Gefeliciteerd met uw vertrek uit de politiek

De uitspraak van de week, misschien wel van het jaar, komt op naam van de geliefde van Simon Vinkenoog. Zij en Simon waren afgelopen donderdag in Den Haag op de afscheidsreceptie van Jan Greijn, ruim vijf jaar onze man op het Binnenhof van de radiorubriek Met het oog op morgen. Greijn houdt de politiek en de journalistiek voor gezien. Hij wordt voorlichter en wil zich serieuzer wijden aan zijn grote passie, het componeren van gedichten. Vinkenoog was gevraagd om hem welkom te heten in de Republiek der Letteren. De dichter deed dat met een mimiek en een retoriek die in politiek Den Haag, zo bleek snel, niet meer worden verstaan. Na een paar minuten al werd de gedreven dichter bijna overstemd door het geroezemoes van de aanwezige politici, journalisten en voorlichters, tot ontsteltenis van mevrouw Vinkenoog, die met armgebaren de receptiegangers tot stilte poogde te bewegen. Dit was geheel vergeefs. Den Haag begreep niet wat ze met de dichter aan moest en murmelde, zoals gewoonte is op Haagse recepties, liever door over de laatste nieuwtjes; de dichter en zijn vrouw begrepen niets van het politieke gezelschap. De vervreemding was volledig.

Nadat Simon was uitgesproken, stapte zijn geliefde, de geschoktheid nog op haar gelaat, op Greijn af, drukte hem innig de hand en zei: 'Gefeliciteerd met uw vertrek uit de politiek. Ze kunnen hier niet eens luisteren.'

De opmerking verdient een nagalm, omdat zij iets zegt over de verstoorde verbindingen tussen de politiek en de samenleving. Wakend voor overdrijving moet worden vastgesteld dat de macht die niet meer wordt geraakt door de muzen en zelfs geen blijk meer geeft van nieuwsgierigheid, laat staan verwondering, in armzalige staat verkeert. Zij is losgezongen van de buitenwereld in de ruimste zin en maakt, in de eigen alledaagse besognes verwikkeld, een autistische indruk. De geschoktheid van mevrouw Vinkenoog over de ontmoeting met de politieke elite van dit land moet vermoedelijk op die ontdekking worden teruggevoerd. Want het is duidelijk dat hier een veel wezenlijker verbinding in het geding is dan de veelbesproken afstand tussen kiezers en gekozenen.

In de tijd dat die afstand in termen van maatschappelijke status groot was en burgers tegen ministers nog Excellentie zeiden, waren de politieke stromingen cultureel stevig ingebed. De kiezers kenden hun vertegenwoordigers in Den Haag; de kamerleden en ministers kenden hun kiezers. Zij spraken dezelfde taal, met inbegrip van de culturele of religieuze symbolen en retoriek die de communicatie vergemakkelijkte. De receptie van Greijn maakte op pijnlijke wijze duidelijk hoe vervreemd en vereenzaamd politici zijn geraakt. Vinkenoog was slechts een hinderlijke stoorzender op een bijeenkomst die in Den Haag vooral als functioneel wordt beschouwd en die functionaliteit ontleent aan de omstandigheid dat je nog eens wat mensen tegenkomt.

Dat proces van vervreemding heeft zich in betrekkelijk korte tijd voltrokken. Het is ondenkbaar dat figuren als Joop den Uyl en Anne Vondeling net zo onverschillig op Menno ter Braak of Herman Gorter hadden gereageerd als hun partijgenoot Willem Vermeend, onze minister van sociale zaken, afgelopen donderdag op Simon Vinkenoog. Van vervreemding naar misverstand is maar een kleine stap zoals een recent voorval in Bazel leerde, waar de politie een componist van zijn bed lichtte en drie uur lang verhoorde vanwege diens uitspraak 'dat alle operahuizen moeten worden opgeblazen'. De vrolijkheid over deze geschiedenis slaat snel om in ongerustheid nu de regering het nodig oordeelt de islamitische kerken en scholen binnen te gaan om de kwaliteit van het godsdienstonderwijs te controleren. Als Vinkenoog al niet wordt verstaan, zal dan de imam worden begrepen?

In dat licht is het eerder zorgelijk dan spannend dat onze politici in Den Haag geen idee, maar dan ook geen flauw idee hebben hoe de gemeenteraadsverkiezingen van komende woensdag zullen uitpakken. Iedere politicus die ik de afgelopen dagen deze vraag stelde, hief zijn armen ten hemel of verviel in een ongewoon lang zwijgen. De politici kennen de kiezers niet meer en het omgekeerde is al evenzeer waar. Veel kiezers, meer dan ooit lijkt het, weten niet op welke partij ze gaan stemmen en, vaak ook daarom, óf ze wel gaan stemmen. Zij die van goede wil zijn en misschien, zoals mijn collega Willem Breedveld, op de verkiezingsdag gebak in huis halen om het feest van de democratie te vieren, vragen zich vaak in vertwijfeling af op welke partij ze in vredesnaam 'moeten stemmen'.

In de afgelopen jaren wees onderzoek naar het fenomeen van de zwevende kiezer telkens uit dat burgers niet zozeer zweefden als wel aarzelden tussen twee partijen die in het politieke spectrum doorgaans dicht tegen elkaar aan lagen. Nu lijkt de kiezer in zijn keuzemogelijkheden het gehele spectrum te betrekken. Het is al helemaal niet ongewoon meer dat mensen twijfelen tussen Femke Halsema van GroenLinks en Jan Peter Balkenende van het CDA.

Het kan niet anders of de ongekende samenleving en de ongekende politiek zullen naar nieuwe vormen moeten zoeken om de verbindingen weer tot stand te brengen. De benauwde vraag is evenwel of de politiek niet zo autistisch is geworden dat ze de urgentie helemaal niet voelt. Gelukkig heeft Jan Greijn met zijn dwarse afscheidsreceptie nog iets van betekenis nagelaten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden