Geheime dienst schuurt langs randen van de wet

Toezichthouder concludeert dat er geen sprake is van 'NSA-achtige toestanden'

De vraag hing sinds de onthullingen van klokkenluider Edward Snowden in de lucht: verzamelen de Nederlandse geheime diensten net als hun Amerikaanse collega's via allerlei internetachterdeurtjes illegaal talloze persoonsgegevens? De CTIVD, toezichthouder op de diensten, concludeerde gisteren dat van grootschalige NSA-achtige toestanden in Nederland geen sprake is. Maar de AIVD en MIVD overtreden wel de wet bij het verzamelen van informatie.

Zo hacken de inlichtingendiensten computersystemen op een manier die lijkt op het verzamelen van data via internetkabels - en dat mag niet zomaar. Datzelfde geldt voor de inzet van 'menselijke bronnen': agenten die informatie verzamelen. Daarvoor moet de verantwoordelijk minister vooraf toestemming geven en dat gebeurt niet altijd.

Bovendien zet de CTIVD vraagtekens bij de nauwe samenwerking met buitenlandse geheime diensten. De AIVD en MIVD vertrouwen er daarbij op dat die samenwerkingspartners mensenrechten respecteren en handelen binnen hun eigen nationale wetgeving. Maar door de onthullingen van Snowden vraagt de CTIVD zich af of dat vertrouwen nog altijd op zijn plaats is. Met andere woorden: is die nauwe samenwerking met de Amerikanen nog steeds terecht?

De CTIVD vindt verder dat het handelen van de inlichtingendiensten niet altijd genoeg bescherming biedt voor de 'persoonlijke levenssfeer' van mensen. Dat is deels ingegeven doordat de wet uit 2002 waar de diensten zich op baseren, niet altijd meer toereikend is. Technologische ontwikkelingen hebben de wet ingehaald. Omdat richtlijnen voor nieuwe media ontbreken, interpreteren inlichtingendiensten de wet ruimer dan in 2002 bedoeld. Strikt genomen overtreden de diensten die wet niet, maar dat betekent niet dat de privacy voldoende gewaarborgd is.

Opvallend genoeg zal een verruiming van de wet nog even op zich laten wachten. In december adviseerde de commissie-Dessens dat de wet gemoderniseerd moest worden. Nu zo'n 90 procent van het communicatieverkeer via de kabel verloopt, moeten diensten de bevoegdheid krijgen om kabeldata te onderscheppen. Dat mag nu nog niet.

Dat leek een welkom advies, maar het kabinet heeft hierover nog geen besluit genomen, schreef minister Plasterk van binnenlandse zaken gisteren aan de Tweede Kamer. Er wordt nog onderzocht hoe de wet aangepast kan worden aan de technologische ontwikkelingen, zonder dat de privacy van burgers wordt geschaad, aldus Plasterk.

Prettige conclusie
De reacties in de Tweede Kamer op het rapport over de geheime diensten variëren van verontwaardigd tot gelaten. SP en D66 zien hun vermoedens bevestigd in de wetsovertredingen die de toezichthouder, de CTIVD, constateert. "De minister heeft ons bezworen dat de diensten altijd binnen de wet handelen", zegt D66-Kamerlid Gerard Schouw. "Nu blijkt dat dat niet altijd gebeurt." Ook GroenLinks maakt zich zorgen. "Als veiligheidsdiensten buiten de democratische controle om zichzelf bevoegdheden toeëigenen, dan hol je de rechtstaat uit en komt de privacy van mensen in gevaar", aldus Linda Voortman.

Milder klinkt het in coalitiekringen. PvdA-Kamerlid Jeroen Recourt zegt "niet gealarmeerd" te zijn en ziet het rapport als middel om de diensten scherp te houden. VVD'er Klaas Dijkhoff spreekt van een "prettige conclusie" omdat er geen misstanden of "NSA-praktijken" aan het licht zijn gekomen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden