Geld, spierballen en romantiek

Ruim 25 jaar fotografeert Freek van Arkel de Rotterdamse haven. 'Kom, verbaas je nog eens, houd ik mezelf soms voor als ik daar ben', zegt hij. Een selectie van zijn werk verschijnt nu in boekvorm.

Overalls die je met een touwtje rond het middel vastknoopt zie je in de haven van Rotterdam niet meer. Ze zijn vervangen door uniformen van onbrandbare stoffen, helmen en zwemvesten. "De goede oude stukgoedarbeider is veranderd in een man met een joystick", zegt Freek van Arkel, die al meer dan 25 jaar de Rotterdamse haven fotografeert én koestert.

De haven is bijzonder. Zakelijkheid, nostalgie en romantiek vechten om voorrang. De haven is het toneel van een keihard gevecht om de pegels. In de haven wordt het geld verdiend voor heel Nederland, zeggen Rotterdammers onbescheiden. En hoewel de crisis de haven niet ongemoeid laat, zijn de cijfers tot dusver 'zwart' gebleven. Er is nog steeds sprake van lichte groei.

Tegelijkertijd heeft de haven een vleugje romantiek behouden. Dat komt door de najaarsstormen die tegen de kaden beuken, door de ijsbrekers in strenge winters, de nevel in het najaar met alleen wat vogelgeluiden. Altijd zijn er de havenwerkers, van wie de (groot)ouders onder veel moeilijker omstandigheden Rotterdam tot bloei brachten. De havenwerkers van nu hebben nog steeds spierballen, al worden die vaker in de sportschool en minder in de haast optimaal geautomatiseerde haven gevormd.

De ontwikkelingen in het meer dan veertig kilometer lange haventraject gaan zo snel dat het je soms duizelt. "Als je er twee maanden niet bent geweest, weet je niet wat je meemaakt", ervaart fotograaf Van Arkel. "Dan zie je ineens een nieuw windmolenpark, of je denkt: 'Hee, waar zijn ze in de verte mee bezig'. De havens zijn landschappelijk, dynamisch, een 24-uurs economie. Nooit stoppen de ontwikkelingen, ze gaan altijd door, dag en nacht, jaar in, jaar uit."

Er was een tijd dat Freek van Arkel er haast van overtuigd was dat de automatisering de nekslag zou betekenen voor de haven. "Daar komt enorme werkloosheid van, redeneerde ik en met mij veel anderen. Maar als je ziet wat er bereikt is! Wat er wordt aangevoerd in deze haven. Er heeft natuurlijk een enorme schaalvergroting plaatsgevonden. En dan zie ik een container die gevuld is met bijvoorbeeld duizenden kikkerbillen. Of met duizend linkersportschoenen. Let wel, linker-, want als de rechterschoenen in dezelfde container zouden zitten, heb je bij diefstal meteen een setje."

Rotterdam is al lang niet meer de grootste haven van de wereld. Havens als die van Shanghai en Singapore streefden haar voorbij. In Europa voert Rotterdam stevig de boventoon. Het maakt de Rotterdammer geen snars uit. Hij is trots op 'zijn' haven, de kademuren, de bruggen en tunnels, de kranen waaraan nooit een tekort lijkt, de tijdelijke landschappen, de reusachtige container- en andere schepen met lengtes van soms wel bijna vierhonderd meter, de schare opslagtanks.

Musicus en Rotterdammer Jaap Valkhoff (1910 - 1992) zong al eens een lied dat in het bijzonder in havencafés populair is gebleven:

'Ik zie de haven al

Lichtjes flonkeren van verre

Zij schijnen op de stad

Waar ik ter wereld kwam'

Geboren Rotterdammer als hij is begrijpt Freek van Arkel waarom mensen van de haven houden. "Die haven is van jou, van mij, van iedereen', vindt hij. "Het is een groots en meeslepend gebeuren. Een bijzonder toneelstuk. Als ik in het havengebied kom, ben ik bijzonder gelukkig. Als fotograaf ben je toch een representant van het publiek, de burger. Ik wil anderen laten zien hoe het hier is. Plekken waar zij zelf niet makkelijk kunnen komen. Het oude gevoel van de haven is niet helemaal verloren. Als je met de roeiers het water op gaat, de mannen die trossen los- en vastmaken, zie je de oude tijd. Zulke kleine boten bij die bakbeesten, die steeds maar groter worden."

Maar denk nou niet dat in of met de haven alles koek en ei is. Rotterdammers mogen hun domein nog zo beminnen en fier uitdragen, vraag is toch of de liefde wederzijds is. Houden de havenbedrijven, de groot-geldverdieners, wel van hun stad, de mensen daar? Geeft de haven de Rotterdammer wel eens iets extra terug?

Freek van Arkel worstelt soms, beroepsmatig, met zulke vragen. "In het verleden was er veelal geen belemmering om in de haven te fotograferen. Je bleef op een bedrijfsterrein zolang je nodig had. Wat ik merk is dat het vertrouwen minder is geworden. Nu gaat er een communicatiemedewerker met je mee die je een uur de tijd geeft. Want, zegt zo iemand: 'Daarna heb ik een meeting'. Als ik daarop antwoord dat ik onderwijl kan blijven fotograferen, is het antwoord 'nee'. Dat vind ik jammer. Er is niets stiekems aan foto's. Je legt iets vast. Het is cultuur. Je wilt deze en volgende generaties laten zien wat de haven is en vooral de betekenis ervan voor Rotterdam."

Report Rotterdam. 25 jaar havenfotografie, Freek van Arkel, met teksten van Dirk van Weelden, ligt vanaf morgen in de boekhandel en is te bestellen bij de uitgever www.F2publishing.com (42,50 euro).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden