Geliefde van vele dichters

De kunstredactie van Trouw vraagt musea een bijzonder werk uit het depot te halen dat nooit of lange tijd niet te zien was voor het publiek. In deze aflevering de keuze van Aad Meinderts, directeur van het Letterkundig Museum in Den Haag.

Een reeks geliefden heeft deze vrouw gehad. Op haar lijstje van veroveringen staan vooral dichters en schrijvers. Om een paar bekende namen te noemen: A. den Doolaard, J. W. F. Werumeus Buning, C. J. Kelk en J. Slauerhoff. Maar lang hielden de relaties van Darja Collin - zo heet ze - nooit stand. Daarvoor was ze te wispelturig en vrijgevochten.

In de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw werd van vrouwen verwacht dat ze zich wegcijferden in een relatie. Maar dat was wel het laatste waar deze balletdanseres met een eigen balletschool zin in had. Mannen vond ze leuk, vooral exemplaren met aanzien en geld, zolang ze zich niet bemoeiden met haar leven of haar vrijheden probeerden in te perken.

Dit geschilderde portret van Maria Louisa Frederika (Darja) Collin (Amsterdam,1902 - Florence,1967) was nog nooit te zien voor het publiek. Decennia hing het in een woning. Onlangs kreeg directeur Aad Meinderts van het Letterkundig Museum het aangeboden.

De eigenares, mevrouw Coppoolse, vond dat het schilderij het beste past in dit museum, omdat Darja getrouwd is geweest met de schrijver en dichter Jan Slauerhoff. Meinderts: "Diens complete archief hebben we onlangs aangekocht met steun van diverse fondsen, waaronder de Breslauer Foundation en het Mondriaan Fonds. Het portret van Darja is daarop een mooie aanvulling, omdat ze een rol heeft gespeeld in het leven van één van onze belangrijkste dichters. Het probleem is alleen dat we het geen plek kunnen geven in onze Nationale Schrijversgalerij, omdat ze geen schrijver is. Maar het is ook niet de bedoeling dat het ongezien in het depot blijft. Er is ook zo'n mooi verhaal over te vertellen, dat ik deze serie in Trouw aangrijp om er een hele muur voor vrij te maken in het museum." Behalve dit schilderij is daar de komende weken ook een selectie te zien uit de twintig foto's van Darja Collin, die bij deze schenking horen.

Opvallend op dit portret zijn de spitse voetjes van Darja. Ze duiken vaker op op schilderijen van de Oostenrijkse kunstenaar Adolf Pirsch, die heel veel vrouwen in deze bestudeerde pose heeft afgebeeld, vaak ook in soortgelijke kleurstellingen. En altijd met puntige voeten en smalle armen, handen en vingers. Dat was zijn handelsmerk.

Darja Collin was een Nederlandse balletdanseres en lerares in klassiek ballet. Vooral in de jaren twintig en dertig had ze succes, ook met een rol in de film 'Het mysterie van de Mondscheinsonate', waarin ze te zien was als danspartner van Egon Karter. Haar opvallende verschijning en sterallures leverden haar bijnamen op als 'de Mata Hari van de dans' en 'maangodin'.

De laatste kreeg ze van schilder Christiaan de Moor, één van haar geliefdes. De Moor heeft haar ook geschilderd, dansend en met blote borsten. Van dit schilderij bestaat alleen nog een foto.

Het verhaal gaat dat Jan Slauerhoff zo jaloers was dat hij het schilderij heeft vernietigd. Hij kon het niet verdragen dat anderen zijn vrouw naakt hadden gezien. Hij maakte daar zelfs een gedicht over (zie kader). Meinderts: "Ook gaat het verhaal dat hij rommelde met de toneellichten, als ze moest optreden. Zodat het publiek haar minder goed kon zien."

Jan Slauerhoff en Darja Collin ontmoetten elkaar in het voorjaar van 1930, waarschijnlijk in het schrijverscircuit waar Darja graag kwam. Ze bewoog zich bovendien in societykringen, op zoek naar weldoeners voor zichzelf en haar balletschool, want ze kon niet met geld omgaan.

Een paar maanden na hun ontmoeting trouwden ze, maar het huwelijk werd na 4,5 jaar ontbonden. Dat was eigenlijk best nog lang, want gemiddeld duurden Darja's relaties maar een paar maanden. Zoals die met A. den Doolaard, die over haar schreef dat ze 'evenmin als water' was vast te houden. De schrijver typeerde haar als een 'een ongrijpbaar natuurverschijnsel, een bergbeek bij zijn oorsprong, stralend in speelse buitelingen'.

Schrijver en dichter Jan Slauerhoff (1898-1936) had geneeskunde gestudeerd, maar voor een eigen praktijk was hij te rusteloos. Hij monsterde aan als scheepsarts. Zijn dichtbundels en romans spelen zich vaak af in de exotische oorden die hij bezocht. Vanaf 1929 was hij weer langer in Nederland, waar hij enige tijd werkte in een kliniek voor dermatologie en geslachtsziekten.

Slauerhoff had een zwakke gezondheid en leed aan astma. Toen hij na zijn huwelijk met Darja weer ziek werd, vertrok hij in 1931 naar Merano in Italië om te gaan kuren. Zijn vrouw volgde hem in 1932, zodat ze samen de geboorte van hun eerste kind konden meemaken. De baby werd dood geboren. Het was een jongen die ze naar hen beiden hebben vernoemd: Juan Darito.

De dood van hun kind veroorzaakte een zware depressie bij Slauerhoff. Darja leek er minder onder gebukt te gaan. Meinderts: "Een zus van Slauerhoff vertelde dat ze er niet zo rouwig om was, omdat een baby haar danscarrière zou hebben gedwarsboomd. Ook deed de roddel de ronde dat ze, toen ze opnieuw zwanger raakte, abortus liet plegen. Of het verhaal waar is weten we niet, maar het geeft wel aan hoe belangrijk ze haar dansloopbaan vond."

Of dit de reden was voor het stuklopen van het huwelijk is niet bekend. Ook de financiële problemen van Darja hebben misschien tot een verwijdering geleid. Darja had een gat in haar hand, terwijl Slauerhoff heel zuinig was. Hij betaalde ook de rekeningen van haar balletschool. Meinderts: "Het waren twee wispelturige en rusteloze karakters bij elkaar, dat botste. Zij was helemaal gericht op haar danscarrière. Slauerhoff leefde compromisloos voor zijn literaire werk en had voortdurend de drang verre reizen te maken. Hij wilde zich eigenlijk nergens vestigen. Dat proef je ook uit een van zijn beroemdste dichtregels: 'Alleen in mijn gedichten kan ik wonen, / Nooit vond ik ergens anders onderdak'

De perioden van ziekte werden langer, en daar heeft het huwelijk waarschijnlijk ook onder geleden. Op 5 oktober 1936 stierf Slauerhoff aan tuberculose, kort na zijn 38ste verjaardag en drie maanden na de publicatie van zijn laatste dichtbundel, 'Een eerlijk zeemansgraf'.

En Darja Collin? Zij bleef tot op hoge leeftijd dansen.

Wie nog dorst naadren
Jan Slauerhoff was zo jaloers dat hij niet kon verdragen dat anderen zijn geliefde Darja ooit naakt hadden gezien. Dat blijkt ook uit dit gedicht:

Ik heb een bitter leed: ik ben niet de eerste,

Neen, velen zijn vóór mij gekomen

En vonden haar en hebben 't allerteerste

Zonder verweer in hun bezit genomen

Ik heb een zoete troost: ik ben de laatste.

Wie nog dorst naadren werd door mij vernield;

Ja, zelfs de spiegel die haar lijf weerkaatste

Brak ik: 't kon zijn dat hij haar beeld behield

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden