Genen wilde bananen helpen tegen gevaarlijke schimmel

Trucks vervoeren bananen van de Indiase Daranggiri Baba-markt, de grootste bananenmarkt van Azië, naar Nepal, Bhutan and Bangladesh. (FOTO EPA ) Beeld
Trucks vervoeren bananen van de Indiase Daranggiri Baba-markt, de grootste bananenmarkt van Azië, naar Nepal, Bhutan and Bangladesh. (FOTO EPA )

Gevaarlijke schimmels bedreigen de banaan. Er is volgens deskundigen een oplossing: een onschuldige vorm van genetische modificatie.

In onder andere China, Australië en Indonesië viel onlangs 50.000 hectare met bananenplanten ten prooi aan een bodemschimmel die de Panamaziekte veroorzaakt. Een andere schimmelziekte, met de onheilspellende naam Black Sigatoka, valt alleen in toom te houden met grote hoeveelheden dure pesticiden, schadelijk voor mens en milieu.

De banaan valt nog te redden, zegt senior-onderzoeker Gert Kema van Wageningen Universiteit, maar dat gaat niet vanzelf. Volgens de plantenonderzoeker is daarvoor een vorm van genetische modificatie nodig, cisgenese geheten. Hierbij worden de erfelijke eigenschappen van wilde bananen ingebracht in de zoete banaansoort, de Cavendish, die onder namen als Chiquita en Dole in de Nederlandse schappen ligt. Eén probleem: milieuminister Cramer wil er voorlopig niet aan. Over de veiligheid en de milieueffecten is volgens haar te weinig bekend.

De banaan speelt een belangrijke rol in de voedselzekerheid wereldwijd. Het is het vierde voedselgewas ter wereld en een belangrijk exportproduct van veel ontwikkelingslanden. Schimmels vormen al sinds jaar en dag een probleem. De Panamaziekte, veroorzaakt door de bodemschimmel Fusarium oxysporum, roeide de voorganger van de Cavendish een eeuw geleden volledig uit.

De vondst van de resistente Cavendish bood toen uitkomst. Maar nu is gebleken dat de Panamaziekte die soort ook kan besmetten, evenals veel andere soorten bananen, die een belangrijke voedselbron zijn in ontwikkelingslanden. Onlangs doken weer nieuwe stammen van de bodemschimmel op, ditmaal op de Filippijnen.

Een resistente banaan is niet te bereiken met klassieke veredeling, zoals kruising. De banaan is een pitloze plant en dus onvruchtbaar, waardoor nieuwe planten alleen verkregen worden door te stekken. Volgens Kema kan een nieuwe, aangepaste banaan met de nodige resistente eigenschappen en vergelijkbare consumptiekwaliteit op natuurlijke wijze pas over een jaar of zeventig bereikt worden. „Tot die tijd hebben de ziektes vrij spel.”

Om de voedselzekerheid te garanderen, stuurt Kema aan op cisgenese. Dit is een vorm van genetische modificatie (aanpassing van genetische eigenschappen), waarbij alleen de soorteigen genen worden ingebracht, in dit geval die van de wilde banaan. „We hebben het hier dus niet over genen van een kikker of iets dergelijks.” Kema verwacht dat binnen 10 jaar een resistente banaan in de winkels ligt.

Vorige maand schreef minister Cramer in een brief aan de Tweede Kamer dat zij cisgenese in Nederland nog niet toestaat vanwege haar twijfels over de veiligheid. Plantenonderzoekers uit Wageningen reageerden dat cisgenese niet gevaarlijker is dan klassieke veredeling. Zij hebben Cramer een risicoanalyse gestuurd. Deze week heeft de minister de onderzoeksinstituten Rikilt en Rivm advies gevraagd over de veiligheid van cisgene gewassen.

Volgens Kema vormen Europa en Nederland in het bijzonder een uitzondering in het debat over cisgenese. „We kunnen niet wachten op groen licht van de politiek en zullen gewoon doorgaan met het ontwikkelen van een resistente banaansoort.” Kema verwacht dat tegen de tijd dat er door cisgense een resistente banaan is verkregen, de politieke en maatschappelijke weerstand verdwenen is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden