Gematigd jurist en oud-extremist hebben lot Macedonië in handen

* Het was dankzij de steun van de Albanese minderheid dat Boris Trajkovski eind 1999 president van Macedonië werd als opvolger van de veteraan Kiro Gligorov. Premier en partijgenoot Ljubco Georgievski jubelde: ,,Er zijn geen scheidslijnen meer in dit land.'' Het bleek te vroeg gejuicht. Albanese en Macedonische inwoners van de kleine Balkanstaat staan inmiddels lijnrecht tegenover elkaar. De grote vraag is of premier en president die kloof nog kunnen (en willen) overbruggen.

Nicole Lucas

Georgievski heeft in ieder geval zijn verleden niet mee. Amper 35 is hij, maar al een oude rot in de politiek. In 1990 was hij de oprichter van de VMRO-DPMNE (Interne Macedonische Revolutionaire Organisatie - Democratische Partij voor Macedonische Nationale Eenheid). Hij toonde zich een fel nationalist, die graag en veel vertelde over de roemruchte geschiedenis van de 'oude' VRMO, het geheime genootschap dat begin 20ste eeuw een, zij het kortdurende, opstand van Macedoniërs wist te ontketenen.

In die dagen zorgde Georgievski met allerlei extreme uitspraken keer op keer voor opschudding. Vooral de Grieken joeg de jonge dichter -wiens poezië nogal verschillend is beoordeeld, van morbide via erotisch tot pornografisch en avantgardistisch- veelvuldig in de gordijnen.

Dat, bijvoorbeeld, het eerste congres van zijn partij afsloot met 'Tot ziens in Thessaloniki, Thessaloniki is van ons' viel in Athene niet in goede aarde. In eigen land had hij het vooral op de Albanezen gemunt. Hij bepleitte oprichting van bewapende 'zelfverdedigingscomité's' om de 'echte' Macedoniërs tegen de lokale Albanezen te beschermen.

Zó polariserend bleef Georgievski niet. In de loop der jaren kuiste hij zijn taal en werd zijn optreden een stuk gematigder. Nadat hij in 1998 de verkiezingen won, vormde hij een coalitie met onder meer de Democratische Partij van Albanezen van Arben Xhaferi.

Het was dankzij het stemadvies van diezelfde Xhaferi dat een jaar later de kandidaat van VMRO-DMPNE, Boris Trajkovski, de presidentsverkiezingen won. Tot die tijd was deze jurist, al enige tijd onderminister van buitenlandse zaken, een vrij onbekende ster aan het Macedonische politieke firnament. In zijn verkiezingscampagne viel hij vooral op doordat hij weigerde met modder te gooien naar zijn politieke tegenstanders. En doordat Trajkovski goede relaties bepleitte met de Albanezen. Hij wilde daarin veel verder gaan dan zijn concurrent, Tito Petkovski, de kandidaat van de socialisten.

Onbekend is Trajkovski (44) inmiddels allang niet meer, in eigen land noch daarbuiten. Bemiddelaars vliegen af en aan in de steeds ijdeler lijkende hoop een nieuwe bloedige zomer op de Balkan te voorkomen. De Albanese 'terroristen' worden streng veroordeeld, maar tegelijkertijd, aldus de buitenwacht, mag Skopje niet doof blijven voor de Albanese onvrede.

Eind vorige week kwam Trajkovski met een vredesplan dat allerwege als 'een laatste kans' is betiteld. Een gedeeltelijke amnestie voor de Albanese rebellen, ontwapening onder internationaal toezicht van de opstandelingen en 'politieke hervormingen'. Vandaag krijgen hij en Georgievski opnieuw hoog bezoek: Navo-baas Robertson komt hoogstpersoonlijk poolshoogte nemen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden