Gepensioneerden zijn vaak de klos

Ouderen ontvangen dikwijls niet het pensioen waarvoor ze hebben betaald. De verzekeraar te vinden en deze tot erkenning van zijn plicht en vervolgens tot betaling of afkoop te bewegen, kost de grootste moeite. Een verwaarloosde taak voor politieke partijen en vakbonden.

Met uw hoofdartikel 'Poldermodel en pensioen' (23 mei) ben ik het totaal oneens: u bent veel te optimistisch over de situatie van individuele pensioenen in Nederland. Ik zou zo graag zien dat eenieder eens wakker geschud werd over pensioenrechten.

De meeste werkenden denken dat alles oké is, tot de eerste uitkering. Dan volgt voor velen de koude douche. Dit ondanks dat men Nederland als voorbeeld stelt voor de rest van de wereld.

Het hiernavolgende heb ik enige malen aan de Tweede-Kamerfractie gestuurd van de PvdA, maar deze reageerde op geen enkele manier op de gestelde vragen. Evenmin ontving ik van de vakbond een reactie, terwijl deze toch medebeheerder van de pensioenen is. De vakbonden zijn strak gericht op de werkenden, die nu overal opslag claimen. Gepensioneerden leggen het dus af, want die krijgen in het gunstigste geval, een kruimel indexering en hebben geen enkele inspraak op de door hen en voor hen gespaarde gelden.

Samen met enkele anderen probeer ik oude pensioenen te achterhalen en onze ervaringen zijn slecht, enkele gunstige uitzonderingen daargelaten, zoals ABP en Hoogovens:

1) In ongeveer een derde van de gevallen wordt geheel niet gereageerd door (voormalige) werkgevers en pensioenfondsen. Dit betreft ook gerenommeerde verzekeringsbedrijven.

2) Als er wel wordt gereageerd laat het antwoord vaak een halfjaar tot anderhalf jaar op zich wachten.

3) Op honderden brieven is zeggen en schrijven één pensioentje achterhaald en zijn ongeveer tien afkopen gevolgd ter grootte van 25 tot ongeveer 3000 gulden. Verder waren er nog ongeveer tien gepensioneerden die te horen kregen dat ze in aanmerking kwamen, zonder ook maar te weten wat ze konden verwachten.Ook na erg lange tijd en herhaald aandringen kregen zij als antwoord: 'niet bekend' bij pensioenfonds of bedrijf, of 'pensioenfonds of bedrijf bestaat niet meer'. Dan moet men dus zelf de eindeloze speurtocht voortzetten naar verzekering, pensioenfonds of bedrijf, die de zaken hebben overgenomen.

4) Als er al een toewijzing van een pensioen of een afkoop plaatsvindt, wordt het alsnog een slepende zaak vanwege langdurige fiatteringtrajecten, het moeizaam corresponderen over in te houden belastingen en het aanvragen van sofinummers voor uitbetaling aan iemand in het buitenland.

5) Het is nooit na te gaan of indexering is toegepast en hoe de berekening was. Er komt nimmer een verantwoording van het berekende bedrag, zodat geen enkel verhaal mogelijk is.

6) Van ouder dan 70-jarigen lijken dikwijls geen gegevens meer beschikbaar.

Naar het schijnt worden deze gegevens gewoon niet bewaard. Men reageert doorgaans afwijzend bij mensen ouder dan 70.

De in 1998 helaas opgeheven Stichting Niet Opgevraagde Pensioenen had geen gegevens van mensen die geboren waren vóór 1929. Meestal wordt er naar de verzekeringskamer verwezen, als de Haarlemmerolie.

Samenvattend zou het wenselijk zijn onder meer de volgende zaken wettelijk te regelen, als zoiets niet gebeurd is:

a) Een verplichte verantwoording van de berekening van het pensioen en afkoop, ook met de vermelding volgens welke regels en hoeveel belasting is ingehouden. Die belastinginhouding is vooral belangrijk voor geëmigreerden.

b) Een register met opgebouwde pensioenen zou al een aanzienlijke verbetering zijn. Hier zou een taak voor verzekeringskamer kunnen liggen. Dit temeer vanwege het voortdurend opheffen van bepaalde pensioenfondsen en levensverzekeringsbedrijven.

c) Niet uitbetaalde pensioenen reserveren.

d) De verzekeringskamer zou aanzienlijk meer aan de weg moeten timmeren en meer informatie kunnen geven over rechten en plichten van fondsen en rechthebbenden op pensioen.

e) Inspraak en stemrecht van 'slapers' (personen die een premievrij pensioen hebben, na het verlaten van een werkgever) en gepensioneerden.

f) Indexering dient voor elke deelnemer, zowel 'slaper' als gepensioneerde te gelden en afgedwongen te kunnen worden. Ook degenen met een uitkering van de sociale wetgeving en een premievrij pensioenrecht hebben dienen geïndexeerd te worden. Ze worden op dit moment bijna nooit als 'slapers' behandeld.

g) Als men via voormalige werkgevers of pensioenfondsen probeert uit te vinden of men nog rechten heeft, volgt er dikwijls geen enkele reactie, zelfs geen negatieve. Zelfs als het pensioenfonds in hetzelfde gebouw zit, wordt er niet gereageerd of doorverwezen. Men zou toch kunnen doorverwijzen of de aanvraag doorsturen naar het huidige pensioenfonds of de huidige verzekeringsmaatschappij. Het zou verplicht moeten zijn om rechthebbenden in kennis te stellen van opheffing van een pensioenfonds.

h) Ten behoeve van de rechtsbescherming van de aanvrager, dient er een beroepsmogelijkheid te zijn die vermeld dient te staan in de beslissing.

i) Er zouden sancties moeten zijn voor fondsen en verzekeringen die zich niet aan de regels houden. Convenanten werken niet voor individuen.

j) De overheid ontvangt nimmer belasting over niet uitbetaalde pensioenen. De overheid is dus wat dat betreft in een gelijke situatie als de rechthebbende, die niet krijgt waar hij recht op heeft.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden