’Genoeg is genoeg’

(Trouw) Beeld
(Trouw)

In Zuid-Afrika zijn de tegenstellingen tussen rijk en arm, blank en zwart nog groot, en de criminaliteitscijfers hoog. Het dorpje Kameeldrift sloeg alle records, maar laat nu zien dat het anders kan.

Hoge hekken, private beveiligingsbedrijven en bloeddorstige waakhonden. Dat zijn in Zuid-Afrika de meest voorkomende maatregelen om aan de criminaliteit te ontsnappen. Maar in het dorpje Kameeldrift hebben de bewoners het over een totaal andere boeg gegooid. Daar zijn ze ervan overtuigd dat je de hekken beter kunt verlagen. Zodat je elkaar in de ogen kan kijken.

4 maart 2008: moord. 9 maart 2008: gewapende overval. 11 maart 2008: moord. 19 maart 2008: verkrachting. Een greep uit de misdaadcijfers in het dorp Kameeldrift van twee jaar geleden. Iedereen had wel een vriend, een buurman of een oom die getroffen was door de criminaliteitsepidemie. Het dorpje met ongeveer 30.000 inwoners – even ten noorden van Pretoria – werd zelfs landelijk nieuws. De geweldsgolf leek niet te stoppen. Maar in 2010 zijn de criminaliteitscijfers drastisch gedaald.

„Ze stuurden een klein jongetje vooruit”, vertelt Veronica Roach, inwoner van Kameeldrift. „Die kroop ’s nachts door een klein raampje in de woonkamer en deed vervolgens de voordeur open. Zo wandelden er twee gewapende mannen binnen.” Het was oktober 2008. Tot dan toe leefde Roach in de overtuiging dat ze gevrijwaard zou blijven van criminaliteit. „Je denkt altijd: dit zal mij niet overkomen.” Maar toen gebeurde het toch. De twee gewapende mannen drongen de slaapkamer binnen en schoten haar man voor haar ogen dood. De daders grepen Roach bij de keel en dwongen haar muisstil te blijven ’of ons sal jou ook doodmaak’. „Ik wilde gillen, het uitschreeuwen. Maar ik kon geen kant op.” De daders namen uiteindelijk alleen twee mobiele telefoons mee en een trouwring. De twee werden nooit gepakt; hun motief voor de brute moord bleef een raadsel.

De opeenstapeling van geweldsincidenten bracht de bewoners van Kameeldrift tot een kookpunt: genoeg is genoeg. Omdat de politie over te weinig middelen beschikte om de misdaad terug te dringen, sloegen de Kameeldrifters de handen ineen. „Iedereen moest zich verantwoordelijk gaan voelen voor elkaars veiligheid, alleen dan zouden we de misdaad terug kunnen dringen”, zegt Roach. Elk huis in Kameeldrift kreeg een radio-ontvanger waardoor iedereen met elkaar in verbinding kwam te staan. Er ontstonden buurtpatrouilles, die elke avond met een aantal auto’s de straat op gaan op zoek naar verdachte figuren of voertuigen in de buurt. „Zodra ik onbekenden langere tijd voor mijn huis heen en weer zie lopen, meld ik dat via de radio. Dan is de buurtpatrouille binnen een paar minuten hier. Ook als er niks aan de hand is, komen ze. Al is het maar om mij gerust te stellen. Voor mij is het belangrijkste dat ik er niet langer alleen voor sta”, legt Roach uit.

Elke zaterdagavond gaan Maurits en Magda Kruger met hun witte Suzuki-fourwheeldrive op pad. Gewapend met een zaklamp, een stroomstootwapen en een groen zwaailicht op het dak rijden ze Kameeldrift door. „Het is altijd wel spannend”, zegt Magda Kruger. „Zeker op zaterdagavond gebeurt er vaak wat.” Zeventig Kameeldrifters wisselen elkaar af in de buurtpatrouilles. Gemiddeld genomen is iedereen een paar uur per week aan de beurt.

Terwijl de zon langzaam ondergaat, rijdt de Suzuki door de straten van Kameeldrift. Hier en daar stopt Maurits bij een huis, om een praatje te maken. Over het warme weer van de afgelopen dagen en de Springboks, het nationale rugbyelftal. „Hier is bijvoorbeeld een tijd geleden nog ingebroken. Dan weet je dat deze mensen daar nog elke avond mee naar bed gaan. Het is belangrijk om te laten zien dat wij er voor ze zijn.”

Als iedereen er van overtuigd is dat het een rustige avond gaat worden, meldt ineens iemand zich over de radio. ’Verdacht voertuig gemeld op de Bosuilweg’, zegt een mannenstem in het Afrikaans. Maurits scheurt er naar toe, de snelheid loopt snel op naar 160 kilometer per uur. Het groene zwaailicht gaat aan. Onderweg waarschuwt Maurits de politie; mocht het nodig zijn iemand te arresteren, dan is het maar beter de politie aan boord te hebben. „Wij willen niet het recht in eigen hand nemen”, zegt hij.

Het gaat om een blauwe Fiat Panda, die volgens een huiseigenaar het afgelopen uur tien keer langs zijn huis is gereden. Als Maurits de Bosuilweg indraait, ziet hij het blauwe autootje staan. Twee jongens kijken totaal verrast op, als Maurits op het raam klopt. Het blijkt om twee jongens uit de nabijgelegen township te gaan. „Wat doen jullie hier?” Nog voor de jongen antwoord kan geven, arriveert ook de politie. Zonder pardon worden de jongens gefouilleerd en trekt de agent de kentekenplaat van de auto na. „Mag mijn broer me in deze rustige straat geen rijles geven?”, vraagt één van de jongens aan de agent. Maurits legt ze uit dat iemand in de buurt het raar vond, dat al een uur lang dezelfde auto voorbij kwam. „Misschien is het handiger om verderop wat te oefenen met rijden.” De jongens lijken alle begrip te hebben en nemen gemoedelijk afscheid. „Goed gaan!” roept Maurits ze na.

Was het niet een beetje overdreven, zoveel aandacht voor twee onschuldige jongens? „Je zag hoe ontspannen ze reageerden. Ze weten dat wij geen knokploeg zijn die onze buurt wil afschermen voor de boze buitenwereld. We willen juist contact. We willen dat zij ook begrijpen dat veel mensen hier snel angstig zijn dat er iets met ze gebeurt”, zegt Maurits Kruger.

Het rijke gedeelte van Kameeldrift is vanaf de heuvels in de township goed te zien. De fraaie witte huizen met halsgevels – gebouwd in de klassieke Kaap-Nederlandse stijl – steken schril af bij de dagelijkse realiteit in plot 175, de naam van de grote township in het dorp. Daarmee is Kameeldrift Zuid-Afrika in het klein. Net als elke grote stad in het land heeft het dorp een rijke, blanke kern die omringd wordt door een veel grotere arme, zwarte cirkel. Het grote verschil tussen arm en rijk wordt gezien als een belangrijke oorzaak van de hoge criminaliteitscijfers in het land.

Alles draait om de voetbalwedstrijd in plot 175. De rode aarde stuift op bij elke balstuit. Om het veld heen vieren tientallen dat het weekend is. Met veel drank en vlees aanschouwen de meesten hun voetballende buurtbewoners. Duizenden inwoners van Kameeldrift wonen hier, op elkaar gepropt in wankele golfplaten huisjes. Meer dan de helft van de mensen is werkloos en de meesten moeten rondkomen van een paar euro per dag. Er is één toilet per vier huishoudens en zeker tien gezinnen moeten samen één kraan delen.

Ook in de township leek het geweld niet te stoppen, twee jaar geleden. Veel huiselijk geweld, gewapende overvallen, verkrachtingen en moord. „Het was een vreselijke tijd. Regelmatig werd ik ’s ochtends wakker van gegil en geschreeuw. Bleek er weer een moord gepleegd in onze township”, zegt de 29-jarige Andrew Tjale. Hij woont al zijn hele leven in plot 175. „Het leven is voor veel mensen zorgelijk hier. Er is weinig werk, er is weinig geld. Dan creëer je een voedingsbodem voor criminaliteit.”

Maar net als in de blanke gemeenschap stond ook hier een aantal buurtbewoners op om de criminaliteit aan te pakken. Tjale richtte samen met de politie een buurtwacht op. Elke avond wandelen er nu bewoners met feloranje jassen door de wijk. Als mensen langdurig bezoek krijgen, dienen ze dat aan te geven bij de buurtwachten. Of als er onbekende auto’s opduiken, zullen de buurtwachten informeren wie de eigenaar is. Tjale is vooral blij dat de samenwerking met de politie zo goed verloopt. „Vroeger zagen we de politie als onze vijand, maar nu begrijpen steeds meer mensen hier dat we er alleen maar beter van worden als we samenwerken. De angst die hier twee jaar geleden heerste, is grotendeels verdwenen.”

Op het politiebureau in Kameeldrift onderschrijft iedereen de successen van de buurtwachten in zowel de blanke als de zwarte gemeenschap. Het kleine bureau smeekte twee jaar geleden om landelijke steun toen de geweldsgolf niet leek te stoppen. Nu komen hoge functionarissen vooral informeren wat het geheim is van de enorme daling van criminaliteit. „Tot op het hoogste niveau in Zuid-Afrika worden we ineens een rolmodel genoemd”, zegt politiecommissaris Karel Swanepoel. „Zelfs ministers willen weten hoe we het hier voor elkaar hebben gekregen.” Swanepoel werkte de afgelopen twintig jaar op verschillende politiekantoren in het land, maar trof nergens zo’n tomeloze burgerinzet. „Je ziet in Zuid-Afrika dat gemeenschappen opstaan zodra de geweldsgolf te groot wordt. Maar vaak zakken initiatieven van buurtpatrouilles al na een paar maanden weer in. Een complete gemeenschap moet er energie insteken, anders heeft het geen zin. Hier blijft iedereen zijn best doen, ongelooflijk.”

De buurtpatrouille is slechts één kant van het verhaal. Er ontstonden de afgelopen twee jaar ook verschillende initiatieven om blanken en zwarten in Kameeldrift te laten samenwerken. Zo kwam er een speciale training voor werkloze Kameeldrifters die graag een kleine onderneming wilden beginnen. Trymore Maputa greep de kans aan om voor zichzelf te beginnen als automonteur. Op de training leerde hij begrotingen maken, hoe hij personeel moest aannemen en dat hij aan de lange termijn moest denken. „Maar de belangrijkste les was eerlijkheid. Zonder eerlijkheid blijf je als bedrijf nooit lang bestaan.”

Even buiten Kameeldrift verkoopt de blanke Hennie Swart al enkele jaren tweedehands bakkies, kleine pick-up trucks. Maar Swart merkte dat veel van zijn ingekochte bakkies een stevige opknapbeurt nodig hadden voordat ze weer verkocht konden worden. Hij benaderde Trymore om bij hem op het terrein een werkplaats te runnen. „We zijn een partnership aangegaan”, zegt Swart, „op basis van gelijkwaardigheid. Ik ben niet de norse baas en Trymore de onderdanige werknemer, zoals het in Zuid-Afrika altijd is geweest.”

Swart vertelt dat zijn vader hem vroeger leerde om de zwarten te haten. „Maar wat schiet je daarmee op? Daar wordt het echt niet veiliger van op straat. Je krijgt er zoveel voor terug als je op basis van respect met elkaar omgaat. Dat merk ik nu.”

Trymore luistert mee, terwijl hij aan een witte Toyota sleutelt. „Ik vertrouw Hennie en hij vertrouwt mij. We geloven in dezelfde god, die leert ons niet naar huidskleur te kijken. Er zouden meer van dit soort samenwerkingsverbanden tussen blanken en zwarten moeten komen.” Daarnaast heeft Trymore inmiddels vier jongens in dienst, die voor hem werken. „Hoe meer bakkies, hoe meer werk. Ik probeer zoveel mogelijk mensen aan werk te helpen, dat is hard nodig in onze township.”

Samenwerken dus. Een maatschappij creëren waarbij de in Zuid-Afrika zo gevoelige rassenscheiding tot het verleden behoort. Is het een utopie? Vooralsnog is Kameeldrift niet meer dan een lichtpuntje in een nog altijd verdeelde samenleving, constateert ook Swart. „Als je kijkt hoe mensen in Johannesburg wonen: achter hoge hekken, beschermd door private beveiligingsbedrijven. Daar sluiten mensen zich op, leven ze als in een gevangenis.” Ook politiecommissaris Swanepoel denkt niet dat heel Zuid-Afrika het voorbeeld van Kameeldrift zo maar kan volgen. „Elke gemeenschap is anders. Dit is een relatief klein dorp, niet te vergelijken met grote steden.” Autoverkoper Swart is trots op de mentaliteitsverandering. „Deze aanpak is inderdaad heel on-Zuid-Afrikaans. Maar het is zo simpel, eigenlijk.”

(Trouw) Beeld
(Trouw)
Van links naar rechts: Buurtwachten in de arme township werken samen met de politie. Vanuit de arme township zijn de huizen van de rijkere blanken goed te zien. Hennie Swart (l) en Trymore Maputa werken samen op basis van gelijkwaardheid. (FOTO'S HENNER FRANKENFELD) Beeld
Van links naar rechts: Buurtwachten in de arme township werken samen met de politie. Vanuit de arme township zijn de huizen van de rijkere blanken goed te zien. Hennie Swart (l) en Trymore Maputa werken samen op basis van gelijkwaardheid. (FOTO'S HENNER FRANKENFELD)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden