt, met huizen van rond 1900. Een beetje een multicultiwijk. Daar waren destijds ook grootschalige sloopplannen voor. Overal trokken krakers in: daardoor is de sloop mede voorkomen.”

Wat betekent het kraakverbod voor het uiterlijk van de stad? In incidentele gevallen, zoals bij de Ubica-panden, hebben monumentenbeschermers straks inderdaad een wapen minder in handen. Maar voor het aanzien van de binnenstad als geheel lijkt de rol van de krakers de laatste jaren sowieso steeds meer uitgespeeld.

Jonkers: „In de loop van de jaren negentig kwamen de binnensteden steeds meer in trek, huizenprijzen begonnen te stijgen. Veel krakers verdwenen steeds meer naar verlaten industrieterreinen aan de randen van de stad. Je kreeg ’technokrakers’, die feesten organiseerden. Het werd allemaal wat minder politiek. In de jaren negentig werden ook steeds meer kraakpanden gelegaliseerd en omgebouwd tot plekken waar bijvoorbeeld kleine bedrijfjes zich konden vestigen.”

Tien jaar geleden was dat nog te betalen. Inmiddels, in 2010, niet meer, zegt Jonkers, terwijl hij naar de Ubica-panden kijkt: „De huizenprijzen zijn hier zo gestegen, dat het je nooit meer lukt om dit aan te kopen, tenzij je er iets commercieels mee doet.”

Het is een conclusie die de oude kraker misschien somber zou moeten stemmen: dat de monumenten die mede door de kraakbeweging zijn behouden nu zo commercieel interessant zijn geworden, dat er voor kleinschalige linksige initiatieven nauwelijks plaats meer is in de binnenstad. Maar Jonkers eindigt liever op een vrolijke noot. Het plan voor het dempen van de Singel is slechts ten dele uitgevoerd. Alleen bij het deel dat pal voor Hoog Catharijne lag, waar een drukke verkeersweg herinnert aan het planmatige denken van de jaren zestig. Inmiddels zijn rondom het winkelcentrum weer graafmachines actief. „Een paar jaar geleden hebben ze besloten om die weg te verwijderen. Straks stroomt er gewoon weer water door de Singel.”

Op 26 juni organiseert architectuurcentrum Aorta ’kraakwandelingen’ door Utrecht. Info: www.aorta.nu

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden