Geloven omwille van de kick

In de discussies op de remonstrantendag die zaterdag werd gehouden in de Jacobikerk in Utrecht verzocht een van de voorzitters vriendelijk doch dringend de woorden 'tolerantie' en 'verdraagzaamheid' niet meer te gebruiken. Zo vaak waren ze inmiddels gevallen.

Het is typerend voor de grote vrijzinnigheid die de remonstranten vanaf hun ontstaan in het begin van de zeventiende eeuw tentoon hebben gespreid. In 1608 formuleerde Jacobus Arminius een aantal gematigde artikelen betreffende de predestinatie. Op de Dordtse synode van 1618 werden deze veroordeeld als een dwaalleer. Tweehonderd predikanten werden afgezet en uitgewezen uit de Nederlandse Hervormde Kerk. Ze stichtten in 1619 in Antwerpen de Remonstrantse Broederschap. Die benaming is afgeleid van het betoogschrift - destijds 'remonstrantie' geheten - waarin Arminius' opvolger Uytenbogaert diens leer heeft verwoord.

Pas vanaf 1630 werden de leden van de Remonstrantse Broederschap niet meer vervolgd in de Verenigde Nederlanden. Aan deze beweging zijn de namen verbonden van Johan van Oldenbarnevelt, Hugo de Groot, Vossius en Barlaeus.

Zaterdag bleek weer eens hoe verdraagzaam en vrijzinnig de remonstranten tot op de dag van vandaag zijn gebleven. Van enige bekeringsijver is bijvoorbeeld weinig te bespeuren. 'Wij willen iedereen vrij laten in zijn geloof', zegt een jonge remonstrantse predikant. En twee kinderen van een jaar of dertien verklaren openhartig dat ze in de kerk 'niets leuk vinden'. ,,We zijn hier om in het toneelstuk te spelen en omdat onze ouders erheen gaan.'' Ze betwijfelen of ze over tien jaar nog steeds naar de kerk zullen gaan. ,,Misschien om de ontwikkelingen een beetje bij te houden,'' aarzelt een meisje.

Maar de theoloog en de deskundige jeugdcultuur, die op het podium discussiëren over jongeren en spiritualiteit, blijven hardnekkig optimistisch. Zij denken dat jongeren wel degelijk geïnteresseerd zijn in spiritualiteit, alleen niet in de bijbel en zeker niet in dogma's. Maar bijvoorbeeld wel in methodes om tot rust te komen. Op de wat wanhopige vraag uit de zaal of de Bijbel er dan 'helemaal niet meer is' in hun contacten met jongeren, antwoordt de jeugdwerker eenvoudig 'nee', terwijl de theoloog iets over 'inspiratie' mompelt.

De remonstranten zijn de afgelopen jaren door verlating en sterfte sterk uitgedund. In 1980 waren er nog 12000 remonstranten, nu nog 8000. Die achtduizend overgeblevenen zijn weliswaar merendeels van gevorderde leeftijd, maar ze geven blijk van een plezierige vitaliteit. Maar liefst achthonderd van hen waren naar Utrecht gekomen om te praten over het thema 'Geloven in de samenleving'. De meesten van hen hadden zich een weg moeten banen door het funshoppende winkelpubliek rond Hoog Catherijne.

Eerst werden videofilmpjes over maatschappelijke onderwerpen vertoond. Een vrijwilliger die zich bezig hield met de opvang van verslaafde dak- en thuislozen en de vader van de zomaar op straat doodgeslagen Joes Kloppenburg passeerden de revue. Deze mensen zetten zich in voor de samenleving en daarvoor moet je wel een beetje geloven leek de boodschap te zijn.

Algauw werd duidelijk dat de remonstranten weigeren te vervallen in oeverloos geklaag over de moderne tijd. Weliswaar zijn jongeren met geen middel naar de kerk te krijgen, viert het individualisme hoogtij en zijn engagement en solidariteit tot een bijna even grijs verleden gaan horen als de remonstrantie zelf, de remonstranten gaan niet bij de pakken neerzitten. Zij zien al deze problemen toch vooral als nieuwe uitdagingen.

En de remonstrantse broeders en zusters schuwen het nieuwe niet. Zelden zal er in de Jacobikerk zoveel moderne technologie te zien zijn geweest. Naast een uitstekende geluidsinstallatie, zorgde een cameraploeg voor de live-registratie van de activiteiten. Via één groot en vele kleine beeldschermen kon alles worden gevolgd. 'Professor Heering is ziek en moest verstek laten gaan', klonk het op een gegeven moment door de speakers, 'maar de nieuwe media staan voor niets'. En daar verscheen de zieke professor zowaar op de televisie om zijn column toch nog voor te lezen.

De Leidse godsdienstsocioloog Meerten ter Borg zei dat religiositeit en zingeving op dit moment weliswaar een hoge maatschappelijke relevantie hebben, maar dat kerk en theologie de boot volledig lijken te missen. Kerken en universiteiten schieten schromelijk tekort in het tegemoet komen aan de religieuze behoeften van de mensen. Van oudsher redeneren kerk en theologie niet vanuit de vragen van mensen, maar vanuit het antwoord: God.

Ter Borg ging ook in op de relatie tussen religie en internet. Hij achtte het zeer wel mogelijk dat de opmars van de electronische communicatie een even dramatisch effect op het geloof zal hebben als de uitvinding van de boekdrukkunst. Met een aantal stellingen over de toekomst van de religie gaf hij alvast een aanzet voor de discussie over de plaats van het geloof in de 'postmoderne tijd'. Hij meende dat in de toekomst mensen steeds meer zullen geloven, maar steeds minder in het kielzog van één traditie zullen blijven. ,,De slecht begrepen klassieke geloofsleer zal steeds meer vermengd worden met andere klassieken, zoals de Kama Sutra, Kuifje en Veronica'', meende hij. ,,Het geloof zal in toenemende mate een hype-karakter krijgen waar mensen zich kortstondig maar heftig aan over willen geven.'' Geloven omwille van de kick heeft de toekomst, aldus Meerten ter Borg.

De remonstranten hebben voorop gelopen bij het scheppen van ruimte voor niet-huwelijkse relaties. In 1986 besloot de Broederschap om homoseksuele verbintenissen kerkelijk in te zegenen. Secretaris M. Bosman-Huizinga legde uit dat er op het gebied van relaties - huwelijkse en niet-huwelijkse - veel meer aan de hand is. Volgens Bosman is het een belangrijk probleem dat mensen elkaar in een relatie bezeren of gevangen houden.

Daarna ging het over mondialisering en mensenrechten. Ontwikkelingseconoom Goudzwaard hield de bijeenkomst voor hoeveel hij op dit gebied had geleerd van twee eminente wetenschappers, prof. dr. J. Tinbergen en prof. dr. H.M. de Lange, beiden remonstrant. Ga door op dat spoor, was zijn boodschap. Hoewel er op dit moment geen Tinbergens en De Langes te bekennen zijn, is de verhouding tussen arm en rijk in de wereld een probleem waar de samenleving om schreeuwt. De kerk moet dit volgens secretaris Bosman oppakken.

Drs Baan van de Raad van Bestuur van Philips oogstte enige bevreemding toen hij vertelde dat op vergaderingen van de gloeilampenfabrikant niet voortdurend over de mensenrechten wordt gesproken. Hij was speciaal naar Utrecht gekomen om dit te vertellen en kreeg daarvoor applaus van precies één persoon.

Maar waarvoor waren de aanwezigen eigenlijk gekomen? 'Om me te vermaken', zeiden sommigen, 'voor de inspiratie', zeiden anderen. 'Dat is het leuke van remonstranten', legde iemand uit. 'Ze nemen het geloof niet zo serieus dat zij eronder lijden. Zij proberen er altijd iets positiefs uit te halen.' En dat gebeurde dan ook, de hele dag lang. Met een onvermoeibare energie werden allerlei maatschappelijke problemen doorgenomen. Met het geloof in de maatschappij zat het dus wel goed, maar op de vraag of ze ook in God en Jezus Christus geloofden volgden veelal ontwijkende antwoorden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden