Gentech helpt

Door het knutselen met genen kan de aardappel gewapend worden tegen gevaarlijke ziektes. Beeld ANP
Door het knutselen met genen kan de aardappel gewapend worden tegen gevaarlijke ziektes.Beeld ANP

Achteloos de Latijnse namen oplepelend loopt Gerard van der Weerden door zijn kassen met petunia's, aardappelen, tomaten en aubergines. In een hoekje, onder een zeer fijnmazig aan het plafond opgehangen net, staan twee tafels met planten waarvan de wortels in overvloedig water staan. "Dat is bitterzoet. We bestuderen hoe die plant reageert als hij bij een overstroming onder water komt te staan. Wat voor stress loopt hij op en hoe gaat hij daarmee om? Met die kennis kunnen we wellicht andere gewassen overstromingstolerant maken."

Gentechnologie? Ja, gentechnologie. Van der Weerden kent de gevoeligheden en emoties die elke keer weer de kop opsteken als dat woord in de pers opduikt. De beheerder van de Proeftuin en Genenbank van de Nijmeegse Radboud Universiteit heeft de grootste verzameling nachtschades in Nederland onder zijn hoede. Hij levert wetenschappers die onderzoek doen naar plantengenen het juiste materiaal. Als er weer eens negatief wordt gesproken over gentechnologie, ziet hij sommigen in hun schulp kruipen.

Van der Weerden vermoedt dat daarom veel nuttig werk op de plank blijft liggen. "Het zou best kunnen, bang als men is neergesabeld te worden door die emotioneel reagerende buitenwereld. Al het werken met genen wordt over één kam geschoren. Alsof we allemaal monsters van Frankenstein fabriceren. Hier vindt fundamenteel onderzoek plaats. We proberen door te krijgen hoe bepaalde planten, in ons geval nachtschades maar ook zandraket en brassica (koolsoorten), werken. We kijken hoe genen functioneren. We zetten ze aan, of uit. Kijken hoe ze op stresssituaties - bij voorbeeld vraat, ziekte, droogte, overstroming - reageren. Zo krijgen we door hoe die ingewikkelde systemen werken. Verder bekijken we de genen van wilde soorten, van bijvoorbeeld tomaten. Daar kunnen we wellicht nuttige eigenschappen ontdekken - zoals ziekteresistenties ¿ die in de tuinbouw gebruikt kunnen worden bij de veredeling van onze consumptietomaten."

Openbaar werk
Toen Nijmegen zich vorig jaar gentech-vrij verklaarde, schoot dat Van der Weerden in het verkeerde keelgat. Vrijblijvende slogans, vond hij, die wel hun onderzoek aan de universiteit belemmerden. Nu duidelijk is dat de gemeente slechts een klein landbouwgebied onder een bestemmingsplan heeft gebracht dat gentechnologie verbiedt, is hij opgelucht. "Het had investeerders kunnen afschrikken." Toch houdt hij er een dubbel gevoel aan over. Enerzijds wordt het werk aan de universiteit niet geraakt. "Ons werk is fundamenteel onderzoek. Dat staat erg ver af van de burger. Maar we doen openbaar werk, alles wordt gepubliceerd. Iedereen kan hier ook komen kijken."

Anderzijds ziet hij in de samenleving de discussie opnieuw oplaaien over gentechnologie met alle emoties die daarbij horen. De stellingen worden weer betrokken en er wordt weer stevig met modder gegooid. "Dat straalt ook af op ons werk. Als je kijkt naar de tweets die langskomen of de discussie die in de media plaatsvindt. Het is zo ongenuanceerd. De samenleving snapt niet waar we naar toe willen. Wij reiken bruikbare bouwstenen aan - ziekteresistentie ¿ maar het bouwwerk mag niet gebruikt worden."

Van der Weerden loopt weer naar zijn bitterzoetplantjes. "Kijk, hier zie je een nauwe verwant van de aardappel. Dit plantje komt overal langs slootkanten voor. In dat plantje hebben we twee resistentiegenen tegen fytoftera gevonden. Dat is een gevreesde aardappelziekte. Die genen kunnen geïsoleerd worden en in een aardappelplant worden gezet. Omdat we sinds kort van vele levende organismen de genensamenstelling kennen, kan dat ook heel precies gebeuren. Wij doen dat echter hier niet, het is iets voor commerciële partijen. Het is in feite klassieke veredeling met een nieuwe techniek. Bij de vroegere klassieke veredeling duurt het niet alleen langer, je loopt ook nog eens de kans dat er naastliggende genen meekomen die wellicht giftig zijn. Bij deze vorm van gentechnologie vervallen die bij-effecten."

Techniek bleek weerbarstig
De plantenbeheerder erkent dat er zaken zijn gebeurd waardoor de gentechnologie in het algemeen in een slecht daglicht is komen te staan. Er is door grote voedselmultinationals zo'n vijftien jaar geleden beloofd dat er producten op de markt komen die gezonder en goedkoper zouden zijn. Er zouden minder bestrijdingsmiddelen nodig zijn voor gentech-oogsten. Daar is allemaal niets van uitgekomen. "Bedrijven hebben zich enorm verslikt. Die hebben wonderen verwacht, maar de techniek is weerbarstig gebleken."

De laatste tijd worden honger en voedselzekerheid aangevoerd om toch vooral gentech in de landbouw toe te laten. Wat er dan gebeurt, is dat grote multinationals in Afrika en Azië westerse producten gaan verbouwen met behulp van gentechnologie. Lokale markten met lokale producten gaan teloor en de grote multinationals hebben de vele kleine boeren in een houdgreep. 'De angst voor deze economische macht is net zo gerechtvaardigd als de biologische risico's van gentechnologie dat doen', schreef een Trouw-abonnee in een ingezonden brief.

Van der Weerden knikt. "Waarom zou je daar gentech-producten gaan verbouwen terwijl ze er niet worden gegeten? Bovendien zijn ze voor de plaatselijke bevolking onbetaalbaar. Bedrijven zouden moeten uitgaan van gewassen die ter plekke groeien en gewild zijn. Die geheimzinnigheid is fnuikend. Het gaat hier om economische belangen. Die zijn vaak niet zichtbaar. Dat gentech-verhaal heeft zo veel facetten. Niemand heeft er nog vat op."

Verhaal uitdragen
De plantenexpert verzucht dat de discussie, die in de jaren negentig is begonnen en al snel een licht ontvlambare lading heeft gekregen, eigenlijk opnieuw moet worden gestart. Of de industrie moet met een product komen waarvan iedereen zegt: Wow! Daar hebben we wat aan. Over insuline voor diabetes-patiënten die is verkregen uit genetisch aangepaste varkens klaagt niemand. "Het is vooral een communicatieprobleem. Dat kunnen wij ons in Nijmegen ook aantrekken. We moeten ons verhaal meer uitdragen. Dat wantrouwen bij de bevolking komt, denk ik, doordat er iets is wat men niet ziet. Veel onderzoek bij bedrijven is ook opgeborgen achter hoge muren. Ik ben nog eens in de historie gedoken. In de jaren dertig zie je al Afrikaantjes met een dubbel zo grote bloem, dankzij een voorloper van moderne gentechnologie. Iedereen kon dat zien en dacht: Dat wil ik wel. Het kantelpunt is volgens mij het gebruik van röntgenstraling, zo rond 1940, om van planten zo veel mogelijk mutanten te maken waarvan er wellicht een paar commercieel interessant waren. Zoiets boezemt angst in."

Op de vraag of de samenleving iets mist als er geen gentechnologie meer wordt toegepast, moet Gerard van der Weerden even kauwen. Dan volgt een resoluut 'ja'. "Omdat we met behulp van deze techniek kunnen begrijpen hoe planten werken. Het zijn zeer complexe systemen met gemiddeld dubbel zoveel genen als de mens. Als we dat begrijpen kunnen we er ons voordeel mee doen. Ik denk alleen dat we nog wel een generatie nodig hebben om de scherpe kantjes van al die zwart/wit-verhalen af te slijpen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden