Genoeg van de misdaadfamilie

PAUL VAN DER STEEN

Zijn twee zussen en zijn ex legden tegenover justitie verklaringen af over Willem Holleeder. Zulke openhartigheid over familie- en misdaadgeheimen kan iemand duur komen te staan, bewijst ook het geval Rita Atria.

Maffiajager Paolo Borsellino wilde op 19 juli 1992 een bezoek aan zijn moeder brengen. Hij reed over de weg in Palermo, toen een bom afging. De magistraat en vijf van zijn lijfwachten waren op slag dood.

Bij het goedwillende deel van de Italiaanse justitie kwam de klap hard aan. Twee maanden eerder was onderzoeksrechter Giovanni Falcone met drie van zijn beschermers op ongeveer dezelfde wijze aan zijn einde gekomen. Welke krachten lieten hier hun dodelijke invloed gelden? In een van zijn laatste interviews suggereerde Borsellino een link tussen de Cosa Nostra en machtige Italiaanse zakenmannen zoals Silvio Berlusconi.

Ook voor degenen die besloten hebben om hun kennis over de maffia te delen met de gerechtelijke autoriteiten, kwam de aanslag aan als een enorme dreun. De zeventienjarige Siciliaanse Rita Atria was in de zomer van 1992 ondergebracht op de zevende verdieping van een flat in Rome. Die diende als een safe house, daar moest ze buiten bereik blijven van de gangsters over wie ze aan justitie vertelde. Haar woon- en geboorteplaats Partanna in het westelijk deel van het eiland, of een plek elders op Sicilië, werden niet veilig geacht.

Atria's vader werd op haar elfde door een rivaliserende misdaadfamilie vermoord. Dat was nog geen reden om te breken met het milieu. Rita raakte er, terwijl ze opgroeide, juist meer mee vergroeid. Haar broer Nicola was de spil. Hij zou de dood van vader wreken.

Maar op de dag dat hij met zijn vrouw een pizzeria opende, werd hij in de zaak neergeschoten. Hij stierf in de armen van zijn echtgenote. Nicola was op dat moment 24, zijn zus Rita zestien.

Haar schoonzus besloot als eerste te gaan praten met justitie. Rita Atria volgde. Haar dagboeken lazen als een soort 'wie is wie' van de lokale Cosa Nostra. Borsellino besefte hoe waardevol dit document was. Het hielp om diverse misdadigers op te pakken en maakte ook dat een politicus die jaren burgemeester was geweest van Partanna in het vizier kwam van justitie.

Atria's geschiedenis - over haar leven werden een boek en een film gemaakt - is niet één op één vergelijkbaar met dat van de zussen en de ex van Holleeder. Het verhaal van laatstgenoemden ontrolt zich bovendien nog op dit moment. De ervaringen van de Siciliaanse laten wel zien welke enorme consequenties het verbreken van het zwijgen kan hebben.

Alles en iedereen kotste Atria uit. In haar dorp hoefde ze zich niet meer te vertonen. Zelfs haar moeder weigerde haar nog te zien. Die vond de omertà, de zwijgcode van de maffia, belangrijker dan het straffen van de moordenaars van haar man en zoon. In haar nieuwe, noodgedwongen isolement groeide Borsellino uit tot een nieuwe vaderfiguur. Afstand nemen van haar naasten kostte aanvankelijk moeite. Het Kwaad, dat waren vooral de anderen. Later drong tot Atria door dat de vermoorde leden van haar gezin ook diep in de maffia zaten.

Na de aanslag op de onderzoeksrechter schreef Atria in haar dagboek: "Iedereen is bang nu Borsellino dood is, maar de enige angst die ik voel, is dat de maffiose staat wint en dat de arme zielen die tegen windmolens vechten, vermoord zullen worden."

Zulke gedachten leken er nog op te wijzen dat de Siciliaanse zou volharden in haar strijd. Maar dat was schijn. "Niemand kan zich voorstellen welke leegte de dood van Borsellino in mijn leven heeft achtergelaten", noteerde ze in haar dagboek. "Borsellino, je bent gestorven voor datgene waar je in geloofde. Maar zonder jou ben ik dood."

Een week na de moord op de onderzoeksrechter sprong Atria uit het raam van de Romeinse flat waar ze door justitie was ondergebracht. Ze moest nog achttien worden.

In haar dagboek had de spijtoptante al een voorschot genomen op wat komen ging: "Wat ik wil na mijn dood is een begrafenis in besloten kring, met enkel diegenen die me geholpen hebben met mijn strijd voor gerechtigheid. Mijn moeder mag zeker niet aanwezig zijn en mag me niet meer zien na mijn dood."

Aldus geschiedde. Maar moeder vond haar manier van afscheid nemen. Nog altijd vol wrok over het gedrag van haar dochter, toog ze vier maanden na Rita's begrafenis naar het kerkhof. Op de grafsteen stond naast een foto de tekst: 'De waarheid leeft'. In woede sloeg de moeder het gedenkteken in gruzelementen.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden