Gelijkspel bij designderby

Op de tentoonstelling Design Derby 'duelleren' Belgische en Nederlandse ontwerpen met elkaar. Zoek de verschillen én overeenkomsten.

Wie kent niet de Bruynzeelkeuken, al decennialang een topper in het keukenlandschap? Vaak wordt verondersteld dat Piet Zwart in 1938 met zijn ontwerp voor deze functionele en betaalbare keuken trendsettend is geweest. Mooi niet dus. De Belg Louis-Herman de Koninck ging hem in 1930 voor met de Cubexkeuken, ook al zo'n strak en efficiënt ontwerp. De Belgische Cubexkeuken was zelfs de inspiratiebron voor Piet Zwart.

Het is niet de enige mythe die wordt doorgeprikt op de tentoonstelling Design Derby: Nederland-België (1815-2015) in Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. Ook voor conservator Mienke Simon Thomas was het samenstellen van dit overzicht van tweehonderd jaar vormgeving in veel opzichten bewustmakend. "Ik ontdekte zoveel verrassende dingen over Belgisch design waar we in Nederland niets van weten." Dutch Design mag dan wereldberoemd zijn, de Belgen hebben zo ook hun iconen op het gebied van vormgeving, al zijn die veel minder bekend. Nederland heeft internationaal de naam, Belgische vormgevers konden zich de afgelopen twee eeuwen prima meten met hun noordelijke collega's, ontdekte Simon Thomas. Ze maakte de tentoonstelling samen met haar zuidelijke collega Frank Huygens van het Design Museum in Gent.

Spelerstunnel

Afgaande op de titel is de expositie bedoeld om Nederland en België een confrontatie te laten aangaan. Wie maakt het beste design? Welk land bracht de afgelopen eeuwen de spraakmakendste ontwerpers voort? Ook de vormgeving van de expositie is daarop afgestemd. Via een 'spelerstunnel' betreden bezoekers het 'stadion' waar Oranje en de Rode Duivels elkaar zullen bevechten. Via een parcours met de nationale vlaggen - links is het speelveld van de Belgen, rechts dat van Nederland - worden ze vervolgens langs ruim vijfhonderd designobjecten gevoerd. De variatie is groot: van rijk bewerkt zilver, glaswerk en keramiek tot hedendaagse meubels, grafische ontwerpen en mode. Alles getoond in een chronologische opstelling en overzichtelijk gerangschikt in 21 thema's.

De expositie maakt duidelijk dat België aanvankelijk een fikse voorsprong opbouwt. In de negentiende eeuw lagen de zuiderburen vaak op kop. Dat komt doordat de industriële revolutie daar zo'n vijftig jaar eerder begon dan in Nederland. Simon Thomas: 'De Noordelijke Nederlanden waren in Europa zelfs de hekkesluiter als het ging om stoommachines."

Later liep Nederland die achterstand snel in: van 1885 tot 1925 beleefde het zijn tweede Gouden Eeuw. Een echte competitie wordt de tentoonstelling toch niet, omdat de samenstellers er alles aan hebben gedaan om de objecten zo neutraal mogelijk naast elkaar te presenteren. Ze vellen geen waarde-oordeel, dat mag de bezoeker zelf doen. Simon Thomas: "Er bestaan allerlei clichés en vooroordelen over bourgondische Belgen en sobere Nederlanders. We wilden bij het maken van deze expositie niet in die stereotiepe beelden vervallen. Naast de overeenkomsten zijn er ook opmerkelijke verschillen, maar we hebben daar niet nadrukkelijk naar gezocht, anders zou het allemaal wel erg voorspelbaar zijn geworden."

Boeiend

Het resultaat is een heerlijke zomertentoonstelling, die niet alleen een boeiend overzicht geeft van 200 jaar designgeschiedenis, maar ook de vloer aanveegt met de clichés die er bestaan over wat nu een typisch Belgische of Nederlandse stijl is. Natuurlijk zijn er verschillen, maar Nederland produceerde rond 1900 echt niet alleen eenvoudige, sobere producten. Plateelfabriek Rozenburg leverde ook het verfijnde en niet functionele eierschaalporselein. En als je niet op de naambordjes spiekt, zou je toch zweren dat die frivole lamp met bloedrode sokkel gemaakt is door een Belgische designer en die strakke vliegtuigstoel een product is van Dutch Design. Nee dus.

Een gelijkspel, deze derby? Misschien wel. België blijkt ook fantastische ontwerpers te hebben, al springt Nederland er wel uit met zijn grafici. Simon Thomas: "Dat ook ik dit nu pas heb ontdekt, komt vooral doordat de Belgen altijd veel te bescheiden zijn. Nederland is een handelsland en daardoor zijn we eraan gewend om onze producten te verkopen."

Design Derby: Nederland-België (1815-2015), t/m 13 september in Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. Daarna reist de tentoonstelling door naar het Design Museum Gent (23 oktober t/m 13 maart).

1. Koninklijke serviezen

Het zilveren tafelservies rechts maakte een groep Amsterdamse zilversmeden in 1816 voor het huwelijk van de latere koning Willem I en de Russische prinses Anna Paulowna. De vormgeving is conform de Hollandse voorkeur van die tijd eenvoudig en glad, gebaseerd op ovale vormen.

Links het met hanen- en leeuwenkoppen versierde servies dat de Brusselse zilversmid Dutalis in 1829 maakte voor het huwelijk van prins Willem Alexander, de kleinzoon van Willem I. Waarschijnlijk heeft de Belg voor deze Nederlandse opdracht zijn rijk gedecoreerde Franse empirestijl wat versoberd.

2. Belgische art nouveau en Nederlandse soberheid

Twee armstoelen uit 1900. Rechts de 'damesfauteuil' van architect Berlage: een duidelijk voorbeeld van de sobere Nederlandse Nieuwe Kunst. De stoffen zitting maakt deze robuuste stoel toch enigszins comfortabel. Veel ranker en eleganter is de stoel die de Belg Henry van de Velde ontwierp.

3. Tupperware en mepal

In bijna elke keuken- en koelkast kom je ze tegen, de bakjes en dozen van Tupperware en Mepal. Tupperware (links) is toch Amerikaans? Wel van oorsprong, maar in de jaren vijftig kwam er ook in België een fabriek met een ontwerpafdeling. Bob Daenen en Vic Coutereels ontwikkelden tussen 1965 en 1975 deze producten. De van oorsprong Deense fabriek Rosti ging in de jaren vijftig ook in Nederland produceren onder de naam Mepal. Jonge Nederlandse industrieel ontwerpers als Nico Nijland, Maarten van Lelieveld en Koen de Winter ontwikkelden efficiënte, rechthoekige en stapelbare kampeerserviezen en bewaardozen. Paars, oranje, geel en bruin waren toen de populaire kleuren.

4. Wulps en calvinistisch

Typisch Belgisch toch, deze wulpse lamp? En dat strakke zitmeubel van kale buizen, tuigleer en functionele lamp, dat moet wel een Nederlands ontwerp zijn. Deze ontwerpen vegen de vloer aan met alle clichés die er bestaan over calvinistische Hollanders en bourgondische Belgen. De lamp (2014) is van de Nederlandse ontwerpers Wieki Somers en Dylan van den Berg. Hun zuiderburen Hannes van Severen en Fien Muller ontwierpen in 2012 dit meubel.

5. Hippe schoenen

Nederland en België hebben allebei beroemde mode-ontwerpers. Ze figureren ook op deze tentoonstelling, onder meer met deze opvallende schoenen. Wat betreft draagbaarheid lijkt de 'hoefschoen' (1989) links van de Belg Martin Margiela het te winnen van 'The iron lady' van (1994) van Jan Jansen. Maar volgens de Amsterdamse schoenenontwerper loopt deze extravagante schoen heerlijk, door het triplex voetbed en het stevige metalen onderstel.

Zijn Nederlandse ontwerpers altijd beter geweest dan hun Belgische collega's? Mooi niet. Ze hebben wel de naam, maar dat is te danken aan de Belgische bescheidenheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden