'Gehandicapte kinderen kwamen hier niet buiten'

JUDIT NEURINK

KHANAQIN, AL KOSJ - Hoeveel geld er precies in kleinschalige hulp omgaat, is niet bekend. Wat het zeker oplevert, is voldoening voor gever en ontvanger, zo blijkt uit twee voorbeelden uit Irak.

"Nederland kan bij ons niet meer stuk", zegt Nasrin Delewi. Sinds haar terugkeer naar Irak in 2005 zet ze zich in voor de gehandicapten in haar woonplaats Khanaqin - met financiële hulp van een bevriend Nederlands echtpaar. Tijdens hun asielperiode ontmoetten Nasrin en Hiwa Delewi het echtpaar Ada en Jan Knijnenburg. Zij hielpen hen de juiste zorg te vinden voor hun gehandicapte zoon Hastiar, ook toen die met hen mee terugging naar Irak. Een samenwerking was geboren, die ver uitsteeg boven hun vriendschap.

Deze goede zorg inspireerde Nasrin Delewi om in Khanaqin, haar Koerdische woonplaats op Iraaks grondgebied, een centrum voor gehandicapten op te zetten. Met hulp van de Amerikaanse organisatie Mercy Corps zette ze de eerste stappen. Er kwam een pand, maar de Amerikanen eisten dat voor de inrichting mede-financiers werden gevonden.

De Nederlandse vrienden kwamen in actie en zetten in Nederland een stichting op. De afgelopen zeven jaar is in totaal ruim een half miljoen euro in het centrum gestoken. Daar staan nu zo'n 4500 gehandicapten ingeschreven die medicijnen en hulpgoederen krijgen, en zijn er doorlopend activiteiten. Maar Nasrin Delewi deed nog veel meer: ze wist gehandicapten uit het verdomhoekje van de Iraakse schaamtecultuur te halen. "Ik ging van deur tot deur om te vragen of er gehandicapten woonden", vertelt ze. "Sommige ouders schamen zich zo dat ze niet erkennen dat ze een gehandicapt kind hebben."

Daardoor kwamen de kinderen nauwelijks buiten, laat staan dat ze naar school gingen. En dat terwijl de regio relatief hard getroffen is: oorlogen, gebruik van gifgas, en huwelijken tussen neven en nichten leiden tot een hoog percentage gehandicapten. Bovendien weigeren sommige echtparen in de dorpen hun kinderen te laten vaccineren. "Ik ken paren die alleen maar gehandicapte kinderen hebben, soms zelfs wel zes", vertelt Nasrin Delewi. "Er is geen voorlichting, ze weten niet dat ze met hun genencombinatie nooit een gezond kind zullen krijgen."

Het centrum levert rolstoelen aan kinderen en volwassenen. "In het begin schaamde men zich om met de rolstoel naar buiten te gaan. Gehandicapten werden uitgescholden en uitgelachen. En scholen lieten hen niet toe. Toen namen we kinderen in de rolstoel mee naar buiten, zodat mensen eraan gewend raakten. We maakten een toneelstuk over het probleem. Dat hielp. Nu accepteren de scholen hen ook."

Inmiddels is de stichting in Nederland begonnen de steun af te bouwen. "Er is geld in Koerdistan", zegt Ada Knijnenburg. "Het is tijd dat het ter plaatse wordt overgenomen." Ze rekent erop dat Nasrin Delewi dit als vooraanstaand lid van de PUK, de tweede partij in Koerdistan, voor elkaar kan krijgen.

Een laatste project moet helpen de pijn te verzachten, en het centrum inkomsten te verschaffen. Met steun uit Nederland is de Tulip Bazaar opgezet, een groepje winkels in Khanaqin. Hier moeten gehandicapten aan het werk, om hun een menswaardiger bestaan te bieden, zegt Ada Knijnenburg. De winkels zijn tijdens hun laatste bezoek aan Khanaqin feestelijk geopend, in aanwezigheid van hoge Koerdische politici. Maar een paar maanden later staan ze nog steeds leeg bij gebrek aan geld voor voorraden. Diezelfde politici laten het nu afweten; Nasrin Delewi's pogingen om elders geld te vinden hebben nog niets opgeleverd. Ze loopt aan tegen de cultuur van beloven en toch niet doen, vertelt ze. "Ze moeten er met z'n allen hard tegenaan."

Hulp
Hoeveel verschil een gift van 750 euro in Irak kan maken, blijkt uit het verhaal van Jalal (55) uit het christelijke plaatsje Al Kosj in de Iraakse provincie Nineveh. Jalal vluchtte in 2011 met zijn vrouw Haifa en vier kinderen uit Mosoel, nadat hij als bewaker van een kerk ernstig was bedreigd. Dankzij een artikel in Trouw kregen ze hulp van de Nederlandse Ellen MacGillavry. Ze spaart jaarlijks een bedrag van haar AOW waarmee ze mensen als Jalal helpt. Die opende een verfwinkel en begon een bedrijfje als huisschilder. Via de Chaldese kerk huurt hij voor 300 dollar per jaar een winkel in de oude bazaar. Na een jaar was hij al toe aan een grotere winkel. "Ik kan nu mijn gezin vrijwel helemaal zelf onderhouden."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden